Opvallen
Wie wil er een opvaller zijn'? Een opvaller, dat klinkt niet positief. Dat is toch iemand die op een vervelende manier de aandacht trekt. Een jongen die in de klas telkens zijn vinger opsteekt of die op straat zoveel herrie maakt met zijn brommer. Nee, een opvaller is meestal niet geliefd. Er wordt over gekletst. Daar heb je hem weer! Soms kan je overigens opvallen zonder dat zelf te willen. Door je huidskleur of je haarkleur bijvoorbeeld.
Ben je liever een grijze muis dan een opvaller? Dat is niet verwonderlijk. Het is vaak prettiger om niet op te vallen. Waarom toch? Zit er niet vaak de angst achter, om alleen te komen staan of om gepest te worden? Je wilt er bij horen. Vermijden, dat je buiten de boot valt. Daarom doe je maar liever mee met de groep.
Maar nu een andere vraag. Kan je echt christen zijn zonder op te vallen? Ik geloof het niet.
Een stad die boven op een berg ligt, kan niet verborgen zijn, zegt de Bijbel. In de duisternis valt het licht extra op. In een donkere tijd, waarin steeds minder mensen in God geloven, zie je lichtende lichten niet over het hoofd. Anders gezegd: er klopt iets niet, als je nooit eens opvalt. Niet omdat je dat zo graag wilt. Maar omdat dat onvermijdelijk is, als je met Psalm 119 mag instemmen: Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht voor mijn pad.
Misschien ben je ook wel eens in een situatie verzeild geraakt, waarin je heel duidelijk kleur moest bekennen. Op school bijvoorbeeld, of bij je vakantiewerk. Wat deed je, toen niemand aanstalten maakte om voor zijn eten te bidden? Of wat deed je als meisje, toen niemand een rok droeg? Hoe reageerde je toen er gemeen geroddeld werd? Wat zei je, toen je meegevraagd werd naar "die mooie film"? Viel je op? Of koos je de gemakkelijke weg van de grijze muis?
Als je opvalt, heb je wel wat uit te leggen. Weet je wat je dan moet zeggen? Juist halfheid en smoesjes wekt soms ook bij de wereld ergernis! Kort geleden hadden wij in de Tweede Kamer een spannend debat over het zogenoemde homohuwelijk. Op grond van de Bijbel moesten we hier fel tegen protesteren, al vond veruit het grootste deel van de Tweede Kamer de regeringsplannen prachtig. Een niet-christelijk kamerlid zei na afloop van het debat: "Ik ben het helemaal niet met de kleine christelijke partijen eens. Toch kan ik het waarderen dat jullie er niet omheen draaien, maar duidelijk zeggen waarom jullie tegen zijn."
We kunnen echter niet altijd op respect rekenen. Geen belijden zonder lijden. Gemakkelijk wordt dan gedacht aan opvallende dingen, bloedige vervolgingen bijvoorbeeld. Maar er is ook minder opvallend lijden. Als je getergd wordt omdat je niet meedoet met de groep. Ja, wat een verdriet kan het alleen al geven, als anderen doen, alsof je lucht bent. Hoe zullen wij in eigen kracht staande blijven? Dat lukt nooit! Maar op het gebed wil God ook nu nog kracht en moed geven, Als je het werkelijk van Hem mag verwachten, die gezegd heeft: "In de wereld zult gij verdrukking hebben; maar hebt goede moed, Ik heb de wereld overwonnen."
Mr. C.G. van der Staaij (Tweede Kamerlid SGP)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 november 2000
Treffer | 24 Pagina's