JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

De Civitate Dei

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Civitate Dei

Augustinus' meest beroemde werk

3 minuten leestijd

Overgenomen uit "De Geschiedenis der Kerk" door dr. H. Berkhof

We leeren Augustinus kennen in zijn beroemde werk "De Civitate Dei", te vertalen als "De Stad Gods" of "De Staat Gods". Dit is het hoofdwerk van zijn tweede periode (hij heeft er dertien jaar aan gewerkt), zooals de "Belijdenissen" van zijn eerste periode. De aanleiding tot het schrijven was de val van Rome, dat in 410 door de West-Gothen werd ingenomen. Het romeinsche zelfbewustzijn kreeg daardoor een geweldige slag. Er werd een schuldige gezocht, en de heidensche bevolking des rijks zag deze in de heerschende kerk. Waren we de oude romeinsche staatsgoden maar blijven vereeren! Nu komt de straf over ons! "De Godsstaat" is bedoeld als een grootsche apologie, om deze redeneering te ontzenuwen. Maar het boek is nog veel breeder uitgegroeid, tot een schildering van de twee staten, die van God en die van den duivel, die van de deemoed en die van de hoogmoed. Nu treden ze aan het licht in de tegenstelling tusschen het romeinsche rijk en de kerk. De wereldrijken, inzonderheid Rome, zijn "rooversbenden in het groot", gegrond op hoogmoed, onrecht en eigenliefde. Opgaan, blinken en verzinken is hun eeuwig lot. De staat Gods echter is geen troostelooze herhaling van ondergang, maar de pelgrimstocht der verkorenen naar de eeuwige heerlijkheid. De tegenstelling van kerk en staat is hier zoo scherp mogelijk. 

Toch stelt Augustinus zich ook een andere mogelijkheid voor: wanneer de staat zich beperkt tot de zorg voor aardsche rechtvaardigheid en vrede, kan hij dienstbaar worden aan de staat Gods. Dat kan alleen als de staat zich aan de ware godsdienst onderwerpt. In de middeleeuwen heeft men die weg trachten te bewandelen.

In dit boek gaf Augustinus ook een nieuwe opvatting van het duizendjarige rijk, waarover het boek Openbaring spreekt. Hij verwierp deze gedachte niet, zooals Origenes en de zijnen; hij vatte dit rijk ook niet op als een aardsche toekomst van zinnelijke genietingen, zooals de oude kerk algemeen had gedaan. Hij meende dat dit rijk met de komst van Christus en de geboorte der kerk was aangebroken. Nu heerschen de heiligen (Opb. 20:4 en 6), d.w.z. de bisschoppen oefenen de sleutelmacht uit, de macht der vergeving en der uitbanning.

Men ziet dat naast de geheel on-roomsche felle tegenstelling der beide rijken, tegelijk de wereldlijke heerscherspositie der kerk reeds is voorgetekend. Daardoor heeft dit werk in de middeleeuwen een diepe invloed uitgeoefend. En zijn conceptie van de geschiedenis als de worsteling der beide rijken is een blijvend bezit der kerk geworden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 december 1986

Mivo +16 | 24 Pagina's

De Civitate Dei

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 december 1986

Mivo +16 | 24 Pagina's