Handleiding 5: Maria en Elisabet
Thema: Vrouwen in de Bijbel
Bij deze handleiding is een -10 en een +10 werkboekje beschikbaar. Klik op onderstaande link om deze in te zien.
Toelichting op het thema
Dit jaar gaan de vertellingen over ‘vrouwen in de Bijbel’. Deze schets over Maria en Elisabet brengt ons bij het Kerstevangelie. Twee godvrezende vrouwen ontmoeten elkaar. Elisabet mocht een zegen zijn voor Maria, terwijl ze zelf een zegen ontving in de komst van Maria.
Doel van de vertelling
De vertelschets is vanuit de vrouwen beschreven. Ten diepste gaat het echter niet om de overeenkomsten tussen de aanstaande moeders, hoe groot en wonderlijk ook. Maar het gaat om het Kind, de Heere Jezus. Hij kwam naar deze wereld om te lijden en te sterven en zo Zijn volk zalig te maken van zonde en schuld. Elisabet en Maria geloven het woord van de Heere. Maria uit haar geloof in een lofzang. Dat is ook de subtitel van het programma: ‘Een lofzang tot Zijn eer’.
Introductie van het thema voor de kinderen
Laat eventueel een paar voorbeelden van geboortekaartjes zien aan de kinderen. Vraag aan de kinderen: Wat staat er vaak bovenaan een geboortekaartje? blij en verwonderd…, of: met dank aan God…
De vader en moeder en als er misschien ook broertjes of zusjes zijn, zijn heel blij als er een baby geboren wordt en ze mogen de Heere daarvoor danken.
De vertelling van vandaag gaat over twee moeders, Maria en Elisabet. Ze mogen allebei een kindje krijgen. En wat zijn ze blij, verwonderd en dankbaar. Maria mag een lofzang zingen tot eer van de Heere. Wat een wonder als we de Heere mogen loven in ons leven. Dat we mogen leven tot eer van Hem.
Zingen
Zie het kerstprogramma
Lezen
Lukas 1:39-55
Kerntekst
En Maria zeide: Mijn ziel maakt groot den Heere.
Vertelling
Al een paar keer is Elisabet naar buiten gelopen. Komt Zacharias er al aan? Ze kan de weg niet heel ver afkijken. In dit berglandschap van Judea zijn de wegen bochtig. Zacharias is naar Jeruzalem gegaan. Het was zijn beurt om in de tempel te dienen, het reukoffer te brengen. En dat was heel bijzonder. Er zijn zoveel priesters dat er elke keer door loting iemand gekozen werd om het reukoffer te mogen brengen. Een priester voerde deze taak hooguit één keer in zijn leven uit.
Elisabet weet dat Zacharias met een blij hart de weg naar Jeruzalem gegaan is. Zacharias houdt veel van de Heere. Hij spreekt vaak met God, in het gebed. Daarom doet hij het werk in de tempel ook graag. Dat kan Elisabet goed begrijpen. Ze houdt immers zelf ook veel van de Heere. Nu is ze benieuwd hoe het gegaan is. Heeft Zacharias offers mogen brengen, of misschien zelfs het reukoffer in het Heilige gebracht?
Als ze weer een keer naar buiten loopt, ziet ze hem in de verte aankomen. Langzaam komt hij dichterbij. Elisabet roept hem een groet toe, maar ze krijgt geen antwoord. Ze wacht op zijn woorden, maar… Zacharias spreekt niets! Wat is dat vreemd! Als Zacharias voor haar staat, is het voor Elisabet duidelijk: hij wil wel wat vertellen, maar hij kan niet praten. Wat is er toch gebeurd? Hoe komt ze dat te weten als Zacharias niet kan praten? Ze gaan het huis binnen.
Zacharias moet het maar opschrijven! Elisabet zoekt een schrijfplankje en geeft het aan haar man. Zacharias gaat schrijven, maar het zijn zulke wonderlijke dingen! Op het schrijftafeltje leest Elisabet over wat er gebeurd is in de tempel. Terwijl Zacharias daar bezig was met het reukoffer kwam er een engel uit de hemel. En dan schrijft Zacharias een geweldige belofte op het schrijftafeltje: wij zullen een zoon krijgen. Een bijzonder kind, want het zal de voorloper van de Messias zijn! Johannes moet hij heten. Johannes betekent: God is genadig. Zacharias' handen trillen als hij verder schrijft. Hij schrijft over zijn ongeloof en de straf die hij daarvoor kreeg: hij zal niet meer kunnen praten, totdat alles gebeurd is wat God beloofd heeft.
Stil leest Elisabet de woorden mee, terwijl Zacharias schrijft. Met een verwonderd hart leest ze nóg eens die woorden: we zullen een zoon krijgen! Heeft God dan tóch al die gebeden gehoord waarin ze gesmeekt heeft om een kind? Heel vaak heeft ze gevraagd om moeder te mogen worden. Maar de jaren gingen voorbij. Zacharias en zij zijn nu al oud. Ze dachten niet meer aan een kind. Gaat de Heere nú nog hun wens vervullen? Zal ze toch nog moeder worden? Zou het waar zijn dat over een poosje de vrouwen in het dorp niet meer van haar zeggen zullen: dat is Elisabet, zij heeft geen kind. O, wat had ze het altijd erg gevonden. Zij hoorde niet bij al die moeders die hoopten dat hun kinderen de tijd van de Messias zouden beleven, of dat uit hun familie de beloofde Messias geboren zou worden. Zou al dat verdriet nu echt voorbij zijn? Ja, zou het zelfs betekenen dat de Messias nu snel komt, omdat hun kind de voorloper zal mogen zijn?
Elisabet is verwonderd en wat heeft ze veel om over na te denken! Ze spreekt er niet over met andere mensen in het dorp. Ze blijft in huis, vijf maanden lang. Pas als het aan haar te zien is dat ze in verwachting is, gaat ze weer het dorp in. Nu mag iedereen het weten: Elisabet en Zacharias verwachten een kind! Dat is heel bijzonder. Wat bij de mensen onmogelijk is, is mogelijk bij God.
In Nazareth, een dorpje in Galilea, is een jonge vrouw in huis aan het werk. Zij heet Maria. Ze is nog niet getrouwd, maar over een poosje zal dat anders zijn. Maria voelt zich heel gelukkig als ze daaraan denkt. Ze is in ondertrouw met Jozef. Hij is timmerman in dit dorp. Ze houden van elkaar, maar wat nog belangrijker is: ze houden ook allebei van de Heere! Ze geloven allebei dat de Heere hun leven leidt. Allebei zijn ze uit het geslacht van David, de koning die de Heere vreesde. Jozef en Maria willen ook in hun leven Gods wil doen, Hem dienen.
Plotseling worden Maria’s gedachten onderbroken. Ze hoort een vriendelijke stem. Verbaasd kijkt ze op. Daar ziet ze een engel staan, een boodschapper van God uit de Hemel. ‘Wees gegroet, gij begenadigde; de Heere is met u, gij zijt gezegend onder de vrouwen’, zegt de engel. Verwonderd luistert Maria naar deze woorden. Wat bedoelt de engel? God, de Heere, is zo heilig. Heeft Hij haar gezien? Heeft Hij haar uitgekozen voor iets bijzonders? De engel begrijpt wel dat dat ze van zijn woorden schrikt. Hij zegt: ‘Vrees niet.’ Dan vertelt hij haar wat er zal gaan gebeuren. In haar lichaam zal een Kind gaan groeien. Als Hij geboren is moet ze Hem Jezus noemen. Dit Kind is Gods Zoon, de Zoon van de Allerhoogste. Ze zal de moeder van de beloofde Messias, van de Heere Jezus mogen zijn.
Dan vraagt Maria: ‘Hoe zal dat gaan?’ Hoe kan zij een kind verwachten, terwijl ze nog niet getrouwd is? De engel legt haar uit dat het niet op een gewone manier zal gebeuren. De Heilige Geest zal met een bijzondere kracht in haar werken en zó zal dit Kind gaan groeien in haar buik. Zij mag de moeder zijn en God zal Zijn Vader zijn.
Maria heeft goed geluisterd. Wat een groot wonder: de Heere stuurt Zijn Zoon naar deze aarde en zij mag Zijn moeder zijn. Wat is Gods liefde voor de mensen groot. In Zijn barmhartigheid ziet Hij de zondige wereld aan en zendt Zijn Zoon, zodat Hij de mensen zal kunnen verlossen van de zonde.
Dan vertelt de engel aan Maria dat ook haar nicht Elisabet een kind verwacht. Ook dat is een wonder. De engel zegt: ‘Bij God is geen ding onmogelijk.’
Dan gaat de engel weer weg. Maria blijft achter. Daar zit ze weer alleen in huis. Wat een verandering. Eerst was haar hart vol van Jozef en hun bruiloft. Maar nu is haar hart vol van wat de engel heeft gezegd. God heeft haar gezien en haar uitgekozen om de moeder van de Messias te zijn. Ze begrijpt niet waarom. Ze is niet rijk, niet belangrijk of bijzonder, al is ze uit het geslacht van David. Een heel gewoon meisje is ze. God kent haar verlangen naar de Zaligmaker tot vergeving van haar schuld. En wat een wonder dat deze Zaligmaker nu uit haar geboren mag worden.
Maria wil erover spreken met iemand. De engel noemde Elisabets naam en zei ook dat zij een kind verwacht. Ook bij Elisabet is er een wonder gebeurd. Nu wil Maria snel naar haar toe. Met haar zal ze erover kunnen praten.
Een paar dagen is ze bezig met de voorbereidingen en dan gaat ze op weg. Het is een reis van ongeveer vier dagen. Al vaker liep Maria de weg naar Jeruzalem. Tijdens de feestdagen ging ze met een grote groep naar de tempel. Nu loopt ze alleen. Nog verder dan Jeruzalem moet ze; helemaal naar het gebergte van Judea. Voelt ze zich niet eenzaam? Is ze niet bang voor de gevaren? Maria’s hart is zo vol van Gods liefde en van Zijn genade dat ze niet veel aan andere dingen denkt. Terwijl ze loopt, zingt het in haar hart.
In een huis in Judea is een vrouw bezig met haar werk. Soms zucht ze van vermoeidheid. Is dat omdat ze zo druk is geweest? Nee, het werk is soms zwaar voor haar, omdat ze in verwachting is. Het is Elisabet, de vrouw van Zacharias. Daar klinkt opeens in de deuropening een blijde, jonge stem. Maria is aangekomen bij het huis van Elisabet en ze groet haar nicht. Verrast kijkt Elisabet op en direct legt ze haar handen op haar buik. Want daarbinnen beweegt het kind opeens heel erg. Het kindje springt op in haar buik.
Dan vervult de Heilige Geest het hart van Elisabet en ze zingt het uit: ‘Maria, wat ben je gezegend boven alle andere vrouwen. En gezegend is het Kind dat in jouw buik mag groeien. Nog voor Maria iets heeft verteld, maakt de Heilige Geest aan Elisabet duidelijk wat er gebeurd is en nog komen zal. Elisabet is verwonderd en blij dat de moeder van de Heere Jezus bij haar op bezoek komt. Maria is wel veel jonger dan zij, maar ze weet: Maria is door God uitgekozen om de moeder van haar Zaligmaker te worden. Daarom vindt ze Maria veel belangrijker dan zichzelf. Zij mag zelf wel de moeder worden van Johannes, de voorloper, maar Maria wordt de moeder van Gods Zoon.
Dan vertelt Elisabet wat er gebeurde toen Maria binnenkwam. Dat het ongeboren kindje opsprong in haar buik toen Maria haar groette. Ze zegt: ‘Maria, je bent zalig, omdat je hebt geloofd wat de Heere heeft gezegd. Alles wat God zegt zal gebeuren.’ Zo zeker vertrouwt Elisabet op de Heere dat ze er Maria blij mee maakt. Ja, Maria vertrouwt ook op God en op Zijn belofte. Ze antwoordt op Elisabet met een lofzang: ‘Mijn ziel maakt groot de Heere.’
Ze zingt: ‘Ik ben zo verheugd in God, Hij is mijn Redder, mijn Zaligmaker.’ Maria weet dat zij door haar zonde verloren lag, maar nu mag ze zich verheugen, omdat de Heere haar verlossen zal. Ze zegt: ‘Ik ben maar een arm meisje, maar God heeft uit genade mij deze grote gunst bewezen. Alle mensen zullen het zeggen hoe goed de Heere voor mij geweest is. Hij heeft grote dingen aan mij gedaan, want ik ben nu in verwachting van dit bijzondere Kind.’
Maria heeft gemerkt hoe machtig en heilig God is. Hij is barmhartig over allen die Hem vrezen. Hij zal komen om zondaren zalig te maken.
Zo mogen die twee aanstaande moeders samen spreken en samen zingen. Wat is het goed om zo samen God te loven en te prijzen. Goed spreken over God, met je vriend of vriendin, je broer of zus, je vader of moeder. Samen zingen tot eer van Hem. Omdat de Heere Jezus, de Zaligmaker naar deze aarde is gekomen, is er voor mensen een weg terug naar God. Dat is een onvoorstelbaar groot wonder. Daarom kunnen wij ook nog zalig worden. En als Hij in je leven komt, zoals bij Elisabet en Maria, dan zing je met hen mee: ‘Mijn ziel maakt groot de Heere.’
Het is maanden later. God heeft Zijn belofte vervuld. In het huis van Zacharias en Elisabet is een zoon geboren: Johannes. Elisabet is moeder geworden. Ze heeft geluisterd en in haar hart meegezongen toen Zacharias ervan ging zingen. God heeft Zijn belofte vervuld. Ook Maria is moeder geworden. In haar armen houdt ze haar Zoon, haar Zaligmaker, de beloofde Messias! Jezus is Zijn Naam. En opnieuw zingt ze: Mijn ziel maakt groot de Heere, en mijn geest verheugt zich in God mijn Zaligmaker!
Achtergrondinformatie bij het Bijbelgedeelte voor leidinggevenden
Elisabet: haar naam betekent de God des eeds of God heeft gezworen. Haar leeftijd weten we niet. Ze was wel op een leeftijd gekomen dat de hoop op het krijgen van een kind er niet meer was. Deze kinderloosheid bracht diep verdriet met zich mee; men zag dat in die tijd als een grote schande, omdat dit werd gezien als een teken van Gods ongenoegen.
Elisabet was getrouwd en woonde met Zacharias in de heuvels van Judea. Waarschijnlijk in de stad Hebron, dat was een priesterstad.
Gabriël: Twee engelen worden met name genoemd in de Bijbel: Gabriël en Michaël. Gabriël verschijnt viermaal; twee keer aan Daniël en een keer aan Zacharias en aan Maria. Zijn naam betekent sterke man Gods.
Maria: Ze is ondertrouwd met Jozef. Haar naam is een weergave van de Hebreeuwse naam Mirjam. Ze woont in Nazareth. Ze blijft ongeveer drie maanden bij haar nicht Elisabet.
Lofzang van Maria: Maria zal moe geweest zijn van de reis, maar ze vergeet dit en wordt vervuld met nieuwe kracht en vreugde als zij met Elisabet heeft gesproken. God alleen is het voorwerp van de lof en het middelpunt van de vreugde: Mijn ziel maakt groot den Heere! Ze gebruikt in haar lofzang meerdere uitspraken uit het Oude Testament. Ook is er inhoudelijk overeenkomst tussen de lofzang van Maria en de lofzang van Hanna (1 Sam. 2).
Ondertrouw: De ondertrouw was een wettelijke verplichte band, dit ging vooraf aan een huwelijk. Het gebeurde met getuigen waarbij een geldstuk werd gewisseld en het werd met een zegenwens besloten. In onze tijd kunnen we dit vergelijken met de ondertrouw.
Misschien meer/beter vergelijken met de ondertrouw, maar dan toch veel sterker; niet helemaal. Want voltrekking van het huwelijk voor getuigen moest nog plaatsvinden. Het was dan ook heel erg als dit nog verbroken werd. En zeker als dat gebeurde door overspel. Ja, zelfs zo, dat dat openbaar bekend gemaakt werd en de overspeler/overspeelster openbaar te schande werd gemaakt. Dit maakt het antwoord van Maria ook zo wonderlijk. Ze geeft zich helemaal aan de Heere over, ook al weet ze wat er het gevolg van zal zijn. Verachting en verstoting door Jozef, haar ondertrouwde man. Verachting ook van haar familie en volksgenoten. Ze zal worden nagewezen. In Israël betekende het in feite dat men al getrouwd was. Alleen de officiële voltrekking van het huwelijk voor getuigen moest nog plaatsvinden. Het was dan ook heel erg als dit nog verbroken werd. En zeker als dat gebeurde door overspel. Ja, zelfs zo, dat dat openbaar bekend gemaakt werd en de overspeler/ overspeelster openbaar te schande werd gemaakt. Dit maakt het antwoord van Maria ook zo wonderlijk. Ze geeft zich helemaal aan de Heere over, ook al weet ze wat het gevolg er van zal zijn. Verachting en verstoting door Jozef, haar ondertrouwde man, verachting ook van haar familie en volksgenoten. Ze zal dan worden nagewezen. Daardoor zou Maria dan ook delen in de schande van de Heere Jezus.
De engel Gabriël beschrijft de geboorte van Jezus als een bijzondere daad van God. De Heilige Geest zal ervoor zorgdragen dat dit Kind ontvangen wordt. Maria zal zwanger worden zonder toedoen van een man. Het Kind zal daarom Iemand zijn zonder zonde. Dit is tegelijk het bewijs dat het Kind de Zoon van God is.
Belijdenisgeschriften
Heidelbergse Catechismus Zondag 11, 12, 13, 14
NGB Art. 10
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 2021
Kompas Handleiding | 5 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 2021
Kompas Handleiding | 5 Pagina's