De zaaier
De zaaier zaait met gulle band zijn zaden over heel zijn land. Hij werkt op hoop van zegen. Niet ieder zaadje geeft zijn vrucht. De landman is er voor beducht, als 't valt op harde wegen.Door vogels wordt het opgepikt, door doortien wordt 't gewas verstikt. De zaden gaan verloren. Het goed ...
Een Kind is ons geboren
In 't oosten ging het dagen! Een hoopvol morgenrood voor hen die zo lang zagen imar redding uit hun nood. De last otn zelf te dragen was voor hun kracht te groot.Hij is tot ons gekomen als Kind in 't aardse dai Zijn heerlijkheid omnomen. geboren in een stal, gevonden door de vrotnen, zo we ...
De Trooster
De Heil'ge Geest deed hen met vuur verhalen de liefde waarmee God Zijn volk bemint. De vuur'ge tongen deden d' ogen stralen, onthutst, als één die rijke schatten vindt. Hoe konden zij bij zulk een glans verdwalen? Zij werden één door liefde die hen bindt.(M. Nijsse)27/5 Pinksterfees ...
Gedicht: Kerstfeest
Hoe groot dat in de duisternis het grote Licht verschenen is! Wie kon de nacht doorlichten? De satan trok de wereld door, voor hem moest alles zwichten. Hij had Gods schepping aangerand, en zijn banier alom geplant. Hij zou voorgoed regeren ...
Gelijkenissen
O, Heere, maak ons hart bereid, Gij, Die de grote Landman zijt, dat wij Uw zaad ontvangen, om op te wassen tot Uw eer, en vruchten dragen, keer op keer. Dat is ons sterk verlangen.M. Nijsse8/7 De zaaier. Mattheüs 13:3-9, 18-23.9/7 Het onkruid midden in de tarwe. Mattheüs 13:2 ...
Hervorming
I Wij zijn voor 't noodweer in de cel gevlucht en leven verder binnen kloosterwanden; wij laten al wat buiten is verzanden en wennen aan de muffe kille lucht.Al maakt het woelig leven veel gerucht, al is er grote gisting in de landen, wij blijven eng beslote ...
Hervorming
I Wij zijn voor 't noodweer in de cel gevlucht en leven verder binnen kloosterwanden; wij laten al wat buiten is verzanden en wennen aan de muffe kille lucht.Al maakt het woelig leven veel gerucht, al is er grote gisting in de landen, wij blijven eng beslote ...
De moederbelofte
1 Gods schone schepping werd door ons ontluisterd, wij hoorden naar de eerste leugenaar, die door de slang met sluwheid had gefluisterd: Wat God tot u gezegd heeft is niet waar.Wij namen, aten.... alles werd verduisterd. De wereld was niet vredig meer en kla ...
Watersnood 1 februari 1953
Wij voelden ons zo veilig achter dijken, zo knus en rustig op het lage land - waarop zo vredig onze velden prijken - : wat zou ons deren in dit kalm bestand? Het vruchtbaar veld vermocht ons te verrijken, door regen, zon, door arbeid en verstand; ...
Petrus
In de rosse gloed van het oplaaiend vuur
staat hij zich met d'anderen te warmen.
Zijn Meester, gevangen in 't nachtelijk uur,
staat stil met gebonden armen.
Grif praat hij met een opvallend accent
onverschrokken en opgewonden.
Hij zorgt wel dat niemand van hen h ...