De wet des HEEREN is volmaakt. b Het gebod des HEEREN is zuiver. vZo bejubelt koning David de wet van God in Psalm 19. Nee. hij is geen „wettisch man" geweest, die alleen maar kon zeggen: „Dat mag jc niet doen" of: „Dat is verkeerd".Misschien is het juist wel neergeschreven in zijn ...