AANWIJZINGEN VOOR HET GEBRUIK
1e jaargang 2000/2001, nummer 6
Verschijnt 8 keer per jaar
Treffer is bestemd voor leidinggevenden aan +12 en +14 groepen. Het geeft informatie voor het werken met het ledenblad Treffer.
In dit blad treft u aan:
-Aanwijzingen voor het gebruik van de dubbelTreffer "Een (t)huis voor jongeren"
-Programmasuggesties voor een avond over de schets
-Bijbelse vertelschets voor de +12 groepen
-Achtergrondinformatie over een aantal actiethema's
-Toelichtingen op de vragen
AANWIJZINGEN VOOR HET GEBRUIK
Jullie ontvangen hierbij de Treffer over "Een (t)huis voor jongeren". Deze verschijnt in de serie werkschetsen voor -16 verenigingen.
Het is een full colour speciaal actienummer van 20 pagina's. Je kunt er op de vereniging goed twee avonden mee bezig zijn. Ons voorstel is als volgt:
Avond 1 De inhoudelijke bezinning over de actie
Avond 2 De praktische invulling van de actie
Zowel de +12 groepen als de +14 groepen kunnen met de schets aan de slag. Voor de +12 groepen is in het leidinggevendenblad een bijbelse vertelschets opgenomen. Betrek zowel +12 groepen als +14 groepen actief bij het thema. De problematiek komt in beide categorieën voor. De bijbelstudie is ons inziens pittig, en daardoor uitsluitend geschikt voor de +14. Hou er rekening mee dat jongeren op de vereniging in de thuissituatie worden geconfronteerd met de problematiek die in de schets wordt aangegeven. Jongeren die bij het lezen van de eerste pagina uit de schets al direct de vergelijking met thuis maken. Jongeren die het als de gelegenheid zien om met vragen of opmerkingen te komen, of juist volledig blokkeren in het vervolg van de avond. Dit vraagt om een voorzichtige en doordachte handelwijze. Ga vooral niet te diep in gesprek met de jongeren als je merkt of weet dat er 1 of meerderen zijn voor wie dit te confronterend is. Er zijn voldoende vragen en stellingen die niet confronterend zijn. Maak er in dat geval een keuze uit. Je kunt ook meerdere personen een korte inleiding laten verzorgen. Bruikbare thema's zijn:
-Dat komt ook onder ons voor Een ouderling of predikant
-Hoe kan ik helpen? Een jongere
-Jakob en Ezau Een leidinggevende
Het is ook mogelijk dat u een gemeentelid of iemand anders kent die in de hulpverlening werkzaam is. Die kan uit de praktijk vertellen over jongerenproblematiek en hulpverlening. De verschillende verwerkingsvormen treft u aan op de volgende pagina's:
-Vragen voor+12 groepen pagina 7 en 8
-Bijbelstudie voor +14 groepen pagina 14 en 15
-Vragen voor +14 groepen pagina 18
-Stellingen en vragen voor beide groepen pagina 19
-Bouwsteentjesquiz voor beide groepen pagina 20
Het bovenstaande is een advies. U kunt uiteraard de verwerking op een andere leeftijdsgroep inzetten, dan door ons aangegeven. Na enkele verenigingsavonden kent u de jongeren die de vereniging bezoeken voldoende om een selectie uit de vragen en stellingen te maken. Hou hierbij niet alleen rekening met de leeftijd van de verenigingsleden, maar ook met het niveau.
Deel de schetsen na de inleiding uit, zodat de jongeren tijdens de inleiding niet alvast in de schets gaan lezen. Wanneer de schetsen uitgedeeld zijn, kan met de verwerkingsvormen in de schets verder gewerkt worden. Geef de Treffer mee naar huis, zodat we ook jongeren bereiken die niet op de vereniging komen. Wanneer twee avonden over het thema wordt gesproken, geef dan de Treffer de tweede avond mee naar huis.
PROGRAMMA SUGGESTIES
Doel van de schets
Het doel van de schets is om aan de ene kant met jongeren in gesprek te komen over problematiek waarmee jongeren worden geconfronteerd als thuis geen thuis is. Aan de andere kant is het een ondersteuning om de actie te presenteren. Door het gesprek kunnen de jongeren weerbaar worden gemaakt in een samenleving waarin het aantal gebroken gezinnen, problemen onder jongeren en ouderen, en meer van deze zaken, steeds meer toenemen. De vragen en stellingen geven handvaten voor een open gesprek met de jongeren over de gebrokenheid van de maatschappij, over zorg en verdriet in het opgroeien, over de mogelijkheid om elkaar te helpen.
Handreiking
Hou er rekening mee dat er jongeren op de vereniging kunnen zijn die dagelijks met de geschetste problematiek in aanraking komen. Jongeren die bij de eerste pagina van deze Treffer al worden geconfronteerd met hun situatie thuis. Wees vooral eerlijk naar de jongeren toe. Als er jongeren komen met heel persoonlijke vragen of problemen, geef dan vooral een luisterend oor. Vaak geven ze door hun gedrag of hun houding al aan of de problematiek hen raakt. Het kan ook zijn, dat jongeren sterk emotioneel reageren op de problematiek. Meer dan luisteren moet u niet doen. Verwijs in dat geval de jongeren naar de ambtsdragers en hulpverleners. Neem zonodig zelf contact met hen op.
We wensen u goede en gezegende verenigingsavonden als voorbereiding op de actie.
Idee voor +12 en +14 groepen die gezamenlijk vergaderen
- Schrijf enkele stellingen op collagevellen. Leg de collagevellen op tafels in de zaal en laat de jongeren direct bij binnenkomst onder het genot van een glas limonade reageren.
- Opening
- Inleiding over Jakob en Ezau. U kunt twee jongeren een korte inleiding laten houden. De ene jongere over Jakob, de andere jongere over Ezau. In groepjes bespreken van de vragen uit de schets.
Pauze
- Een forum, met hulp van jongeren, leidinggevenden, ouders en een maatschappelijk werker. Aan de hand van de reacties op de vragen, kunt u een gezamenlijk gesprek opzetten. U kunt hierbij goed gebruik maken van de reacties op de stellingen die bij het begin van de avond door de jongeren zelf zijn opgeschreven.
- Sluiting
Idee voor +12 groepen
- Opening
- Oplossen van de Bouwsteentjesquiz op pagina 20 per persoon
- Inleiding over de schets (door jongere of leidinggevende) over Jakob en Ezau of de Bijbelse vertelling(door leidinggevende) over Jozef en zijn broers
Pauze
- Groepsbespreking of bespreking in kleine groepjes aan de hand van de vragen op pagina 7 en 8.
- Gezamenlijk bespreken van de vragen. Doe dit alleen als de groepsbespreking als matig is ervaren. Bij een goede groepsbespreking wordt al snel bij een gezamenlijk gesprek vervallen in een herhaling van het eerder gevoerde gesprek.
- Sluiting
Idee voor +14 groepen
- Opening
- Associatie-opdracht: Stellingen uit de schets of andere stellingen die betrekking hebben een collagevel schrijven. In groepjes de reacties door de jongeren erbij laten schrijven.
- Bespreking van de bijbelstudie op pagina 14 en 15 in groepjes. Bij de bijbelstudie treft u behoorlijk wat vragen aan. Maak hier zonodig een selectie uit.
Pauze
- Gezamenlijk gesprek naar aanleiding van de reacties op de stellingen en zonodig de antwoorden op de bijbelstudie en de vragen. Schrijf op een nieuw collagevel mogelijke aandachtspunten. Bijvoorbeeld: Spreek niet over anderen, maar met anderen. Luister eens echt naar je vriend of vriendin. Bid regelmatig voor de zorgen van anderen.
- Sluiting
Idee voor +12 en +14 groepen
- Opening
- Korte presentatie over de schets door meerdere jongeren
- Associatie-opdracht: Verdeel de groep in kleinere groepjes. Laat de jongeren reacties opschrijven over enkele stellingen.
Pauze
- Gezamenlijk gesprek naar aanleiding van de associatie-opdracht.
- Maak de bouwsteentjesquiz op pagina 20 in groepjes. De groep die het eerste de oplossing heeft, is de winnaar. Tieners vinden het competitie-element altijd erg leuk. Bij kleinere groepen kun je de 25 lege stenen van de Bouwsteentjesquiz ook uittekenen op een bord of groot collagevel. De groep kan dan met elkaar uitzoeken welke tekst wordt bedoeld. Laat de jongeren de tekst vervolgens opzoeken in de Bijbel.
- Sluiting
Zie voor andere verwerkingsvormen de map "Ideeënmap +12/+14". Let op: Er is een diaklankbeeld voor de actie beschikbaar. Deze kan een prima bijdrage leveren aan de beeldvorming over de actie door de jongeren. Reserveer het diaklankbeeld tijdig!
Tips om de betrokkenheid te vergroten:
- Stuur elke jongere tüssen 12 en 16 jaar binnen de gemeente bij hun verjaardag een felicitatiekaart.
- Geef het programma van de vereniging altijd aan alle kerkenraadsleden. Het versterkt zeker de band tussen kerkenraad en jongeren.
- Informeer de gemeente in het kerkblad continu over de voortgang van de actie.
De praktische avond over de invulling van de actie
Ons voorstel is om de tweede avond de actie praktisch te presenteren. De invulling kan dan als volgt zijn:
- Opening
- Korte presentatie over de actie door een leidinggevende
- Vertonen van het dia-klankbeeld over de actie
Pauze
- Verdeel de jongeren in groepjes. Geef ze de opdracht om per groepje met suggesties te komen hoe de actie aangepakt kan worden in de gemeente. Laat ze dit vervolgens presenteren in de grote groep. Zet daarna met elkaar de aanpak op. Het voordeel hiervan is dat de jongeren zeker gemotiveerd zijn om de actie in de gemeente te gaan houden. Het zijn immers hun voorstellen. Schrijf de actie-aanpak vervolgens op een collagevel en hang deze op in het verenigingsgebouw.
Suggesties voor bijbelgedeelte en psalmen
Te lezen bijbelgedeelten kunnen zijn: Genesis 25 : 19-34, Genesis 37 : 12-36, Galaten 6 : 1-10.
Te zingen psalmen kunnen zijn: Psalm 5 : 1 , 2 en 12, Psalm 14 : 1 en 2, Psalm 84 : 2 en 3, Psalm 123
BIJBELSE VERTELSCHETS VOOR DE +12
Jozef en zijn broers
Zie je daar die herders? Met elkaar drijven ze hun schapen in de stal. Ze zijn vrolijk en luidruchtig doen ze hun werk. Alleen die ene herder is heel stil. Eigenlijk is het nog maar een jongen, die daar ook de schapen naar binnendrijft. Zijn gezicht staat somber, nee het is duidelijk te zien dat het niet naar zijn zin gaat. De hele dag heeft hij samen met zijn broers op de schapen van zijn vader gepast. Maar het leek wel of hij meer op zijn broers moest letten dan op de dieren. Wat heeft hij zich vandaag weer voor hen geschaamd. Wat zijn ze grof en goddeloos geweest. Zelfs de mensen in de omgeving spreken er al over. Dat zijn nu kinderen van die vrome Jakob. Nee het is niet te zien dat deze jongens een goede opvoeding hebben gehad. En dat vindt deze jonge herder nog het ergst van alles. De naam van zijn vader, maar ook de Naam van de Heere wordt door zijn broers geschaad. En dat kan hij niet verdragen. Hij houdt van zijn vader en de Heere vreest Hij met heel zijn hart. Je zult inmiddels wel begrepen hebben wie deze jonge 3 herder is. Het is Jozef. Zeventien jaar is hij nu en zijn vader vond hem groot genoeg om mee te gaan met de broers. Ja, het werk op zich vindt Jozef ook fijn, maar tussen zijn oudere broers voelt Jozef zich niet op zijn gemak. Nee erger nog, het is een kwelling voor hem om zijn broers zo grof te zien zondigen. Vind jij het ook zo erg als er in de groep gespot en bewust gezondigd wordt? Of doe je er aan mee? Wat erg! De wereld let op ons. Door je gedrag kun je de kerk, ja erger nog, de Heere Zelf te schande maken. Jozef kan er niet aan meedoen. Iedere keer waarschuwt hij zijn broers. Ze lachen Jozef erom uit. Ach, dat brave broertje moet niet te moeilijk gaan doen. Nee, de waarschuwende woorden van Jozef maken absoluut geen indruk. Integendeel, ze ergeren zich mateloos aan hem. Als Jozef ziet dat zijn waarschuwen geen enkele verandering geeft besluit hij om alles tegen zijn vader te zeggen. Nee niet om zijn broers te verraden, maar in de hoop dat ze naar de vermaningen van vader wel zullen luisteren. Hij hoopt dat ze anders zullen gaan leven en de Naam van de Heere en vader niet langer geschaad zullen worden. Daarom zien we Jozef naar zijn vader gaan. Hij vertelt hem alles en Jakob ziet wel dat Jozef er veel verdriet over heeft en het er echt niet om te doen is zijn broers zwart te maken. Jozef is dus zeker geen klikspaan die er plezier in zou hebben als vader zijn broers zal straffen. Zo staat hij daar met al zijn zorgen en verdriet voor zijn vader. Oh wat houdt Jakob veel van deze jongen. Het is de oudste zoon van Rachel van wie hij zo veel hield. Maar daarom niet alleen. Hij weet dat Jozef net als hij de Heere liefheeft. Maar zo denken de broers er niet over. Ze vinden Jozef 'een vrome' die alles aan vader doorgeeft om te laten zien hoe braaf hij zelf wel is. Ze begrijpen niet dat het Jozef daar niet om te doen is. Dat Jozef alleen hoopt dat ze met deze manier van leven zullen breken. Ze krijgen een hekel aan hun broer. En het wordt er niet beter op. Als ze zien dat alleen Jozef een mooie veelvervige rok krijgt kijken ze elkaar eens aan. Natuurlijk krijgt hun verwende brave broertje meer. Je kunt wel zien van wie vader het meest houdt. Het was ook beter geweest als Jacob dit onderscheid niet had gemaakt. Ouders moeten geen onderscheid maken tussen de kinderen. Daardoor ontstaat er ruzie en afgunst. Je begrijpt dat Jozef het hierdoor niet makkelijker krijgt. Nee de broers moeten Jozef niet. Ze laten hem zoveel mogelijk links liggen. Zo staat Jozef alleen. Hij had het opgenomen voor de eer van de Heere. Zou jij dat er voor over gehad hebben? Toch gaat Jozef iedere keer weer met hen mee. Hoe moeilijk het ook voor hem is. Hij loopt niet weg. Op een dag is het Jozef die we horen spreken tegen zijn broers. Meestal is het niet Jozef die het woord voert, maar nu is zijn hart zo vol van alles wat er deze nacht is gebeurd dat hij er gewoon niet over kan zwijgen. Nee nu zijn het geen vermaningen die de broers moeten aanhoren, maar een wonderlijke droom. De broers luisteren toch wel een beetje nieuwsgierig naar Jozefs woorden. Maar als blijkt dat ze zelf een vernederende rol in Jozefs droom spelen, kijken ze hem geërgerd aan. Denkt die kerel nu werkelijk dat ze voor hem zullen buigen? Oh ja, ze hebben heus wel begrepen dat zij die schoven zijn, die voor die ene schoof gaan buigen. Maar als hij maar niet denkt dat dat ooit zal gebeuren. Maar is het nu wel zo verstandig van Jozef om deze droom juist aan zijn broers te vertellen? Hij weet toch wel dat ze een hekel aan hem hebben. Nu maakt hij het onnodig nog erger. Ook al spotten de broers met Jozef en zijn droom, hij kan deze bijzondere droom niet vergeten. En als Jozef weer droomt gaat hij het toch opnieuw aan zijn broers vertellen. Jozef moet het ze zeggen. Later zullen ze zien dat God alles bestuurd heeft zoals hij het aan Jozef nu al bekend maakt. Ook deze keer luisteren de broers onwillig. Jozef vertelt hen dat hij in zijn droom de zon, de maan en elf sterren zag. Ze bogen allemaal voor Jozef. Ook nu is het niet moeilijk voor de broers om te bedenken wie hier bedoeld worden. Die Jozef gaat zichzelf steeds belangrijker vinden. Woedend zijn ze. Ze haten hem nog meer dan voorheen. Als vader Jacob de droom hoort is ook hij onder de indruk van de droom. Zou de Heere hier iets mee voor hebben? Maar als hij al die hatelijke blikken en boze gezichten van zijn zonen ziet, zegt hij: "Jozef toch, denk je nu echt dat je vader, moeder en broers allemaal komen en voor jou zullen buigen?" Jozef begrijpt het ook niet, maar toch zijn het heel bijzondere dromen. Eigenlijk voelen zijn broers dat ook en diep in hun hart zijn ze jaloers op Jozef. Hij heeft iets wat zij missen.
Kijk, daar gaan die ruwe herders weer met de schapen van hun vader. Ze gaan naar Sichem. Daar heeft Jakob nog een stuk land waar de schapen kunnen grazen. Het is een behoorlijk eind lopen en daarom zijn ze langere tijd van huis. Jozef is niet met hen meegegaan. Maar als vader hem zegt dat hij zijn broers op moet zoeken om te vragen hoe het met hen en de schapen gaat luistert hij gehoorzaam. Nee, hij zegt niet: "Vader dat doe ik niet, ze moeten van mij niets hebben; nu bekijken ze het maar". Jozef gaat niet met tegenzin; hij gaat gewillig dat hele eind lopen. Wat lijkt Jozef hier op de Heere Jezus. Ja, hij mag hier een type van Christus zijn. Wat werd ook Jezus gehaat door zijn eigen broeders. Wat hebben ze gescholden, terwijl hij niets anders dan goed deed. Nooit heeft hij teruggescholden. Hij was zachtmoedig en nederig. De Heere zegt ook tegen ons: "Leer van Mij dat ik zachtmoedig ben en nederig van hart" Wat mag je dan een goede plaats innemen in het gezin, in de groep op school. Vanuit onszelf slaan we er zo graag op los als anderen ons onrecht aan doen. We komen zo graag voor onszelf op. Maar als de Heere ons gaat leren zachtmoedig te zijn, dan worden we net als Jozef. Zo zien we Jozef de weg naar Sichem gaan. Eindelijk ziet Jozef de bekende velden liggen. Wat vreemd, hij kan nergens de kudde ontdekken. Speurend loopt Jozef door de velden, maar tevergeefs. Gelukkig ziet een man hem zoeken. Deze vertelt dat de herders met hun kudde naar Dothan zijn gegaan. Opgelucht gaat Jozef richting Dothan. Dat is gelukkig niet zo ver meer. Al gauw kan hij de kudde in de verte zien liggen. Maar ook Jozef wordt al snel opgemerkt. "Kijk daar komt die meester dromer aan" zeggen ze. Eigenlijk is het nu een uitstekend moment om hem die mooie praatjes voor eens en voor altijd af te leren. Ze kunnen hem hier in deze diepe kuil gooien. Er is niemand die daar ooit iets van zal merken. Zo worden er plannen gemaakt om Jozef in koelen bloede te doden. Weet je, kwaad doen is heel erg, maar het kwaad te verzinnen is nog erger. Ja als ze Jozef doden zijn ze mooi van hem af. Dan hoeven ze al die waarschuwingen niet meer aan te horen. Daar worden ze alleen maar onrustig van. Bovendien kunnen die vreemde dromen van hun broer dan ook niet uitkomen. Zie je wel dat ze er ergens toch rekening mee houden dat de dromen van Jozef niet zomaar dromen zijn. Toch is Ruben, de oudste, niet gerust op al die plannen van zijn broers. Nee als ze Jozef zullen doden zal zijn vader het hem nooit vergeven. Als oudste is hij verantwoordelijk voor alles. Oh nee, Ruben heeft echt geen medelijden met zijn jongere broer. Hij haat Jozef even zozeer als zijn broers. Het is puur uit eigenbelang dat hij een ander voorstel doet. Als hij hen zegt dat het beter is om Jozef levend in die put te gooien, zijn ze het allemaal met hem eens. Laten ze zelf hun handen er maar niet aan vuil maken. Mooi, denkt Ruben, straks vind ik wel een moment om hem er weer uit te halen en naar vader terug te sturen. Zo zijn hun plannen beraamd. Onwetend van dit alles en moe van het lopen en zoeken komt Jozef blij op hen toelopen. Maar voor Jozef ook maar iets kan vragen wordt hij ruw beetgepakt. De veelvervige rok wordt van zijn lijf gerukt en verachtelijk weggegooid. Hij hoort hun spottende lach en ziet de wrede trek op hun gezicht. Voor hij het weet valt hij met een harde klap onder in die donkere put. Dan wordt het stil bij die put. De broers gaan eten en Ruben zal op de schapen passen. Hoe kunnen ze nog een hap door hun keel krijgen na zo'n laffe daad! Toch zitten ze er wel mee. Wat zullen ze nu verder met hun jongere broer moeten doen? Niemand durft dat eerlijk te zeggen. Maar het blijkt als ze ineens in de verte een groep mensen aan zien komen. Dat zijn Ismaelitische handelaren, dat zien ze direct. Ze hebben kamelen bij zich, volgeladen met specerijen, balsem en mirre. Die zijn vast op weg naar Egypte om handel te drijven. "Zeg, als we Jozef nu eens verkopen", begint Juda, "het is toch onze broer die kunnen we toch niet doodslaan". Een paar van de broers lopen naar de karavaan, terwijl de anderen Jozef optrekken uit de put. Jozef haalt opgelucht adem, nu mag hij vast naar huis. Maar ontsteld ziet hij dat ze hem meenemen naar de kooplieden die staan te wachten. Dat zullen ze toch niet doen? Maar Jozef heeft zich vergist. Hij ziet met tranen in zijn ogen hoe hij voor twintig zilverlingen wordt verkocht. Voor slechts een klein bedrag, zo ongeveer ƒ12,50, meer is hij niet waard. Wat een vernedering voor Jozef. Ook hier lijkt hij op de Heere Jezus die ook op zo'n verraderlijke manier voor een klein bedrag werd overgegeven. Jozef moet mee. Ver bij zijn vader vandaan een onbekende toekomst tegemoet. Wie staat daar bij die put? Het is Ruben. Te laat denkt hij. De schrik slaat om zijn hart. Hij scheurt zijn kleren en zoekt snel de anderen op. Jozef is weg, wat moet hij nu doen? Maar daar hebben ze ook al over nagedacht. Ze moeten hun plan nog afmaken. Er wordt een bokje uit de kudde gehaald en geslacht. Ze dopen die mooie veelvervige rok in het bloed. Zo laten ze dat kleed naar hun vader brengen. Wat wreed! Ze wisten welke uitwerking dit op Jakob moest hebben. Maar wat moeten ze anders? Zo zie je hier, van de ene zonde komt de andere zonde. Het gaat altijd van kwaad tot erger. Dat moeten wij ook altijd maar bedenken.
Daar staat Jakob. Hij heeft de besmeurde rok in zijn handen. Hij twijfelt er niet aan of zijn lieve jongen is op een gruwelijke manier om het leven gekomen. Verscheurd door een wild dier! Jakob scheurt in groot verdriet zijn kleren. Hij wikkelt een zak om zijn middel als teken van grote rouw. Zijn zonen met hun vrouwen willen hem troosten. Maar Jakob is niet te troosten. Hij is een gebroken man. Wat zal dat voor zijn zonen geweest zijn. Zij zijn hier de oorzaak van. Zij staan bij hun vader te huichelen, terwijl ze hun vader echt kunnen troosten. Ze kunnen toch zeggen dat Jozef nog leeft? Maar daar zijn ze te laf voor. En zo laten ze hun vader liever in het verdriet dan dat ze er eerlijk voor uitkomen. Ze hopen maar dat vader er snel overheen zal komen, dan hoeven ze niet iedere keer aan hun daad te denken. Maar Jakob weigert zich te laten troosten, hij kan Jozef niet vergeten. En de Heere vergeet Jozef ook niet! Hij ziet Jozef daar in Egypte wel. Ook als hij verkocht wordt en als slaaf bij Potifar moet gaan werken. De Heere gaat door met Zijn plan. Hij zal de hogen vernederen. Straks zullen de broers diep buigen. Hij verhoogt ook die vernederd zijn. Hij heeft ook Jozef verhoogd. Zo is de Heere nu Zelf ook verhoogd en zo werkt de Heere nog steeds tot eer van zijn Naam. Straks zal Hij terug komen op de wolken met majesteit. Dan zal alle knie zich voor Hem buigen en dan zal Hij verhoogd worden tot in eeuwigheid.
ACHTERGRONDINFORMATIE
Treffer nr. 6 wordt uitgegeven in het kader van de actie "Een (t)huis voor jongeren". Door middel van waar gebeurde verhalen is de problematiek zo dicht mogelijk bij de jongeren gebracht. Uiteraard zijn de namen van de betreffende jongeren en ouders gefingeerd. Deze actieTreffer is, naast de vaste medewerkers, tot stand gekomen door de bijdrage van mevr. D. Folmer, mevr. D. Groeneveld, de heer H. van Groningen, mevr. G. van Henwijnen, mevr. A. Moree, mevr. M. Moree-Schipper, mevr. M. Prinsen. Wij zijn deze scribenten dankbaar voor hun bijdrage. Mede door hun inzet is deze speciale actieTreffer geworden wat zij is.
TOELICHTINGEN OP DE VRAGEN
Aanwijzingen bij de vragen op pagina 7:
1. In zo'n situatie is vooral goed luisteren belangrijk. Ook gezelligheid bieden op de jeugdvereniging als een meisje als Betty komt.
2. Het gebed voor elkaar is erg belangrijk. Zeg eerlijk tegen Betty dat je voor haar wilt bidden. Het kan al een enorme opluchting geven om te weten dat er iemand is die met je meeleeft. Geef haar ook het advies om met hulpverleners te gaan praten.
3. Dit is een persoonlijk vraag. Wel een belangrijke vraag. Gaan wij ook vaak niet uit gewoonte naar de kerk?
Aanwijzingen bij de vragen en stellingen op pagina 8:
Stellingen
1. Door de zondeval is de zonde in de wereld gekomen. Al in Genesis 4 lezen we van de eerste doodslag. Zolang als de wereld bestaat zal er ruzie zijn in de wereld. Daar tegenover staat het gebod van de Heere om Hem lief te hebben boven alles en onze naaste als onszelf. Dat kan uit genade worden geleerd. Ruzie kan worden voorkomen. Als wij de minste willen zijn. En dat willen we vaak niet.
2. Gelukkig geldt dit voor veel jongeren. Het kan negatieve reacties oproepen. Wees dan alert. Mogelijk is de thuissituatie in dat geval niet zo rooskleurig.
Vragen
1. Laat de ander uitpraten. Tel eens wat vaker tot 10. Wees de minste. Maak het zelf gezellig als andere gezinsleden dat niet doen of niet kunnen.
2. Wees voorzichtig in uw reactie naar de jongeren toe. Een confronterende opmerking kan te maken hebben met problemen in de gezinssituatie.
3. a. Matthew Henry zegt hiervan: "Omdat zijn eigen werken boos waren en die van zijn broeder rechtvaardig". Hij haatte Abel omdat God Abel liefhad.
b. Het was een vreselijke reactie. Abel was zijn eigen broer, ook nog jonger dan Kaïn. Hij had hem moeten beschermen.
c. Doodslag mogen we nooit goedkeuren. Zie hierbij ook Zondag 40 van de Heidelbergse Catechismus. Geef aan dat doodslag niet uitsluitend bestaat uit de daad op zich. Alleen de gedachte is al zonde.
Aanwijzingen bij de bijbelstudie op pagina 14 en 15:
1. a. God had van eeuwigheid besloten dat uit het geslacht van Abraham, Izak en Jakob de Messias geboren zou worden. Toch heeft de Heere in Zijn wijze raad besloten dat Izak langdurig (20 jaar) moest bidden om een kind.
b. Het was in geen geval een ompraten van de Heere want Zijn besluiten zijn vast en onveranderlijk. De Heere heeft het geloof van Izak hiermee op de proef willen stellen. 2. Het is de enige weg die overblijft als we zorgen hebben. Het is een grote opluchting om onze zorg voor de Heere te brengen en bij Hem om raad te vragen. Zie ook psalm 73.
3. De strijd tussen het slangenzaad en het vrouwenzaad wordt hier getekend. Het is een beeld van de strijd tussen het Koninkrijk van God en het koninkrijk van de satan. 4. a. Het is een verklaring van de voorafgaande tekst. De meerdere is Ezau (de eerste, de grootste, de sterkste), de mindere Jakob.
b. Gods Kerk zal, als de mindere, in eeuwigheid regeren over de meerdere, de satan en zijn volgelingen.
5. a. Ezau was de grootste, de sterkste, een veldman, een jager, onverschillig. Jakob woonde in tenten en was een schaapherder, en was een oprecht en vroom man.
b. Jakob vreesde de Heere en Ezau niet.
6. a. Voorkeur is nooit goed te keuren. Zowel Jakob als Ezau zijn hun kinderen, daar mag geen verschil tussen zijn.
b. Het is wel begrijpelijk. Izak hield ervan dat zijn zoon actief was. Ezau wist hoe hij hem kon behagen en toonde een grote eerbied voor hem door hem dikwijls te verwennen met zijn wildbraad. Rebekka dacht aan de Godsspraak, die de voorkeur had uitgesproken voor Jakob en daarom gaf zij in haar liefde aan hem de voorkeur.
7. a. Hij vindt het op dat moment helemaal niet belangrijk. Hij heeft honger en stelt zijn primaire levensbehoefte boven de eerstgeboortezegen van zijn vader. Het was een onheilige verachting, zie hiervoor ook Hebreeën 12 : 16.
b. Het was een geestelijk voorrecht, een geboorterecht waaraan de zegen was verbonden en de erfenis van de belofte. Jakob had een godvrezend verlangen naar die belofte, die hij echter op een slinkse manier wilde verkrijgen.
8. a. Jakob is bang dat de grote zegen aan hem voorbijgaat.
b. Jakob miste het gelovig vertrouwen op God.
c. Dit kan zijn bij ziekte of tegenslag, verdriet of wat dan ook.
9. a. Jakob was een volwassen en verstandig man. Hij kon gewoon weigeren om dit te doen. We kunnen echter in Genesis 27 lezen dat hij het bedrog meespeelt.
b. Nee. Als onze ouders tegen Gods gebod ingaan, moeten we God meer gehoorzaam zijn dan de mensen.
c. We moeten hierin altijd eerst bedenken wat de Heere van ons vraagt, hoe moeilijk dat in zo'n situatie ook is. Voorbeelden kunnen zijn een verkeerde besteding van de zondag, spieken op school, maar ook seksueel misbruik.
10. a. Oorzaken kunnen onder meer zijn ziekte, eigenliefde, misbruik, overspel.
b. Hierdoor krijgen alle kinderen een gelijke behandeling en wordt voorkomen dat een kind zich achtergesteld voelt. Jongeren kunnen bij deze vraag signalen afgeven dat het in hun thuissituatie niet zo gaat en zij zich daardoor herkennen in een verschillende benadering.
11. a. Het is een begrijpelijke reactie van Ezau, maar niet een juiste reactie. Hij had immers zelf het eerstgeboorterecht verkocht aan Jakob.
b. Ezau had het voornemen om zijn broer Jakob te doden. Dat kunnen we natuurlijk nooit goedkeuren. De Heere heeft doodslag in Zijn Woord verboden.
12. Ondanks alles heeft Jakob de Heere lief. Van eeuwigheid. Jakob verandert wel, maar de Heere verandert nooit.
Aanwijzingen bij de vragen op pagina 18:
1. Een fijn thuis is heel belangrijk. Een heel groot voorrecht ook. Dat neemt natuurlijk niet weg dat het daarnaast bij anderen ook gezellig en fijn kan zijn. Het is voor jongeren belangrijk om te ervaren dat het bij anderen ook goed is. Vaak ontstaat zo'n situatie als het in een ander gezin vergelijkbaar is met thuis.
2. Begrijpelijk en bedroevend. Een knetterende ruzie hoeft natuurlijk niet nodig te zijn om met elkaar in gesprek te komen. Het is voor de vorming van een jongere nodig dat er een fijn gespreksklimaat thuis is. Als dat er niet is, kan de jongere ook zelf eens een gesprek inzetten.
3. Dit is een moeilijke vraag. De juiste weg is dat een jongere eerst met zijn of haar ouders praat. Betrek hier ook het 5e gebod bij. Dit bevordert een goede band in het gezin. Jongeren in de pubertijd hebben soms de neiging om negatief te doen tegen anderen over de thuissituatie. In sommige gevallen is dat moeilijk of zelfs onmogelijk. Denk bijvoorbeeld aan incest. Komt een jongere met zo'n reactie, adviseer dan om een professionele hulpverlener in te schakelen.
4. a. De Heere hoort het gebed altijd. De Heere verhoort het gebed niet altijd.
b. De Heere geeft datgene aan mensen wat goed voor hen is. De Heere weegt hierin anders dan wij. Daar moeten we de Heere ook vrij in laten. Betrek hierbij Jesaja 55 : 8 en 9.
5. a. Ja, gelukkig meestal wel.
b. In een gezinshuis wordt een positief gezinsklimaat gebracht. Komen jongeren vanuit een probleemsituatie hier terecht, dan is dat voor hen op dat moment beter dan thuis. Vandaar dat ze zich er thuis zullen voelen.
6. De Heere heeft ons in de 10 geboden meegegeven dat wij onze ouders moeten eren. In Zondag 39 kunnen we lezen wat dat allemaal inhoudt. Dit wordt heel moeilijk als de situatie is geschetst zoals in de vraag wordt gesteld. Naast het advies om een ambtsdrager en hulpverlener hierbij te betrekken, blijven het de ouders van de betreffende jongere aan wie zij zich moeten onderwerpen. Tenzij hun handelwijze tegen Gods gebod indruist.
Aanwijzingen bij de vragen en stellingen op pagina 19:
Vragen:
1. a. Hier wordt gedoeld op de invulling van onze tijd. We mogen de tijd die we van de Heere hebben gekregen, niet voor onszelf houden. We mogen deze tijd ook besteden om onze naaste te helpen. We mogen dat niet uitstellen tot we gaan sterven.
b. Dit zijn de mensen die met ons tot de gemeente Gods behoren. Hieraan zijn we meer verbonden, en het zou onbehoorlijk zijn als we die honger en gebrek laten lijden. Zij zijn in de eerste plaats op onze weg geplaatst.
c. Goed doen kan op allerlei manieren. Bidden voor elkaar, geld geven als dat nodig en mogelijk is, een bezoek brengen aan een zieke, een kaartje sturen, enzovoort.
2. a. We hebben de plicht om voor de naaste in de gemeente te zorgen. Doen we dat niet, dan kunnen we wel met de mond belijden dat we een christen zijn, terwijl de daad het tegenovergestelde bewijst. In dat geval zijn we erger dan een ongelovige.
b. Zeker in het gezin horen we rekening te houden met elkaar. Ook met de gebreken van elkaar. Als het nodig is moeten we voor elkaar zorgen. Dat mogen we niet in de eerste plaats aan de kerkelijke gemeente overlaten.
c. Als jongere kunnen we onze ouders helpen met praktische dingen in het gezin. Het gezin is bijvoorbeeld geen restaurant, waar we na het eten van tafel kunnen gaan zonder iets te doen. Ook kunnen we een zus of broer helpen als dat nodig is.
5. a. Het is op zich niet zondig als we toornig zijn. We mogen alleen niet de dag afsluiten, voordat we ons Hebben verzoend met degene die ons beledigt heeft (Matthew Henry).
b. Hier kunnen de jongeren uitsluitend persoonlijk op reageren.
c. Praat ruzie en onenigheid altijd eerlijk uit voordatje gaat slapen.
Stellingen:
1. De hoeveelheid nood op de wereld mag nooit een reden zijn om niet te helpen. Het gebod is om onze naaste lief te hebben als onszelf, zonder enige beperking. Ongeacht het effect op de totale problematiek.
2. Ruzie is een luidruchtige woordenstrijd tussen meerdere personen. Soms zoekt iemand bewust ruzie. Je kunt je in zo'n geval afvragen of het aan beiden ligt. Meestal is de reactie van 1 persoon op de opmerking van een ander de oorzaak van ruzie. Dan klopt het gezegde: "Waar twee kijven, hebben twee schuld".
Bouwsteentjesquiz
De tekst is: "Zo de Heere het huis niet bouwt tevergeefs arbeiden des zelfs bouw lieden daaraan. Zo de Heere de stad niet bewaart tevergeefs waakt de wachter". De tekst van de Bouwsteentjesquiz kunt u vinden in Psalm 127 : 1.
Voor je agenda:
Jaarvergadering Jeugdbond
D.V. 27 april 2001
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 februari 2001
Treffer | 28 Pagina's