Goed, beter, best...
Al heel lang proberen mensen om planten en dieren te ontwikkelen. Al vroeg werd een wilde vruchtboom geënt op een gekweekte stam. Of een merrie gedekt door een sterke, gezonde hengst, Om mooiere vruchten te krijgen en sterkere paarden, Dat is niet verkeerd. Dat hoort bij het eerlijk beheren van Gods aarde.
Omdat er steeds meer bekend is over de eigenschappen van dieren en planten, gaat het ontwikkelen ook steeds sneller. Zaad van planten en dieren wordt geselecteerd en alleen het allerbeste wordt gebruikt om nieuwe gewassen te telen of om vrouwtjesdieren te bevruchten. Daar komt veel techniek bij kijken: bij het verkrijgen van goed zaad, bij de bevruchting. Van een natuurlijke voortplanting is in onze landbouw en veehouderij al lang niet veel meer over. En als het daar lukt om steeds betere rassen te krijgen, waarom zou je die kennis dan niet gebruiken bij mensen? Om ziekten in een heel vroeg stadium te bestrijden. Of om embryo's die niet aan alle eisen voldoen dan maar niet verder te laten leven...
DNA:
Eigenschappen van planten, dieren en mensen worden van de ouders doorgegeven aan hun nakomelingen. De eicellen en de zaadcellen bevatten daarover gegevens. Bij iedere soort horen weer andere gegevens, andere chromosomen. Bi] de bevruchting komen de chromosomen van beide ouders bij elkaar. Het nieuwe leven dat ontstaat heeft dus twee sets chromosomen. Daarvan lijken steeds twee chromosomen op eikaar, één van de mannelijke ouder en één van de vrouwelijke ouder. In de chromosomen zit de stof die drager is van erfelijke informatie. het DNA. (Overigens is DNA niet het enige dat iemands eigenschappen bepaalt. "Dat zit nu eenmaal in mijn genen", kun je niet zomaar als smoes gebruiken om onder je verantwoordelijkheid uit te komen!)
Met de huidige kennis van zaken kunnen er aan dat DNA dingen gewijzigd worden, Wat de gevolgen zullen zijn voor volgende generaties, is niet te overzien.
Genetische manipulatie:
Als je zoveel weet over het erfelijke materiaal van planten, dieren en mensen, dan is de verleiding groot om daarin dingen te gaan veranderen.
* Sommige gewassen krijgen een stukie DNA van een andere soort, zodat het gewas bijvoorbeeld beter bestand is tegen ziekten, of niet dood gaat aan bestrijdingsmiddelen. Dit is iets wat in de natuur niet kan, want alleen uit planten van dezelfde soort kunnen nieuwe plantjes ontstaan.
* Bij dieren wordt soms DNA gewijzigd om één aspect van het dier-ziin te ontwikkelen: bijvoorbeeld de melkproductie. De verdere conditie van het dier doet er dan minder toe.
* Ook kan er aan een zojuist bevruchte eicel een stukje menselijk DNA toegevoegd worden ddt de boodschap bevdt voor de productie van een bepaald eiwit, bijvoorbeeld in de melk van een schaap of koe. Daaruit kunnen dan later, als het dier groot is, geneesmiddelen gemaakt worden tegen ernstige -menselijke- ziekten.
Ook bij mensen worden experimenten gedaan. Taaislijmziekte bijvoorbeeld is een zeer ernstige erfelijke ziekte, die steeds erger wordt en waaraan mensen jong sterven. Inmiddels is bekend in welk gen de informatie hierover zit. Nu proberen wetenschappers bij mensen met deze ziekte dat aen te vervangen door een stukie DNA met de goede versie van die erfelijke informatie. Daardoor kunnen de ziekteverschijnselen bij zo'n patiënt verminderen. Er wordt zelfs aan zaadcellen of eicellen "gesleuteld". Dan wordt dus geprobeerd om al vóór het ontstaan van een kindie erfelijke informatie te veranderen. Bij ernstige ziekten is dat nog wel te begrijpen (dat betekent niet automatisch dat het goed is). Maar wat, als ouders gewoon een perfect kind willen?
Erfelijke eigenschappen:
Informatie over eigenschappen zit in je genen, Wetenschappers kunnen in een laboratorium aan de hand van een haar of een beetje slijm heel veel van onze erfelijke eigenschappen te weten komen. Aan de hand daarvan kunnen ze bijvoorbeeld een verkrachter herkennen, zodat hij veroordeeld kan worden, Of een ziekte vinden, die behandeld kan worden zodra een kindje wordt geboren, of zelfs daarvóór. Langzamerhand komt er zoveel kennis, dat ze ook dingen kunnen weghalen uit het erfelijke materiaal, of zelfs vervangen door betere, in planten en dieren. En ook in mensen. Dat kan zelfs als een kindje nog maar nét ontstaan is, als het nog maar een paar cellen vormt. Je begrijpt dat dit heel ingrijpend is. De Heere gaf in de dierenwereld een mannetje en een vrouwtje aan elkaar. Zij hoorden Pij elkaar en konden zo nakomelingen krijgen. En onder mensen wil de Heere kinderen geven die uit liefde tussen een man en een vrouw verwekt worden. Dat is wat anders dan in een laboratorium, uit cellen die door een wetenschapper zijn bewerkt. Zó gemanipuleerd dat we een kind krijgen met de meest gunstige eigenschappen. In de plantenen dierenwereld denken we daar niet vaak meer over na. Nu het bij de mens komt, schrikken we. En het lókt ook wel een beetje; zelf schepper zijn. Van Hitlers tijd weten we: zó nooit meer. En als je terug denkt aan de mond- en klauwzeer- epidemie, weet iedereen: we doen iets vreselijk fout! Gaan we terug naar God en Zijn geboden? Gaan we in het vervolg Zijn Pelangen in het oog houden? Zijn eer. Het welzijn van Zijn schepselen; planten, dieren en mensen. Laten we Hem Schepper zijn? En houden we onze handen af van dingen waar we niet aan mogen zitten? Het leven is van Hem.
Kloneren:
Heel eenvoudig gezegd is kloneren het maken van een kopie. Men neemt een eicel van bijvoorbeeld een schaap. Daar wordt de celkern uit weggehaald. Van een ander schaap, één met hele goede eigenschappen, neemt men een cel van bijvoorbeeld de uier. Die cel brengt men in de lege eicel van het moederschaap. Vervolgens wordt deze in de baarmoeder van een schaap ingebracht. En kan er een embryo en later een lammetje uit groeien. Dat lammetje heeft dan precies dezelfde eigenschappen als dat tweede schaap, waarvan een cel van de uier was weggenomen. Het is een soort ééneiïge tweeling met dat schaap. Dit is gebeurd met het schaap Dolly.
Gevolgen:
De gevolgen van genetische manipulatie en kloneren zijn vaak ingrijpend. Veel dieren zijn misvormd of worden sneller ziek. Veel bevruchte eicellen en embryo's gaan verloren. Het lijkt op het eerste gezicht een mooie techniek. Maar hier zie je wei heel duidelijk dat de Heere God Schepper is. En dat waar mensen het maken van leven in handen nemen, de gevolgen afschuwelijk kunnen zijn.
Embryowet
Het "Voorstel voor een embryowet" staat het gebruik van embryo's voor onderzoek toe. Nou ja, alleen levensvatbare embryo's die overblijven bij een reageerbuisbevruchting. Echter, over drie tot vijf jaar mogen we ook voor het ontwikkelen van geneesmiddelen of transplantatiedoeleinden speciaal embryo's kweken. Dan is in Nederland het klonen van mensen toegestaan. Die kloon mag nooit mens worden. Voordat het embryo van de kloon veertien dagen oud is, worden de embryonale stamcellen gewonnen; daarbij gaat het embryo (de kloon) verloren. De kweek van deze embryonale cellen wordt getransplanteerd bij patiënten met kanker, Parkinson, Alzheimer en zo meer.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 september 2001
Treffer | 20 Pagina's