JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

AANWIJZINGEN VOOR HET GEBRUIK

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

AANWIJZINGEN VOOR HET GEBRUIK

22 minuten leestijd

4e jaargang 2003/2004, nummer 5
Verschijnt 8 keer per jaar
ISSN: 1568-8852

Treffer is bestemd voor leidinggevenden aan +12 en +14 groepen. Het geeft informatie voor het werken met het ledenblad Treffer.

In dit blad treft u aan:
- Aanwijzingen voor het gebruik van de actie-Treffer 'De kerk naar buiten'
- Programmasuggesties
- Toelichting op de actie
- Toelichtingen op de vragen

AANWIJZINGEN VOOR HET GEBRUIK

De actie-Treffer draait altijd mee in de gewone jaargang. Toch is de actie-Treffer anders als andere Treffers. Alleen al omdat hij ter ondersteuning is voor de actie. De actie, die de titel 'de kerk naar buiten' draagt en dit voorjaar gehouden wordt. Deze Treffer wil achtergrondinformatie geven over evangelisatiewerk. Thema's die aan de orde komen zijn het doel en de praktijk van evangelisatie, de bijbelse opdracht tot evangelisatie en de jongere en evangelisatie. Voldoende items dus om een clubavond mee te vullen.

Het is aan te raden om eerst een avond te beleggen om met elkaar inhoudelijk na te denken over het thema evangelisatie. Op deze avond kun je ook de actie aan de tieners introduceren. De daaropvolgende avond(en) kun je besteden aan activiteiten voor de actie. Ideeën hiervoor kun je vinden in de instructiefolder die op de actieinstructieavond is uitgereikt.

Bruikbare thema's zijn:
- Jij en evangelisatie een jongere of een leidinggevende
- In gesprek met andersdenkenden een leidinggevende
- De Kerk naar buiten (actieavond) een leidinggevende

De verschillende werkvormen tref je op de volgende pagina's:
- Stellingen voor beide groepen blz. 5
- Casus voor beide groepen blz. 9
- Stellingen voor beide groepen blz. 11
- Casus voor beide groepen blz. 11
- Vragen voor+14 groepen blz. 12

Zingen: Psalm 9:1,8 en 11, Psalm 22:11, Psalm 31:19, Psalm 119:7 en 45 en Psalm 145 Lezen: Mattheüs 22:1-14, Mattheüs 28:16-20, Lukas 5:27-32, Lukas 14:1-24 en Handelingen 8:26-40

PROGRAMMASUGGESTIES

Doel van de schets
Het doel van deze schets is tweeledig. Enerzijds jongeren in aanraking brengen met het actiethema en anderzijds dieper nadenken over het thema evangelisatie. Evangelisatie is niet iets van ver weg. Niet alleen op de evangelisatieposten. Maar voor iedere jongere persoonlijk. Bekeerd of onbekeerd is er de verantwoordelijkheid om goed te spreken van de Heere en Zijn dienst. Onze jongeren komen op allerlei plaatsen in aanraking met andersdenkenden. Wat moeten ze dan zeggen en hoe moeten ze dat zeggen. Allerlei thema's die op de club aan de orde kunnen komen.

Intro
In de omgeving van White Chapel in Londen stond eenmaal een kerkgebouw van de Church of England. Aan de buitenkant van de kerk was een stenen preekstoel gemetseld. Als het op het plein voor de kerk marktdag was, beklom de predikant van de gemeente de stenen preekstoel en bracht de boodschap van Gods Woord tot de marktbezoekers, die veelal nooit in de kerk kwamen. Deze wekelijks terugkerende gebeurtenis leek zinloos. Wie heeft er op de markt interesse in de Evangelie-boodschap? Toch waren er altijd wel enkele marktbezoekers die enige tijd luisterden. En soms zag de predikant 's zondags in de kerk bezoekers die - aan hun uiterlijk te zien - niet tot de kerk behoorden. Voor hoeveel mensen zijn zaaiwerk tot zegen is geweest, heeft de dominee nooit geweten. Slechts van één mocht hij het horen. Het was een jongetje van tien jaar. Hij zag er heel armoedig uit. Elke zondagsmiddag zat hij achter in de kerk. Hij was altijd als eerste weg, voordat iemand hem iets kon vragen. Tot de dominee hem ongedacht tegenkwam op de markt. Op de vraag van de dominee: "Waarom kom je toch elke zondag naar de kerk?" was zijn antwoord: "Omdat ik de Heere Jezus heb lief gekregen."

Idee voor de +12 groepen
- Opening
- Lees de intro voor. Deze laat zien dat de kerk naar buiten moet en wat de vruchten daarop mogen zijn. De mogelijkheid bestaat ook om het voorbeeld op pagina 4 en 5 voor te lezen. Dit laat de praktijk van evangelisatie zien.
- Inleiding over evangelisatie. Hiervoor kan een spreker gevraagd worden.
- Pauze
- Bespreek in groepjes een aantal casussen zoals je die in het ledenblad tegenkomt. Laat de groepen plenair terugkomen en bespreek kort wat de knelpunten waren die men tegenkwam in de casussen.
- Sluiting

Idee voor +14 groepen.
- Opening
- Laat één van de jongeren de intro zoals die hierboven beschreven staat voorlezen. Inleiding over evangelisatie; de noodzaak ervan en de betrokkenheid van de jongeren erbij.
- Pauze
- Je kunt de casussen zoals je die in het ledenblad vindt uit laten spelen door de jongeren. Geef daarbij vooraf de aandachtspunten mee die je op pagina zeven van het leidingblad vindt. Houdt bij deze werkvorm de sfeer goed in de gaten. De kans is groot dat de tieners de grens op zullen zoeken. Toch kun je ze met deze werkvorm laten ervaren hoe moeilijk de praktijk is.
- Afronding door leidinggevende waarbij de kern
- Sluiting

Tips:
- Op de actieinstructieavond heb je een sprekerslijst gekregen. Hierop staan evangelisten en mensen van het deputaatschap voor evangelisatie. Deze kun je uitnodigen om een avond over de actie te verzorgen.
- Na overleg met een evangelist bestaat de mogelijkheid om samen met hem te gaan folderen in de omgeving van de evangelisatiepost.
- Bij de Jeugdbond is de presentatie op te vragen die op de actieinstructieavond is vertoond. Deze is met name geschikt voor de +14 groepen.
- Voor de kinderclubs is een diaklankbeeld samengesteld. Deze is ook geschikt voor de +12 groepen. Het klankbeeld is te reserveren bij de Jeugdbond.

TOELICHTING OP DE ACTIE

In ons land neemt de secularisatie toe. Nederland is een zendingsland geworden. De Jeugdbond wil in het voorjaar 2004 aandacht vragen voor het noodzakelijke evangelisatiewerk. Het is belangrijk dat onze jongeren zich bewust worden van de roeping die we als kerk hebben. Wij willen een beroep doen op onze achterban om de uitbreiding van het evangelisatiewerk te steunen! Daarom steunen we het Deputaatschap voor Evangelisatie in Nederland en België met een jeugdactie voor Evangelisatie: 'De kerk naar buiten'.

Doelen jeugdactie 'De kerk naar buiten'
Op het Bondscentrum doen we er alles aan om de 'actiefakkel' te ontsteken en die vervolgens door te geven aan de (jongeren van de) plaatselijke gemeenten. Drie doelen hebben wij voor ogen tijdens de jeugdactie:

1. De bezinning op de verenigingen stimuleren rond de thematiek van de actie: evangelisatie is noodzakelijk!
2. De jongeren stimuleren tot daadwerkelijke inzet door middel van activiteiten en geldinzameling ten bate van het actiedoel.
3. Door de actie, waarbij je samen iets doet, willen wij de onderlinge verbondenheid van jongeren en de betrokkenheid bij het plaatselijke jeugdwerk bevorderen.

Waarvoor wordt het geld verzameld?
De opbrengst van de actie is bestemd voor verschillende deelprojecten:

1. Evangelisatieproject Rotterdam € 150.000,-
Het Woord verdwijnt uit Rotterdam. Ooit stroomden de kerken overvol, maar dat is nu verleden tijd. De grote havenstad is op drift. Evangelisatie is dringend nodig. Om een evangelisatieproject te beginnen, is veel geld nodig. Een groot deel van de actieopbrengst is bedoeld voor de huur en inrichting van een gebouw.

2. Evangelisatieprojecten Alkmaar en Leeuwarden € 60.000,-
ln Alkmaar en Leeuwarden staan evangelisatieposten, maar verbouwingen voor nieuwe evangelisatieactiviteiten zijn dringend nodig. De verbouwingen zijn bedoeld om een inloopen maaltijdproject mogelijk te maken.

3. Doorstart evangelisatiewerk Merksem (België) € 75.000,-
De evangelisatiepost in Merksem bestaat al sinds 1959. Deze post, onder de rook van de grote havenstad Antwerpen, zal over niet al te lange tijd bemand worden door evangelist A. van Setten, die vorig jaar werd benoemd. Het is de bedoeling dat Van Setten een doorstart maakt met het evangelisatiewerk in België. De benoeming van een nieuwe evangelist kost veel geld. Nieuwe evangelisten zullen 'full-time' betaald werken, terwijl andere evangelisten werkten op basis van onkostenvergoeding.

4. Ontwikkelen van evangelisatiemateriaal € 40.000,-
Nieuwe materialen ontwikkelen, bestaand evangelisatiemateriaal uitbreiden: er is nog veel werk te verrichten. Maar het ontwikkelen van evangelisatiemateriaal kost veel geld. Een deel van de opbrengst van de actie is bestemd voor de productie van onder andere CD-rom's met cursusmateriaal over het Oude en Nieuwe Testament.

5. Evangelisatiemateriaal voor jongeren en tieners € 35.000,-
Terwijl sommige ouderen nog wel wat weten van God en Zijn Woord, is de Bijbel voor veel moderne jongeren een onbekend boek. En dat terwijl ook die jongeren en tieners moeten worden bereikt met de boodschap van het Evangelie. Evangelisatiematerialen voor deze doelgroepen ontbreek! en moet dus worden ontwikkeld. En dat kost geld.

6. Toerustingwerk in de gemeenten € 40.000,-
Goede toerusting is belangrijk. Om plaatselijke evangelisatiecommissies die toerusting te kunnen geven, verricht evangelist G. Baan veel werk. Zijn werk bestaat het geven van cursussen aan evangelisatiemedewerkers, het betrekken van gemeenten bij het evangelisatiewerk en het adviseren van plaatselijke evangelisatiecommissie's. Om een tweede medewerker voor alle organisatorische en administratieve taken is dringend behoefte aan financiële steun.

Totaal streefbedrag € 400.000,-

TOELICHTING OP DE VRAGEN

Aanwijzingen bij pagina 3,4 en 5
Op deze pagina's wordt het doel en de praktijk van evangelisatie aan de jongeren uitgelegd. Het doel wordt belicht vanuit de Bijbel. De praktijk wordt uitgelegd aan de hand van een verhaal van een evangelist. Met dit voorbeeld kun je ook de avond beginnen.

Toelichting bij de stellingen
- Nee, evangeliseren is geen 'paarlen voor de zwijnen werpen.' Onze naaste verdient het beste. En dat is de boodschap van Gods Woord. Bij het evangeliseren kun je soms wel het gevoel hebben dat je 'paarlen voor de zwijnen aan het werpen' bent. Als iemand heel grof reageert op een foldertje dat je hem aanbiedt. Of als je iets zegt van het vloeken van een collega en hij vloekt nog een keer. Toch blijft de boodschap voor ons: "Red hen die ten dode gegrepen zijn, wend u niet af van hen die ter slachting wankelen." (Spreuken 24:11)
- Deze stelling is niet helemaal waar. Eigenlijk moeten we zeggen: er moet in het evangelisatiemateriaal niet alleen gesproken worden over de zondeval. De zondeval kan ook een aanknopingspunt zijn om met mensen over te beginnen. ledereen ziet de ellende op deze wereld. Hongersnood, droogte, aardbevingen en oorlogen, we vragen ons allemaal af waarom dit gebeurt. En deze vragen geven ingang tot het spreken over de zondeval. Duidelijk mag zijn dat het daarbij niet mag blijven. In Genesis 3 wordt al gesproken over de komende Zaligmaker. Ook die boodschap moet gebracht worden. Ook is het waar dat je niet altijd bij de zondeval hoeft te beginnen. Dat doet Paulus ook niet als hij op de Areopagus staat. Hij sluit aan bij de belevingswereld van de mensen in die tijd en van daaruit maakt hij de toepassing naar Gods Woord.
- Het folderen van evangelisatiefolders is eenvoudig werk. Toch is het gelijk ook van onschatbaar belang. Op deze manier wordt de boodschap in de huizen van de mensen gebracht. Het zou fijn zijn als er twee keer per jaar in de plaats waar de jongeren wonen een evangelisatiefolder op de deurmat valt. Er zijn veel plaatsen waar dit al gebeurt. Met name rond de heilsfeiten worden er speciaal op dat thema afgestemde folders rondgebrachl. Er zijn ook plaatsen waar dit minder noodzakelijk is.
- Nee, de vrucht op het evangelisatiewerk is niet te zien aan het aantal onkerkelijken dat zich bij de kerk voegt. De ervaring heeft geleerd dat het voor een onkerkelijke niet meevalt om zich te voegen bij een bestaande gemeente. Daarom is het beleid van het Deputaatschap voor Evangelisatie meer en meer afgestemd op het maken van inloophuizen en de daarbij behorende samenkomsten. Daarnaast kan een folder of een gesprek er ook toe leiden dat iemand zich bij een andere gemeente voegt. Hij komt dan niet in de gemeente van waaruit de evangelisatieactiviteit heeft plaatsgevonden, maar dat is ook niet het eerste doel. Aan de andere kant zijn er ook voorbeelden bekend van mensen die wel bij de kerkelijke gemeente zijn gekomen. Uit de wereld getrokken en daarna elke zondag naar de kerk. Uiteindelijk is het wel fijn als mensen die in een inloophuis komen of door een folder of gesprek in contact komen met evangelisatiewerk, zich bij een gemeente voegen. De uiteindelijke vrucht op evangelisatiewerk ziet de Heere.

Aanwijzingen bij pagina 6 en 7
Op deze twee pagina's wordt de bijbelse geschiedenis van Levi besproken. Levi werd door de Heere Jezus geroepen uit zijn tolhuis. Getrokken uit de wereld zouden we zeggen. We zien dat Levi al zijn goederen aan de armen gaat uitdelen en hen ook vertelt wat er met hem gebeurt is. Op deze bladzijden staat de geschiedenis van Levi tegenover voorbeelden uit de leefwereld van jongeren. Ze kunnen zo gemakkelijk oordelend praten over iemand die voor het eerst in de kerk komt en er niet zo uitziet zoals ze gewend zijn. De vraag die aan het eind voor de jongere overblijft is of ze zelf een rechtvaardige of een zondaar zijn.

Aanwijzingen bij pagina 8 en 9
Terwijl onze jongeren op een tienerclub komen, is er voor een aantal van hun onkerkelijke leeftijdsgenoten, ook de mogelijkheid om op een tienerclub te komen. Maar dan wel als evangelisatieactiviteit. Er zijn op dit moment ongeveer vijftien gemeenten, die tienerevangelisatie kennen. Deze clubs zitten te springen om werkmateriaal. Daarom is in de actie een post opgenomen waarin geld vrijgemaakt wordt voor tienerevangelisatiemateriaal. Het voorbeeld van Dennis op deze pagina's laat zien dat de praktijk van het evangelisatiewerk weerbarstig is. Toch blijft één ding staan: Dennis heeft de boodschap van Gods Woord gehoord. In Jesaja 55 vers 11 staat: "Alzo zal Mijn woord, dat uit Mijn mond uitgaat, ook zijn, het zal niet ledig tot Mij wederkeren; maar het zal doen, hetgeen Mij behaagt, en het zal voorspoedig zijn in hetgeen, waartoe Ik het zende." De Heere doet met Zijn Woord wat Hem behaagt.

De casus zoals die op pagina 9 staat zal niet voor elke jongere herkenbaar overkomen. Het doel van deze opdracht is om hen na te laten denken over hetgeen ze zeggen tegen onkerkelijke leeftijdsgenoten. Vaak is er iets van schaamte en durven ze niet te zeggen waarom ze bijvoorbeeld niet naar de bioscoop gaan of waarom ze niet op zondag naar een voetbalwedstrijd gaan. Toch is het niet terecht om daarin alle jongeren over één kam te scheren. Er zijn er genoeg die wel op durven komen voor de Heere en Zijn dienst. Die kunnen zeggen: "Want ik schaam mij des Evangelies van Christus niet;" (Romeinen 1:16)

Aanwijzingen bij pagina 10 en 11
Op deze pagina's willen we de jongeren laten zien dat evangelisatie niet alleen iets is van de evangelisten of de evangelisatiecommissies. Ook onze jongeren kunnen evangeliseren. Ze kunnen iets uitstralen van hun christen zijn. Juist in de jongerenwereld wordt veel naar elkaar gekeken. Het valt alleen niet mee om 'anders' te zijn. Het gebeurt regelmatig dat onze jongeren zich op een 'eenzame post' bevinden. En dan te moeten getuigen, daar is wel moed voor nodig! Op de verenigingsavond kun je de jongelui vertellen dat de Heere moed wil geven. Kijk maar naar de berijmde Psalm 31 vers 19: "Hun geeft Hij moed en krachten, Die hopend op Hem wachten." De casus op pagina 11 sluit daar ook op aan. Het is een alledaags voorbeeld wat veel jongeren zich voor kunnen stellen. Bespreek met hen hoe je op een goede manier wat kunt zeggen van het vloeken van de vrouw. Of wanneer je beter niets kunt zeggen. Daarbij kun je eventueel materiaal van de Bond tegen het vloeken gebruiken. Deze casus kun je ook als opdracht laten maken door verschillende groepen. Laat ze een aantal verschillende manieren van reageren met elkaar bespreken.

Toelichting bij de stellingen
- Ja, iedereen moet uit kunnen leggen waarom hij of zij naar de kerk gaat. We leven in een tijd waarin verantwoording afleggen tegenover een ander iets is wat we niet graag doen. Maar juist van ons geloof moeten we verantwoording af kunnen leggen. Hoe belangrijk is het als de kerkgang voor onze jongeren een verlangen geworden is. Dan pas kun je écht vertellen wat het is om naar de kerk te mogen gaan. Om daar de Heere te ontmoeten en te luisteren naar wat Hij te zeggen heeft.
- Als je gaat evangeliseren is het belangrijk om Bijbelkennis te hebben. Zeker omdat er vragen aan je gesteld kunnen worden die Bijbelkennis vereisen. Het is niet zo dat je alles hoeft te weten. Soms kan in een gesprek aangegeven worden dat je iets na moet kijken en daar graag op terug komt. Je moet uiteraard niet de indruk wekken dat je totaal onvoorbereid aan het evangeliseren bent. Wat we vaak vergeten is dat we door onze houding ook kunnen evangeliseren. Dat vraagt dan op dat moment niet veel Bijbelkennis, maar gehoorzaamheid aan de Heere.
- Ja, evangeliseren is een taak van de hele gemeente. Ook jongeren moeten daarbij betrokken worden. Dit kan enerzijds door het folderen, maar ook door gebed, het aanspreken van leeftijdsgenoten en de levenshouding.

Aanwijzingen bij pagina 12
Het gedicht op deze pagina wil laten zien dat Nederland meer en meer afscheid neemt van de Heere en Zijn dienst. Dat laten cijfers, die het Deputaatschap voor Evangelisatie bezit ook zien. In een prognose tot en met 2010 zien we dat de secularisatie toeneemt. De mogelijkheid bestaat om het gedicht, voordat je begint met het bespreken van de vragen op deze pagina, voor te laten lezen door een jongere.

Toelichting op de vragen:
1. De vraag in Psalm 4:7 is: "Velen zeggen: Wie zal ons het goede doen zien?" De overeenkomst tussen de inhoud van het gedicht en de vraag in Psalm 4, is dat de mensen het allemaal hier beneden zoeken. We noemen dat ook wel transcendentieverlies. Dat betekent dat de mensheid, de hand van God in zijn of haar leven zich niet meer voor kan stellen en men rekent niet meer met de Heere. Het vervolg van Psalm 4 vers 7 is mooi om aan de jongelui mee te geven. David bidt vervolgens: "Verhef Gij over ons het licht Uws aanschijns, o HEERE!" Het licht des aanschijns van de Heere, kan het goede doen zien.
2. Er zijn veel mogelijkheden te noemen. Voorbeelden zijn:
- De techniek/computers/ICT
- Filosofie
- Islam/Boeddhisme/Hindoeïsme
- De verstandelijke vermogens van de mens/wetenschap
- Geld
Het kenmerk wat ze allemaal dragen is: geven. Het christendom heeft ook een kenmerk: gegeven worden!
3. Het is erg om te zeggen, maar toch is dit het geval. Ik sprak een tijd geleden een man, die al 45 jaar in de kerk kwam. Hij moest eerlijk bekennen dat hij eigenlijk nooit geloofd had dat de Heere bestond. Eigenlijk moeten we zeggen dat iedereen die nog niet bekeerd is ten diepste niet geloofd dat de Heere bestaat.
4. In Mattheüs 24:14 staat: "En dit Evangelie des Koninkrljks zal In de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis allen volken; en dan zal het einde komen." Als de hele wereld de boodschap van Gods Woord gehoord heeft zal de oordeelsdag komen. Wij mensen willen graag rekenen. Daarom moeten we voorzichtig zijn met het bekijken welke volken op de wereld Gods Woord nog niet gehoord hebben. Toch zijn er zijn nog maar weinig blinde vlekken meer op de wereldkaart. Maar wanneer het einde zal zijn weten we niet. Belangrijkste is dat zowel leidinggevenden en jongeren er zonder verschrikken naartoe kunnen leven.

Aandachtspunten bij het in gesprek gaan met andersdenkenden
- Luister goed en volledig;
- Stel duidelijke en gerichte vragen;
- Wees betrouwbaar en ga vertrouwelijk met informatie om;
- Observeer je gesprekspartner; zodat je merkt dat je wel of niet begrepen wordt;
- Houd rekening met iemands achtergrond, zonder Gods gebod voorbij te gaan (1 Korinthe 9).

Hoe begin je?
Hoe begin je nu in de praktijk een gesprek? Ik herinner me dat ik naast een meisje in de trein zat die een special over Elvis Presley las. Na verloop van tijd stopte ze met een zucht het blad in haar tas. Op dat moment vroeg ik haar: "Was het zo boeiend?". Het antwoord was: "Meneer, hij is alles voor me." En daar was het gesprek geboren. Als je goed op let zijn er vaak meerdere aanknopingspunten te vinden om een gesprek te beginnen. Een bijbels voorbeeld over hoe je een gesprek eventueel kunt beginnen vindt je in Johannes 4. Als de Heere Jezus met de Samaritaanse vrouw praat, begint Hij niet te zeggen: Ik ben de Messias. Nee, Hij vraagt eerst naar water. Dan maakt Hij haar nieuwsgierig naar het levende water. Als zij daar naar vraagt, begint de Heere schijnbaar heel ergens anders over: Roep uw man. En dan komt het gesprek op de zonde in het leven van deze vrouw om zo plaats te maken voor het ware Levende Water.

Waar moet je beginnen?
In een algemeen evangelisatiegesprek komt vaak veel aan de orde. Als je geen echt aanknopingspunt hebt, begin dan vanuit de schepping. De prediking van Paulus: Want ik heb niet voorgenomen iets te weten onder u, dan Jezus Christus, en Dien gekruisigd heeft niet los gestaan van het spreken over God, onze schepper, in Wie wij het leven hebben, en tegen Wie wij hebben gezondigd. Je ziet dit in zijn rede op de Areópagus. Hij begint daar bij de schepping en eindigt bij de wederkomst van Christus, het oordeel en de opstanding der doden. Helder werkt hij toe naar de oproep om zich te bekeren tot God. Een foldertje kan een opstap zijn om over een bepaald onderwerp te beginnen. Het hoeft echter niet. Je kunt bij een bezoeker van een houseparty bijvoorbeeld beginnen met een belangstellende vraag. Zo van: hoe voel jij je nu als je de volgende dag weer thuis bent? Laat door een gerichte vraag je gesprekspartner eens even zelf nadenken, over wat hij doet of zegt voordat je erop in gaat. Al pratend met elkaar kun je dan komen tot het gezaghebbende woord van God. Afhankelijk van de reactie komt er wel of niet een gesprek. Het verloop hiervan is niet van te voren te bepalen. Je kent (soms) de ander niet, weet ook niet hoe er gereageerd gaat worden. Hou wel altijd je doel in ogen, dat is: de ander waarschuwen voor het gevaar van de zonde en hem of haar te brengen bij het Woord van God. Ga het gesprek niet forceren maar stop ermee als het niet gaat. Je zult er misschien een onbevredigend gevoel over krijgen. Maar bedenk dat de Heere maar één woord nodig heeft tot zegen van de ander.

Zeg niet meer dan jezelf weet
Een goede bijbelkennis is bijzonder belangrijk. Het is echter niet vereist, datje een bijbelkennis hebt als een theoloog. Niet het vele is goed maar het goede is veel. Maar het mag niet zo zijn dat je dingen zegt die je niet uit de Bijbel kunt aantonen. Als je praat'over de eis van bekering, dan moetje wel weten waar en hoe de Bijbel hierover spreekt. Het is vaak voor je gesprekspartner meer overtuigend als je het hem of haar zelf kunt laten lezen. Als je, en dan zeg ik dit heel voorzichtig, zelf de kracht van de genade mist, en de troost die er in de Bijbel ligt voor Gods kinderen, maar daar wel naar uitziet, kan op een zeker moment ook jouw gemis in het gesprek blijken. Je hoeft daar uiteraard niet zeif over te beginnen. Breng dat in de eerste plaats bij de Heere. Je mag zeggen: ik ben ervan overtuigd dat het nodig is voor jou, maar net zo goed voor mezelf. Ik verlang er naar om de Heere Jezus te kennen in mijn hart. Zo doe Hij ook aan mij is het mooie slot van Psalm 130 vers 4.

Niet moeilijk ook niet populair
Wees er alert op welke woorden je kiest. Ga er maar van uit dat in veel gevallen de ander niet al te bekend is met de Bijbel of de onder ons gebruikelijke manier van uitdrukken. Thomas Watson zei reeds in de zeventiende eeuw: Weliswaar noemt God Zijn dienaars "gezanten", maarzij moeten zich niet gedragen als de buitenlandse gezanten, die zonder tolk niet te verstaan zijn. Wanneer men zo spreekt, dat men niet begrepen kan worden, is dit onbarmhartigheid tegen de zielen. Dus probeer wat je zeggen wilt zo begrijpelijk mogelijk te zeggen. Maar waak ervoor dat je niet door schiet in een populair praatje over God en Zijn Woord.

Niet snel oordelen
Je komt weleens mensen tegen die in het gesprek zeggen: "Ja maar ik geloof hoor." Vaak heb ik gemerkt dat je dan soms onbewust een antwoord geeft waaruit blijkt dat je hem of haar niet gelooft. Wil je een open en eerlijk gesprek dan moet je dit vermijden. Wat iemand zegt, moet je om te beginnen serieus nemen. Doe je dat niet dan kun je te horen krijgen: "Ja maar u luistert niet want ik zei toch dat ik geloof." Al gauw kom je dan in een twistgesprek dat nergens toe leidt. Wees wel altijd eerlijk.

Wees wel evenwichtig
En als je dan spreekt over het geloof en de kenmerken daarvan doe dit dan wel evenwichtig. Vanuit de gedachte dat de ander alleen maar door het geloof in de Heere Jezus behouden kan worden, is er het gevaar dat we het geloof voorstellen als een daad van ons waarnaar God halsreikend uit ziet. Maak echter duidelijk dat het geloof een gave van God is en dat de zondaar de Heere Jezus gaat aannemen als Zijn Zaligmaker, door dit geschonken geloof. Er is nogal eens verwarring over wat staat in Johannes 1:12 Maar zovelen Hem aangenomen hebben, dien heeft Hij macht gegeven kinderen Gods te worden, [namelijk] die in Zijn Naam geloven. Vers 13 geeft aan waar dit aannemen vandaan komt. Welke niet uit den bloede, noch uit den wil des vleses, noch uit den wil des mans, maar uit God geboren zijn. Daar zie je het evenwicht. Enerzijds Jezus aannemen, anderzijds niet door de wil van de mens, maar door de wil van God. Dat neemt niet weg dat onze naaste gewezen moet worden op de nodiging van het evangelie om het behoud in de Heere Jezus te zoeken. De oproep van Jesaja 45 : 22 zal in een goed gesprek eveneens gehoord moeten worden: Wendt U naar Mij toe, wordt behouden, alle gij einden der aarde! want Ik ben God, en niemand meer. Of Jesaja 55 : 6 en 7.

Afsluiting
Spreek met de ander vanuit het besef dat het de Heilige Geest is die ons wil gebruiken. Soms zijn we zo ijverig zodat het lijkt of het van onze inspanningen moet afhangen. Een te overspannen ijver kan wel eens het gevolg hebben dat we de ander van ons afstoten. Niet alleen het gesprek maar ook ons leven zou moeten zijn een uitnodiging om de Heere te zoeken. Dan spreken we en leven we zoals de dichter van Psalm 119 vers 7:
'k Heb and'ren al de rechten van Uw mond
Met lust verteld, hen vlijtig onderwezen.
Uit al den schat van 't grote wereldrond
Is nooit de vreugd in mijn gemoed gerezen,
Die 'k steeds in Uw getuigenissen vond,
Door mij betracht, en and'ren aangeprezen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2004

Treffer | 20 Pagina's

AANWIJZINGEN VOOR HET GEBRUIK

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2004

Treffer | 20 Pagina's