Esther - De Heere leidt
Oma zit te borduren. Lieke zit tegenover haar. “Ik vind het borduurwerkje waar u mee bezig bent eigenlijk helemaal niet mooi… Ik zie allemaal draden door elkaar lopen, maar ik kan niet zien wat het is.” “Nee,” zegt oma, “dat klopt! Jij kijkt tegen de achterkant aan en dan zie je niet hoe het wordt. Maar als ik het nu eens omdraai…” Oma draait het borduurwerk om. “O, wat mooi!” roept Lieke. “Weet je,” zegt oma, “zo is het in ons leven ook vaak. Dan begrijpen we een heleboel dingen niet. Dan vragen we: “Waarom gebeuren die verdrietige dingen nu allemaal?” Toch zijn ze allemaal goed. Weet je waarom? Omdat de Heere ze bestuurt. Hij doet het nooit verkeerd.”
Hadassa wordt koningin Esther
KIES HET JUISTE ANTWOORD
Kies het goede antwoord en zet er een rondje omheen.
1. Hadassa was een Joods / Babylonisch / Perzisch meisje.
2. Zij trouwde met koning Kores / Ahasveros / Darius.
3. De man die heel veel macht van de koning kreeg heette Heman / Haran / Haman.
4. Hij maakte een wet waarin stond dat alle mensen / Joden / Egyptenaren in het hele rijk gedood moesten worden.
5. Dat moest gebeuren op de dertiende dag van de eerste / zevende / twaalfde maand.
6. Mordechai / Hegai / Abichaïl zei dat Esther naar de koning moest.
7. Zij moest gaan vragen of de koning het leven / huis / bezit van haar en haar volk wilde sparen.
8. Esther weigerde eerst, omdat niet ze niet wilde / durfde / kon.
9. Daarna zei ze dat alle Joden moesten denken / vasten / bidden.
10. Dat moesten ze drie uren / weken / dagen doen.
11. Daarna ging Esther / Haman / Mordechai naar de koning.
12. Die vroeg: “Wat is uw wens / verlangen / bede.”
13. De koning stak haar zijn scepter / hand / zwaard toe.
14. Esther vroeg hem om haar leven / op de maaltijd / in haar paleis.
Schrijf van elke zin het goede (dikgedrukte) woord op in het puzzelvak.
Als je klaar bent, lees je in de vakjes onder de pijl een zin.
Schrijf hem hieronder op.
Kijk nog eens naar de uitkomst van de puzzel op de vorige bladzijde en geef daarna antwoord op de volgende vragen.
BEANTWOORD DE VRAGEN
1. Noem eens een paar dingen waaraan je dat kan zien in de geschiedenis van Esther.
2. Kun je nog andere voorbeelden uit de Bijbel noemen?
3. Weet je ook voorbeelden uit je eigen leven of uit het leven van mensen om je heen?
4. Lees nog eens de zin die uit de puzzel komt. Wat betekent dit voor jou?
STER
Esther betekent ‘ster’. Ze was als een ster die helder licht geeft. Schrijf of teken in de ster waarom jij vindt dat die naam bij haar paste.
Op welke manier had de ster ook later nog met de Joden te maken? Weet je voorbeelden uit de Bijbel en daarna?
REBUS
Wat staat hier?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 december 2019
Kompas -10 werkboekje | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 december 2019
Kompas -10 werkboekje | 8 Pagina's