HOE EN WANNEER ? (11)
Zijn begeerte ging vooral uit naar de omgang met dezulken die getuigenis konden geven van de grote wonderwerken Gods in het leven van een zondig mens. De kerk stelde hem daarin teleur. Mede onder invloed van zijn tanende dokterspraktijk die, als gevolg van zijn wankele gezondheid, minder floreerde, verhuisde hij in 1831 naar Scherpenzeel, waar hij verbleef tot 1833. Onder deze eenvoudige Gelderse bevolking wist hij door Bijbellezingen aan huis menige ziel te verkwikken en bevorderde in niet geringe mate het gezelschapsleven aldaar. Van kerkelijke zijde was dit niet erg welkom, getuige het verzoek dat hij kreeg — in de vorm van een bedreiging — „voortaan zijn bemoeienissen te beperken tot hetgeen elk rustig lidmaat betaamt en zich te wachten voor alles wat wantrouwen en verdeeldheid in de kerkelijke gemeente zou kunnen wekken." Na in 1833 naar Den Haag te zijn verhuisd trok hij in 1836 op doktersadvies naar Zwitserland. Daar maakte hij kennis met het zondagsschoolwerk, wat de grondslag legde voor de uitbouw daarvan in Nederland.
(Wordt vervolgd)
DE CURSUSSEN
Begin deze maand zijn can alle leden de convocaties met nadere bijzonderheden en toelichtingen verzonden. Ten overvloede zij r.og medegedeeld, dat niet alleen zij, die zich aanvankelijk voor deelname hebben opgegeven, maar ook alle andere belangstellende medewerk(st)ers van harte welkom zijn, de data:5 april Boskoop, 12 april Rotterdam, 19 april Dordrecht en 26 april nogmaals Rotterdam.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 maart 1975
Daniel | 20 Pagina's