Christus tot een voorbeeld (10): doen wat je belooft
Die zegt dat hij in Hem blijft, die moet ook zelf alzo wandelen gelijk Hij gewandeld heeft, luidt de opdracht van Johannes (1 Joh. 2:6). In de vorige Daniël zagen we hoe de Heere Jezus Zijn discipelen voorbereidt op Zijn heengaan naar het Vaderhuis om daar voor hen de plaats te bereiden (Joh. 14: ...
Christus tot een voorbeeld (9): vreemdelingschap
Die zegt dat hij in Hem blijft, die moet ook zelf alzo wandelen gelijk Hij gewandeld heeft, luidt de opdracht van Johannes (1 Joh. 2:6). De vorige keer ging het over de richting waarin een lijdende christen moet kijken. Net als de overste Leidsman en Voleinder des geloofs moeten Gods kinderen naa ...
De minste zijn
Opnieuw staan we stil bij de opdracht die Johannes in zijn eerste zendbrief geeft: Die zegt dat hij in Hem blijft, die moet ook zelf alzo wandelen gelijk Hij gewandeld heeft (1 Joh. 2:6). Deze keer gaat het over onze levenshouding. De apostel Paulus benadrukt in het tweede hoofdstuk van de brief ...
“Er staat geschreven…”
Twee keer hebben we inmiddels stilgestaan bij de opdracht die al Gods kinderen krijgen, namelijk om te leven tot eer van de Heere. We hebben gezien dat de apostel Johannes heel concreet aangeeft ‘hoe’ dat moet: Die zegt dat hij in Hem blijft, die moet ook zelf alzo wandelen gelijk Hij gewandeld h ...
Christus tot een Voorbeeld (2)
De vorige keer hebben we stilgestaan bij de opdracht die al Gods kinderen krijgen, namelijk om te leven tot eer van de Heere. Wil je weten hoe dat moet? Johannes geeft het antwoord in 1 Johannes 2 vers 6: Die zegt dat hij in Hem blijft, die moet ook zelf alzo wandelen gelijk Hij gewandeld heeft. ...
Christus tot een Voorbeeld (1)
“Neem een voorbeeld aan je buurman!” We herkennen dat wel van vroeger. Je gedrag werd gespiegeld aan het gedrag van een klasgenoot of huisgenoot. Paulus noemt zichzelf ook tot een voorbeeld. Wees mijn navolgers, schrijft hij. En Paulus had ook weer Iemand tot een voorbeeld, zijn Leermeester Chris ...
De hemelse Advocaat
De vorige keer lazen we dat Johannes Gods kinderen nadrukkelijk erop wijst om niet te zondigen. Nu denk je wellicht: maar als ik dan toch in zonden val? Ben ik dan geen kind van God? Je ervaart een strijd om het goede te doen. Maar zo vaak ligt het kwade je bij… Hoe moet het dan verder met je? Jo ...
Zondig niet!
De vorige keer hebben we het eerste hoofdstuk van Johannes’ brief afgesloten. Nu volgt het tweede. Opvallend is dat Johannes dit hoofdstuk begint met een welgemeende oproep om niet te zondigen. Mijne kinderkens, ik schrijf u deze dingen, opdat gij niet zondigt (1 Joh. 2:1). Hij zegt eigenlijk: “M ...
Hij is rechtvaardig…
De vorige keer hebben we gezien dat de zonden erkend en beleden moeten worden. Belijden van zonden, dat is je hart ‘uitgieten’ voor de Heere. Zoals David dat deed in Psalm 32:‘k Bekend’, o HEER, aan U oprecht mijn zonden;
‘k Verborg geen kwaad, dat in mij werd gevonden;
Maar ik bel ...
Kennen van onze zonden
We zagen eerder dat de ‘dwalende leraren’, die de evangelieboodschap vermengden met opvattingen uit de gnostiek, dachten dat zij inmiddels in staat waren een zondeloos leven te leiden. Daarmee stelden zij zich ook ver boven de ‘gewone’ gemeenteleden. Johannes is scherp in het veroordelen van hun ...