De liefelijkheid van Gods huis
et is een droevig teken, als er geen beoefte is naar Gods huis. David zegt eran, als hij de openbare instellingen ods mist: „Gelijk een hert schreeuwt a.ni v.e waLoistroiiioii, a.zo schreeuwt ijn ziel tot U, o God. Mijn ziel dorst aar God, naar de levende God; waneer zal ik ingaan en voor Gods aa ...