Ik ben de HEERE, uw God
Je kent de geschiedenis van het gouden kalf nog wel. Israël had gedacht dat Mozes nooit meer van de berg at zou komen. Daarom hadden ze zelf maar een god gemaakt. Toen Mozes eindelijk kwam, was het te laat. En in zijn boosheid en verdriet heeft Mozes de stenen tafelen, die God eigenhandig schreef kapot gesmeten. Maar later had hij tóch weer voor zijn volk gebeden.
En nu klimt Mozes voor de tweede keer de berg Horeb op, want de Heere heeft hem opnieuw bij Zich geroepen. Nog eens schrijft God de tien geboden van Zijn verbond op de stenen tafelen. Ik ben de HEERE, uw God. Gij zult... Nee, de Heere laat Israël na alle zonde niet alleen!
Als Mozes na veertig dagen de berg af komt ligt op zijn gezicht de glans van de nabijheid van de Heere. Nooit had Hij meer van Zichzelf laten zien. Niemand had Hem zó over Zichzelf horen spreken: "HEERE, HEERE, God, barmhartig en genadig, lankmoedig en groot van weldadigheid en waarheid. " Geen wonder dat je de vreugde van Mozes' gezicht kunt aflezen.
Mozes vertelt zijn volk al de geboden van God. Ik ben gij zult. Het is zo eenvoudig. Als Israël Hem liefheeft, Hij voor regen en voedsel zorgen. Als ze de afgoden liever hebben, dan zal Hij de hemel sluiten. Wie zullen ze dienen?
Exodus 33 en 34
Gods verbond met Israël
Deuteronomium 11:13-17
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 februari 2004
Treffer | 20 Pagina's