JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Handleiding 3: Het klaaglied van Jeremia

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Handleiding 3: Het klaaglied van Jeremia

Jaarthema: ‘Zing een lied voor de Heere’

28 minuten leestijd

Van de redactie

Zingen doe je als je blij bent. Als je verdrietig bent, vergaat het lachen je wel en het zingen meestal ook. Toch zijn er ook heel veel psalmen die juist uiting geven aan verdriet en moeite. Misschien moeten we juist in tijden van verdriet wel zingen. Augustinus zei: ‘Wie goed zingt, bidt twee keer.’ 

Zingen verruimt ons hart en richt de aandacht op de Heere. Zo treffen we de twee dichters ook aan in de schetsen. Jeremia zingt op het zwartste moment van de geschiedenis van Israël. Tijdens het zingen krijgt hij moed, want God is niet veranderd: ‘Zijn barmhartigheden hebben geen einde’ (Klaagliederen 3:22).

Paulus stemt daarmee in. Wat er ook gebeurt, wie Christus’ liefde mag ervaren, is meer dan overwinnaar.

Bid zó terwijl je zingt met de kinderen: ‘Loof God, loof Zijn Naam alom.’

Namens de redactie,

Pieter Avé


Toelichting op het thema
Dit jaar is het thema voor Kompas: ‘Zing een lied voor de Heere’. Zangers in de Bijbel. In deze schets gaat het over Klaagliederen. Aangenomen wordt dat Klaagliederen geschreven is door Jeremia. In deze rouwliederen beschrijft Jeremia het oordeel van de Heere, het leed van Jeruzalem en zijn persoonlijke verdriet.

Aanwijzing voor gebruik
Aangezien dit onderwerp voor velen onbekend is willen wij erop wijzen dat een goede voorbereiding van groot belang is. Graag attenderen wij op de achtergrondinformatie en raden wij aan het verhaal goed voor te bereiden.

Doel van de vertelling
In deze schets laten we de kinderen kennismaken met het boek Klaagliederen. De kinderen horen dat Jeremia klaagt en treurt over de verwoesting van Jeruzalem, maar in dit verdriet zijn hoop op de Heere blijft vestigen. De kinderen merken op welke manier muziek, zang en gedichten uiting kunnen geven aan verdriet.

Introductie van het thema voor de kinderen
Zoek voorafgaand aan het clubmoment drie korte (klassieke) muziekfragmenten. Deze drie fragmenten moeten allemaal een andere intentie hebben en een andere emotie oproepen. Suggesties voor fragmenten staan in de lijst hieronder. Zorg dat deze muziekfragmenten afgespeeld kunnen worden tijdens het clubmoment.

Vraag de kinderen welke emoties zij allemaal kennen. Er zijn vier basis emoties: blij, bang, boos, verdrietig. Speel het eerste muziekfragment af en vraag de kinderen welke emotie dit oproept. Dit kan per kind verschillend zijn. Welke emotie zou de componist over willen brengen in dit muziekstuk? Herhaal dit met de andere twee muziekfragmenten. Verdiepingsvraag: hoe komt het dat iedereen iets anders ervaart wanneer hij of zij luistert naar muziek?

Muziek wordt vaak gebruikt om emoties te uiten, om te laten merken of je blij of verdrietig bent. Dit zien we ook in het Bijbelverhaal van vandaag. De zanger van het lied waar we naar gaan luisteren was erg verdrietig. Het is de profeet Jeremia. Hij is verdrietig omdat Nebukadnezar, de koning van Babel, Jeruzalem verwoest heeft en alle mensen naar Babel heeft weggevoerd. De mensen uit het tienstammenrijk waren al eerder weggevoerd, maar nu zijn ook de mensen uit het tweestammenrijk Juda, als gevangenen weggevoerd naar Babel.

Blij
Handel: Solomon, HWV 67: Arrival Of The Queen Of Sheba https://www.youtube.com/watch?v=KErrDz8HcZY
Vivaldi: Mandolin Concerto in C Major, RV 425: I. Allegro https://www.youtube.com/watch?v=mpY4ce8tAI8
Vivaldi: Concerto For 2 Violins, Strings And Continuo In G Major, RV 516: 3. Allegro https://www.youtube.com/watch?v=avUqtZSVuek

Bang / Boos
Bach: Toccata en Fuga in d-mineur https://www.youtube.com/watch?v=z69C2Jqp42Q
Sjostakovitsj: Symphony Nr. 10, deel 2 https://www.youtube.com/watch?v=bCypb--lv1M

Verdrietig
Schubert: Strijkkwintet D.956, op.posth.163 in C gr.t. - deel II, "Adagio" https://www.youtube.com/watch?v=GIY7jcVQZCg
Brahms: Trio voor piano, hoorn en viool, op.40 in Es gr.t. - deel III, "Adagio mesto" https://www.youtube.com/watch?v=6M7IE3U0qAg
Elgar: Variaties voor orkest, op.36, "Enigma" ; nr.9, "Nimrod" https://www.youtube.com/watch?v=ElueZS-0GMc


Zingen en lezen

Zingen
• Psalm 27 : 5
• Psalm 55 : 9 en 10
• Psalm 69 : 1, 2, 3 en 13
• Psalm 121 : 1 en 2
• Psalm 130 : 1, 2, 3 en 4
• Psalm 145 : 6 en 7
• TZE-lied 3: Al waren uw zonden als scharlaken
• TZE-lied 8: Als g’ in nood gezeten
• TZE-lied 24: Diep, o God, in ’t stof gebogen
• TZE-lied 39: Groot is Uw trouw, o Heer’
• TZE-lied 92: Psalter 120

Lezen
Klaagliederen 3: 18-33

Kerntekst
Klaagliederen 3:31-33 Want de Heere zal niet verstoten in eeuwigheid. Maar als Hij bedroefd heeft, zo zal Hij Zich ontfermen, naar de grootheid Zijner goedertierenheden. Want Hij plaagt of bedroeft des mensen kinderen niet van harte.

Vertelling
Langzaam verplaatst de lange rij met gevangenen zich naar het noorden, in de richting van Rama en Mizpa. Achter hen liggen de puinhopen van Jeruzalem. Rook stijgt langzaam op. Alle inwoners van Jeruzalem en Juda worden weggevoerd naar Babel. Langs de weg staan groepen met mensen. Ze lachen, spotten en kijken de gevangenen vol leedvermaak na. Iedereen weet wat deze vreemdelingen van plan zijn. Ze zullen alles roven wat de soldaten uit Babel in Jeruzalem hebben overgelaten. Wat gemeen! Maar niemand kan daar iets tegen doen. Alleen de allerarmsten van het volk Israël blijven achter in Juda. De generaal van koning Nebukadnezar van Babel heeft hun de weilanden en akkers van de rijke mensen gegeven.

Tussen de gevangenen strompelt een oude, vermagerde man. Het verdriet en de pijn is van zijn gezicht af te lezen. Het is de profeet Jeremia. Lange tijd heeft hij het volk van Juda gewaarschuwd. ‘Jullie moeten de koning van Babel blijven dienen en niet in opstand komen!’ Maar, koning Zedekia en zijn raadslieden wilden niet luisteren. Ze lieten Jeremia zelfs gevangennemen. ‘Nee, Jeremia, we willen de koning van Babel niet dienen! We zoeken wel hulp bij een ander sterk land, bij Egypte!’ Begreep het volk dan niet dat het de Heere was Die dit Jeremia liet profeteren? Misschien wel, maar ze deden liever hun eigen zin! Toen kwam de generaal van koning Nebukadnezar met een groot en sterk leger. Jeruzalem werd voor een eerste keer belegerd en na een korte tijd voor een tweede keer. En nu, nu is de stad gevallen en moet ook Jeremia mee naar Babel. Samen met het volk dat het woord van de Heere nooit geloofd heeft.

Na een tijd komen de gevangenen aan in Rama. Plotseling komen er twee soldaten naar Jeremia toe. Ze buigen zich over hem heen en maken de ketenen, waarmee hij is vastgebonden los. Samen brengen ze Jeremia naar generaal Nebuzaradan. Eén van de Babyloniërs heeft Nebuzaradan verteld dat Jeremia zich tussen de gevangenen bevindt. Nebuzaradan behandelt Jeremia vriendelijk. Hij weet hoe Jeremia het volk heeft gewaarschuwd voor de opstand tegen Babel. ‘U mag zelf zeggen wat u wilt, Jeremia. Als u meegaat naar Babel, dan zal ik voor u zorgen. Maar als u hier, in Israël wilt blijven, dan zult u beschermd worden door Gedalja, de stadhouder die ik heb aangesteld over Juda.’

Daar hoeft Jeremia niet lang over na te denken. Wat een wonder, hij mag in Israël blijven. ‘Ik wil het liefst hier blijven, bij de mensen die hier zijn achtergebleven. Bij hen ligt mijn taak.’ Nee, hij kan hier niet weg. Diep van binnen heeft hij toch nog een klein beetje hoop voor zijn volk. Hij weet heel goed dat er veel mensen uit Juda er als gevangenen naar Babel moeten. Hij weet ook hoe arm en zwak de mensen van Juda zijn die zijn achtergebleven. Maar toch is er hoop in zijn hart. Nu zal het volk van Juda vast wél naar de Heere gaan luisteren! Na zo’n zware straf zal het volk Hem toch wel gaan dienen? En heeft de Heere zelf niet beloofd dat de gevangenen na zeventig jaar terug mogen keren? Zou hij dan geen hoop mogen hebben voor Jeruzalem?

Daar hoeft Jeremia niet lang over na te denken. Wat een wonder, hij mag in Israël blijven. ‘Ik wil het liefst hier blijven, bij de mensen die hier zijn achtergebleven. Bij hen ligt mijn taak.’ Nee, hij kan hier niet weg. Diep van binnen heeft hij toch nog een klein beetje hoop voor zijn volk. Hij weet heel goed dat er veel mensen uit Juda er als gevangenen naar Babel moeten. Hij weet ook hoe arm en zwak de mensen van Juda zijn die zijn achtergebleven. Maar toch is er hoop in zijn hart. Nu zal het volk van Juda vast wél naar de Heere gaan luisteren! Na zo’n zware straf zal het volk Hem toch wel gaan dienen? En heeft de Heere zelf niet beloofd dat de gevangenen na zeventig jaar terug mogen keren? Zou hij dan geen hoop mogen hebben voor Jeruzalem?

Ja, Jeremia kan niet anders dan zeggen: De HEERE is rechtvaardig, want ik ben Zijn mond, wederspannig, ongehoorzaam geweest. Het oordeel dat de Heere geeft, is verdiend. Het volk is ongehoorzaam geweest. Jeremia heeft ze gewaarschuwd: geef je over aan Babel, maar de koning en het volk wilden niet luisteren. Nee, ze geloofden de Heere niet. Daarom heeft de Heere Zijn straf uitgevoerd. De Heere is geworden als een vijand; Hij heeft Israël gestraft, Hij heeft al haar paleizen kapot gemaakt. Hij heeft haar verdriet groot gemaakt. Misschien herken je dit zelf ook wel. Dat jij eigenlijk liever je eigen zin doet, dan dat je naar het woord van de Heere luistert. Onthoud dan wel: de Heere is genadig en vol van liefde, maar Hij is ook rechtvaardig. De Heere moet de zonden straffen!

De gedachten van Jeremia gaan naar de tempel. Gods eigen woning, daar werden de offers gebracht die heen wezen naar de Messias. Gods woonplaats is ontheiligd, leeggeroofd en verwoest. Er is geen ark meer die getuigt van Gods aanwezigheid. Er is geen reukofferaltaar meer dat de gebeden van het volk opzendt naar God. Er is geen kandelaar meer en geen tafel met toonbroden. Al het licht en leven is verdwenen. Het lijkt wel of God Zelf er niet meer is. Ook daar moet Jeremia over zingen. De Heere heeft Zijn altaar verstoten. Hij heeft Zijn heiligdom te niet gedaan, verwoest, Hij heeft de muren van haar paleizen in de hand van de vijand overgegeven. De soldaten van Babel hebben de tempel verwoest, in brand gestoken en de priesters en levieten gedood. Wat vreselijk! Ze hebben gejuicht alsof er een groot feest gevierd werd. Zo blij waren ze.

Jeremia denkt terug aan de tocht naar Mizpa en Rama. Daar, buiten de stad stonden de vreemdelingen te spotten met de gevangenen. Ze stonden langs de weg, waarover de mensen uit Jeruzalem werden weggevoerd. Ze spotten met de gevangenen, met God. Ze gooiden naar hen met vuil. Ze roofden hun huizen leeg en hielpen zelfs de soldaten uit Babel. Ook nu staan ze bij de puinhopen van Jeruzalem. Ze lachen en spotten: ‘Is dit nu de stad, waar men van zei, dat zij volkomen van schoonheid was, een vreugde voor de hele aarde? Jeremia kan niet anders dan dit ook noemen in zijn klaaglied. Al uw vijanden sperren hun mond op over u, zij fluiten en knarsen met de tanden, zij zeggen: Wij hebben haar verslonden; dit is immers de dag, die wij verwacht hebben, wij hebben hem gevonden, wij hebben hem gezien. Trots zijn de vijanden van Israël. Trots dat zij de stad hebben ingenomen. Trots dat zij sterker lijken te zijn dan de God van Israël.

Jeremia’s blik is gericht op de aarde, op de puinhopen van Jeruzalem. ‘O God, hoe kan dit? Waarom laat U het toe dat goddeloze heidenen Uw huis, Uw knechten en Uw volk vernielen? Waarom laat u het toe, Heere, dat onze buurvolken met ons spotten en ons bestelen? Hoelang, Heere? Hoelang blijft u toornig?’ Hij voelt zich ellendig. Ik ben de man, die ellende gezien heeft door de roede van Gods verbolgenheid, ik heb Gods straf over de zonden gezien. Toen zei ik: Mijn sterkte is vergaan, en mijn hoop van den HEERE. Gedenk aan mijn ellende en aan mijn ballingschap. Maar dan opeens, Jeremia heft zijn hoofd omhoog. Het lijkt wel of opeens de zon door de donkere wolken breekt. Mijn ziel denkt er wel terdege aan, en zij bukt zich neder in mij. Dit zal ik mij ter harte nemen, daarom zal ik hopen; Het zijn de goedertierenheden des HEEREN, dat wij niet vernield zijn, dat Zijn barmhartigheden geen einde hebben; Zij zijn allen morgen nieuw, Uw trouw is groot. De Heere is er wel! God heeft Zijn oordelen gegeven. God is rechtvaardig, maar het is Gods goedheid dat het volk niet helemaal gedood is. Jeremia kan niet anders zeggen dan: de HEERE is mijn Deel, zegt mijn ziel, daarom zal ik op Hem hopen. De HEERE is goed voor hen, die Hem verwachten, voor de ziel, die Hem zoekt. Het is goed, dat men hope, en stille zij op het heil des HEEREN.
De Heere is alles wat Jeremia nodig heeft. Ondanks de pijn, het verdriet is de Heere goed. De Heere zal niet voor altijd toornig blijven. Wat een prachtige belofte. Het lijkt wel of het klaaglied van Jeremia even verandert in een loflied. Luister maar. Want de Heere zal niet verstoten in eeuwigheid. Maar als Hij bedroefd heeft, zo zal Hij Zich ontfermen, naar de grootheid van Zijn goedertierenheden. Want Hij plaagt of bedroeft des mensen kinderen niet van harte. Wat een heerlijke boodschap. De Heere zal zich ontfermen. De Heere Jezus zal komen en door Zijn lijden en sterven is er verlossing mogelijk. Aan het kruis heeft Jezus alle toorn van Zijn Vader gedragen, zodat er voor het volk van Juda en voor jou verlossing mogelijk is.

Het klaaglied van Jeremia komt ten einde. Maar, er komt nog één gebed in zijn hart. Ja, de Heere is genadig en vol van goedheid. Ook in pijn of verdriet. En toch, kan Jeremia niet anders dan de Heere bidden om Zijn hulp, om Zijn nabijheid. Gedenk, HEERE, wat ons geschied is, aanschouw het, en zie onzen smaad aan. U, o HEERE, zit in eeuwigheid, Uw troon is van geslacht tot geslacht. Waarom zou U ons steeds vergeten? Waarom zou U ons zo’n lange tijd verlaten? Hij bidt of de Heere Zijn volk niet wil vergeten of de Heere in genade aan hen wil denken. Maar, hij weet ook dat het volk zondig is en telkens weer zal zondigen. En daarom bidt Jeremia als laatste: HEERE, bekeer ons tot U, zo zullen wij bekeerd zijn; vernieuw onze dagen als vanouds. Want zou U ons ganselijk verwerpen, niet meer naar ons luisteren? Zou U zozeer tegen ons verbolgen zijn, blijft U boos over de zonden? Bid je met Jeremia mee? Heere, bekeert U mij, want dan alleen kan ik voor U leven. Dan alleen kan ik U dienen.


Achtergrondinformatie bij het Bijbelgedeelte

Algemeen
Het boek Klaagliederen reageert op de val van Jeruzalem en bestaat uit gedichten waarin verschillende personen aan het woord komen. De naam ‘Klaagliederen’ is een vertaling van het Hebreeuwse qînôt. Dit woord duidt op ‘rouwklacht’ of ‘klaaglied’, waarvan het meervoud wijst op verschillende delen. In de Joodse traditie wordt het boek meestal aangeduid met ‘êkâ (ach/hoe). Dit woord staat aan het aan het begin van het boek en de hoofdstukken 2 en 4.

Schrijver van de Klaagliederen
Het boek Klaagliederen begint meteen met een klacht: ‘Hoe zit die stad zo eenzaam, die vol volks was’. Een verwijzing naar een auteur en de plaats van schrijven ontbreken. De opvatting dat Klaagliederen door Jeremia is geschreven is zeer oud. Vaak wordt het verband gelegd met 2 Kronieken 35:25, waar staat dat Jeremia een klaagzang maakte over Josia. De Septuaginta en de Aramese vertaling van de Bijbel noemen beide Jeremia in hun aanhef. Ook kerkvaders en de reformatoren Calvijn en Luther zijn het erover eens dat Jeremia de klaagliederen schreef. De Statenvertaling heeft het opschrift: De Klaagliederen van Jeremia.

Jeremia, wegvoering en ballingschap
Jeremia leefde in de tijd van de laatste koningen van Juda en maakte de verwoesting van Jeruzalem en het begin van de Babylonische ballingschap mee. Dit was een tijd van grote geloofsafval en veel politieke crises. Jeremia leefde bijna gelijktijdig met de profeet Ezechiël. Jeremia is een zoon van Hilkia en afkomstig uit een priestergeslacht uit Anathoth. Zijn naam betekent waarschijnlijk: ‘Moge de Heere verhogen’. Hij is geboren ten tijde van koning Manasse. De profeet heeft geprofeteerd vanaf het 13e jaar van koning Josia, en daarna onder Joachaz, Jojakim en Jojachin tot het 11e jaar van koning Zedekia. Dit heeft hij gedaan tot de verwoesting van Jeruzalem in 587 v. Chr. onder Nebukadnezar. Ten tijde van de val van Jeruzalem zat Jeremia gevangen. Door de bevelhebber Nebuzaradan werd Jeremia bevrijd en hij gaf Jeremia de vrijheid te gaan waar hij wilde. Velen uit Jeruzalem en Juda werden in ballingschap gevoerd. Gedalja volgde koning Zedekia op als stadhouder. Na de moord op Gedalja is Jeremia door een groep Judeeërs meegenomen naar Egypte. Dit tegen het woord van de Heere in. Waarschijnlijk is Jeremia in Egypte overleden.

Genre en poëtische kenmerken
Klaagliederen valt binnen het genre van de rouwliederen. Er zijn meer rouwklachten uit de oudheid bekend die gaan over het verlies van een land of een stad. Klaagliederen is een dichterlijke tekst. Bijbelse poëzie wordt gekenmerkt door een hoge dichtheid van woord- en klankherhaling en door uitgebreide beeldspraak en parallellisme (een stijl waarbij twee zinnen naar inhoud of vorm min of meer gelijk zijn). Binnen de poëzie van Klaagliederen vallen een aantal dingen op: - De verzen bestaan (in het Hebreeuws) uit twee zinsdelen, waarbij het tweede zinsdeel korter is dan het eerste zinsdeel. - In het boek Klaagliederen worden veel gangbare voorstellingen gebruikt. Dit laat zien dat mensen in nood juist kiezen voor traditionele motieven, uitdrukkingen en ritmes. - In de hoofdstukken 1-4 wordt gebruikt gemaakt van een Acrostichon, een naamgedicht. In deze stijlvorm houden de eerste letters van de regels de volgorde van het alfabet aan. Ook wordt in Klaagliederen gebruik gemaakt van de personificatie: dochter van Sion. Dit duidt op de stad Jeruzalem en is een basismetafoor waar andere vergelijkingen uit voort komen, zoals die van een weduwe.

Structuur
Klaagliederen bestaat uit vijf hoofdstukken die onderscheiden worden door literaire kenmerken. De hoofdstukken 1 en 2 hebben allebei 22 verzen van drie regels, waarvan telkens de eerste regel begint met de volgende letter van het alfabet. Beide hoofdstukken hebben zo 66 regels. Hoofdstuk 3 heeft ook 66 regels, maar deze zijn anders gerangschikt: steeds wordt een beginletter van het alfabet drie keer gebruikt. Hoofdstuk 4 is ook een acrostichon, maar telt 44 regels. Hoofdstuk 5 is geen acrostichon, maar heeft wel 22 regels.

Hoofdstuk 1
22 verzen
3 regels
1x alfabet

Hoofdstuk 2
22 verzen
3 regels
1x alfabet

Hoofdstuk 3
66 verzen
1 regel
3x alfabet

Hoofdstuk 4
22 verzen
2 regels
1x alfabet

Hoofdstuk 5
22 verzen
1 regel
Geen alfabet

Het feit dat hoofdstuk 3 een andere rangschikking heeft, geeft aan dat de nadruk op dit middelste hoofdstuk ligt.

Indeling
Kort gezegd kan het boek Klaagliederen op de volgende manier ingedeeld worden:
Hoofdstuk 1: De rouw over en van Sion
a. De dichter spreekt (1-11)
b. Dochter Sion spreekt (12-22)
Hoofdstuk 2: De verwoesting van Juda en Jeruzalem
a. De dichter spreekt over de verwoesting van Sion (1-19)
b. De roep van dochter Sion (20-22)
Hoofdstuk 3: Ellende en vertroosting
a. Het lijden, de wanhoop en hoop van de dichter (1-24)
b. De dichter geeft wijze raad in het lijden (25-39)
c. Oproep tot bekering en een gemeenschappelijke klacht (40-51)
d. Vroegere en toekomstige verlossing (52-66)
Hoofdstuk 4: Nederlaag en heil
a. Verval binnen de stad )1-16)
b. Reactie van de gemeenschap (17-20)
c. Profetische stem: heil voor Juda (21-22)
Hoofdstuk 5: Smeekbede van het volk
a. Openingspleidooi (1)
b. Klachten over het lijden (2-18)
c. Slotpleidooi (19-22)

Liturgisch gebruik
Het boek wordt verbonden met de herdenking van de tempelverwoesting. Uit Jeremia 41:4-8 blijkt dat al in de tijd van gouverneur Gedalia rouwdragenden uit andere delen van het land komen met afgeschoren baarden, gescheurde kleren en open gekerfde huid, om naar de restanten van de tempel te gaan. Zes of zeven decennia later wordt in de zesde en zevende maand rouw gedragen over Sion. Uiteindelijk kiest men ervoor om de herdenking plaats te laten vinden op de negende Av, de vijfde maand. Door het opzeggen van Klaagliederen tijdens de herdenking van de tempelverwoesting kunnen de Joden uiting geven aan hun pijn, het lijden en het gevoel van vervreemding.

Boodschap van Klaagliederen
In Klaagliederen spreekt een gelovige die overtuigd is van het oordeel van God en hier tegelijkertijd mee worstelt. De lezer krijgt inzicht in het grote verdriet en lijden van de gelovigen. Naar het oordeel is er ook hoop op verlossing. De boodschap van Klaagliederen kan in een aantal punten verdeeld worden.

Zonde, straf en oordeel
Omdat Israël het verbond met God heeft geschonden, wordt zij gestraft. Daarom wordt in Klaagliederen ook niet gevraagd òf het volk moet lijden. Regelmatig komt de erkenning van schuld naar voren. Ook wordt de val van de stad toegeschreven aan zonden van verkeerde profeten en priesters. De ernst van de zonde komt vooral naar voren in Klaagliederen 4:16, waar de dichter opmerkt dat de zonden van Sion groter zijn dan die van Sodom.

Vraag om strafvermindering
Meerdere keren wordt er in Klaagliederen schuld beleden, maar de nadruk ligt op het vreselijke lijden van het volk. Het boek toont grote bewogenheid met het onderdrukte Sion. Verbonden met de ernst van de zonde en straf is de overtuiging van Gods rechtvaardigheid. Wel probeert de dichter de Heere te bewegen tot vermindering van de straf, dit door onder andere op het gedrag van tegenstanders te wijzen.

De weg naar bevrijding
Het laatste woord is niet aan het oordeel. In de tekst komt duidelijk naar voren dat de Heere uiteindelijk verlossing zal schenken. Deze verlossing komt voort vanuit het verbond. In het boek zijn twee eigenschappen van God terug te vinden die een rol spelen in de hoop op herstel. In de eerste plaats is dit Gods rechtvaardigheid. In de tweede plaats is dit de overtuiging dat God soeverein is. De straf komt bij God vandaan, maar Hij zal ook de andere volken oordelen.

De dag des Heeren
De val van Jeruzalem in Klaagliederen heeft overeenkomsten met de dag des Heeren. Deze dag wordt gekenmerkt door het oordeel van God. Dit is ook terug te vinden in de profetieën. Tegelijkertijd spreken de profetieën niet alleen over oordeel, maar ook over verlossing en heil.

De rol van de dichter
In het derde hoofdstuk treedt de dichter van de klaagliederen op als ‘verwonde genezer’. Hij troost het volk en spoort aan tot gebed. Dit doet hij door te spreken over zijn eigen lijden en over de trouw van God die hij hierin mocht beleven. Op grond van Gods trouw mag er heil worden verwacht.

Belijdenisgeschriften
- Heidelbergse Catechismus zondag 2, 4 en 5: Van de ellende en de verlossing van de mens.
- NGB-artikel 23: Dat onze rechtvaardigmaking bestaat in de vergeving van de zonden en de toerekening van de gehoorzaamheid van Christus.


Antwoorden bij werkboekje -10

Weet je het nog?
Welk woord hoort op de lijn?
1. Koning Zedekia en het volk van Juda luisteren niet naar de Heere. kZiedea
2. Ze zoeken liever hulp bij Egypte, dan bij de Heere. eEtgpy
3. Jeremia waarschuwt het volk. aeJirme
4. De stad Jeruzalem wordt verwoest. zlamJeeru
5. Het volk van Juda wordt weggevoerd naar Babel. alebB
6. Jeremia wil liever in Israël blijven, dan met het volk mee naar Babel. Iesalr
7. Als hij de puinhopen van Jeruzalem ziet, zingt hij een klaaglied. edgilaKla
8. Hij zingt dat het oordeel van de Heere rechtvaardig is. leedroO
9. Ook al is de stad verwoest en het volk weggevoerd, de Heere zal zich ontfermen. enmofnetr
10. Als laatste bidt Jeremia in zijn lied om bekering. negkierb

Om over te praten
De Heere strafte koning Zedekia en het volk Israël door de stad Jeruzalem te verwoesten en het volk weg te voeren naar Babel.
- Het volk had de straf van de Heere verdiend, waarom?
De Heere sprak tot het volk door de profeet Jeremia, maar zij wilde niet luisteren. Toen de koning van Babel kwam met zijn leger, zochten ze liever hulp bij Egypte, dan dat ze op de Heere vertrouwde.
- Waarom is het zo belangrijk dat ook wij naar de woorden van de Heere luisteren?
De Heere sprak door de profeet Jeremia tot het volk van Juda. Zij hadden gezondigd en moesten opnieuw gaan luisteren naar de Heere. Wij hebben de Bijbel gekregen en kunnen hierdoor weten hoe de Heere wil dat wij Hem dienen. Juist daarom is het belangrijk de Bijbel te lezen en te luisteren naar de uitleg van de dominee, meester, juf, vader of moeder.

Jeremia schreef een klaaglied over de verwoesting van de stad Jeruzalem.
- Om welke dingen ben jij wel eens verdrietig? Mogelijke antwoorden zijn: bij ziekte, pijn, overlijden. Belangrijk is de antwoorden van de kinderen serieus te nemen en hier het gesprek over te voeren. Hoe komt het dat de kinderen juist om deze dingen verdrietig zijn. Zijn de kinderen ook wel eens verdrietig over iets wat met het geloof in de Heere God te maken heeft? Bijv. verdriet hebben over de zonden die je hebt gedaan.
- Hoe merken anderen aan jou dat je verdrietig bent?
Mogelijke antwoorden zijn: huilen, stil zijn, tranen.

In Klaagliederen merken we dat Jeremia op de Heere blijft hopen.
- Waaraan merk je dat Jeremia blijft hopen op de Heere?
Ook al klaagt Jeremia en is hij verdrietig, hij zegt dat de Heere trouw is. De Heere is zijn Deel. Jeremia zegt in Klaagliederen 3:24: De HEERE is mijn Deel, zegt mijn ziel, daarom zal ik op Hem hopen.
- Ook wij mogen op de Heere hopen als we verdrietig zijn. Hoe kunnen we dit doen?
We mogen vertrouwen dat de Heere zorgt, juist ook als wij pijn of verdriet hebben. Juist als we verdrietig zijn mogen we naar de Heere toegaan en dit aan Hem vertellen. Daarnaast is het goed en mooi om juist dan uit de Bijbel te lezen, te bidden en psalmen of liederen te zingen.

Verdriet in de Bijbel
Deze vragen gaan over andere personen in de Bijbel die verdriet of moeite hebben. Geef antwoord op de vragen en ontdek een belangrijke boodschap uit Klaagliederen 3.

Toen de broers vader Jakob de gescheurde … van Jozef lieten zien, scheurde hij zijn kleren.
• JAS
Toen Naomi terugkwam uit … zei zij: Noem mij maar Mara.
• Moab
Hanna bad in de tabernakel om een kind, terwijl … dacht dat zij dronken was.
• Eli
… was in rouw nadat de profeet Nathan hem vertelde dat hij gezondigd had.
• David
Jeremia klaagt, maar blijft … op de Heere.
• hopen
De Heere Jezus huilde bij het graf van …
• Lazarus

Antwoord: De Heere is mijn Deel.

Leg eens uit wat dit betekent. Ook al was Jeremia erg verdrietig en schreef hij een klaaglied over Jeruzalem, hij wist: de Heere is bij mij. De stad lag in puin, de spullen waren geroofd, maar Jeremia geloofde dat de Heere trouw was.


Antwoorden bij werkboekje +10

Weet je het nog?
Welk woord hoort op de lijn? Als je de dikgedrukte letters op de juiste plaats invult, vormen zij een woord. Weet je wat dit woord betekent?
1. Koning Zedekia en het volk van Juda luisteren niet naar de Heere. kziedea (2)
2. Ze zoeken liever hulp bij Egypte, dan bij de Heere. eetgpy (4)
3. Jeremia waarschuwt het volk. aejirme (1)
4. De stad Jeruzalem wordt verwoest. zlamjeeru (3)
5. Het volk van Juda wordt weggevoerd naar Babel. alebb (9)
6. Jeremia wil liever in Israël blijven, dan met het volk mee naar Babel. iësalr (7)
7. Als hij de puinhopen van Jeruzalem ziet, zingt hij een klaaglied. edgilakla (6)
8. Hij zingt dat het oordeel van de Heere rechtvaardig is. leedroo (8)
9. Ook al is de stad verwoest en het volk weggevoerd, de Heere zal zich ontfermen. enmofnetr (5)
10. Als laatste bidt Jeremia in zijn lied om bekering. negkierb(10)

Antwoord: Jeremiëren. Dit betekent dat je een jammert of klaagt over iets ergs wat er met jou of een ander is gebeurd.

Om over te praten
De Heere strafte koning Zedekia en het volk Israël door de stad Jeruzalem te verwoesten en het volk weg te voeren naar Babel.
- Het volk had de straf van de Heere verdiend, waarom?
De Heere sprak tot het volk door de profeet Jeremia, maar zij wilde niet luisteren. Toen de koning van Babel kwam met zijn leger, zochten ze liever hulp bij Egypte, dan dat ze op de Heere vertrouwde.
- Waarom is het zo belangrijk dat ook wij naar de woorden van de Heere luisteren?
- De Heere sprak door de profeet Jeremia tot het volk van Juda. Zij hadden gezondigd en moesten opnieuw gaan luisteren naar de Heere. Wij hebben de Bijbel gekregen en kunnen hierdoor weten hoe de Heere wil dat wij Hem dienen. Juist daarom is het belangrijk de Bijbel te lezen en te luisteren naar de uitleg van de dominee, meester, juf, vader of moeder.

Jeremia schreef een klaaglied over de verwoesting van de stad Jeruzalem.
- Om welke dingen ben jij wel eens verdrietig? Mogelijke antwoorden zijn: bij ziekte, pijn, overlijden. Belangrijk is de antwoorden van de kinderen serieus te nemen en hier het gesprek over te voeren. Hoe komt het dat de kinderen juist om deze dingen verdrietig zijn. Zijn de kinderen ook wel eens verdrietig over iets wat met het geloof in de Heere God te maken heeft? Bijv. verdriet hebben over de zonden die je hebt gedaan.
- Hoe merken anderen aan jou dat je verdrietig bent?

Mogelijke antwoorden zijn: huilen, stil zijn, tranen.

Jeremia zegt in zijn lied dat God rechtvaardig is.
- Wat bedoelen we met de rechtvaardigheid van de Heere?

Gods rechtvaardigheid betekent dat Hij iedereen geeft wat hij of zij verdient. Alleen de Heere is volmaakt rechtvaardig. Hij beloont de mensen die Hem dienen en straft zondaren op een volmaakte manier.

- Hoe zie je dit terug in het klaaglied van Jeremia?
Jeremia is niet boos, maar verdrietig. Hij geeft de Heere niet de schuld van de verwoesting van Jeruzalem, maar hij belijdt dat deze straf verdiend is.

In Klaagliederen merken we dat Jeremia op de Heere blijft hopen.
- Waaraan merk je dat Jeremia blijft hopen op de Heere?
- Ook al klaagt Jeremia en is hij verdrietig, hij zegt dat de Heere trouw is. De Heere is zijn Deel. Jeremia zegt in Klaagliederen 3:24: De HEERE is mijn Deel, zegt mijn ziel, daarom zal ik op Hem hopen.
- Ook wij mogen op de Heere hopen als we verdrietig zijn. Hoe kunnen we dit doen?
We mogen vertrouwen dat de Heere zorgt, juist ook al wij pijn of verdriet hebben. Juist als we verdrietig zijn mogen we naar de Heere toegaan en dit aan Hem vertellen. Daarnaast is het goed en mooi om juist dan uit de Bijbel te lezen, te bidden en psalmen of liederen te zingen.

Psalm 79
Ook Asaf heeft een klaaglied geschreven over de verwoesting van Jeruzalem. Zoek psalm 79 eens op in je Bijbel. Welke verzen uit deze psalm komen overeen met de teksten uit Klaagliederen die je hieronder vindt? Schrijf deze verzen op in het antwoord vak.

Klaagliederen 2:20 en 21a
Zie, HEERE, aanschouw toch, aan wien Gij alzo gedaan hebt; zullen dan de vrouwen haar vrucht eten, de kinderkens, die men op de handen draagt? Zullen dan de profeet en de priester in het heiligdom des HEEREN gedood worden? De jongen en de ouden liggen op de aarde op de straten; mijn jonkvrouwen en mijn jongelingen zijn door het zwaard gevallen; Antwoord: Psalm 79:1-2

Klaagliederen 3:14
Ik ben al mijn volk tot belaching geworden, hun snarenspel den gansen dag. Antwoord: Psalm 79:4 en 10

Klaagliederen 3:64
HEERE! geef hun weder die vergelding, naar het werk hunner handen. Antwoord: Psalm 79:12

Klaagliederen 5:20
Waarom zoudt Gij ons steeds vergeten? Waarom zoudt Gij ons zo langen tijd verlaten? Antwoord: Psalm 79:5

Wat is de kern van het klaaglied van Asaf? Probeer dit eens in één zin op te schrijven. Antwoord: Meerdere antwoorden zijn mogelijk. Aspecten die naar voren kunnen komen zijn: verwoesting van de tempel, gebed om vergeving, Gods straf over de heidenen, Gods trouw voor Zijn volk.

Verdriet in de Bijbel
Deze vragen gaan over andere personen in de Bijbel die verdriet of moeite hebben. Geef antwoord op de vragen en ontdek een belangrijke boodschap uit Klaagliederen 3.

Toen de broers de gescheurde jas van Jozef aan vader … lieten zien, bedreef hij vele …. rouw over hem.

Na haar terugkeer uit Moab zei …: noem mij maar Mara.

… bad in de tabernakel om een kind, terwijl Eli dacht dat zij dronken was.

David was in rouw nadat de … Nathan hem vertelde dat hij gezondigd had.

De duivel nam alles af van Job. Zelfs zijn eigen … liet hem in de steek.

De Heere Jezus huilde bij het graf van ….

Antwoord: Want Hij plaagt of bedroeft des mensen kinderen niet van harte.

Wat wil Jeremia hier mee zeggen?
Het is onjuist om te denken dat God de mensen graag wil straffen. Bij voorkeur zegent Hij en Hij wil niet vervloeken. Dit sluit aan bij Gods Naam, welke Hij bekend maakt aan Mozes. Jeremia weet zeker dat God trouw is, ook al ziet hij dat nu niet gelijk. De Heere wil juist tegenslag gebruiken om ons dichter bij Hem te brengen.

Acrostichon
De eerste vier hoofdstukken van Klaagliederen zijn een gedicht, een acrostichon. Een acrostichon wordt ook wel een naamgedicht genoemd. In de Bijbel begint elk vers van een acrostichon met de volgende letter van het Hebreeuwse alfabet. Soms beginnen de regels of coupletten met de volgende letter van een naam. Denk maar aan ons volkslied: het Wilhelmus.

Probeer eens een gedicht te schrijven over wat je hebt gehoord. Elke regel begint met de volgende letter van de naam Jeremia. Als je klaar bent, kun je de eerste letter van elke regel versieren. Let op: een acrostichon mag rijmen, maar dit hoeft niet.

Voorbeeld
David zong,
Al was hij nog maar jong
Voor de Heere.
In zijn leven wilde hij
De Heere dienen, en jij?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 september 2024

Kompas Handleiding | 20 Pagina's

Handleiding 3: Het klaaglied van Jeremia

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 september 2024

Kompas Handleiding | 20 Pagina's