De Farizeƫr is een mens die er zijn kan. Ziet, daar gaat hij, en met eerbied wordt hij door het volk begroet en nagestaard. Een deftig gewaad golft om zijn leden, en zijn gebedsriemen, die hij draagt, zijn breed. In volle bewustheid van zijn vroomheid gaat hij de tempel binnen. Mij kent de wet de ...