Weet-je
De hogepriester had prachtige kleren aan. Op zijn voorhoofd droeg hij een gouden plaat met de woorden: "De Heiligheid des Heeren". Alleen hiermee mocht de zondige en onheilige hogepriester bij de heilige God komen in het Heilige der Heiligen. Op zijn borst droeg hij de efod, met daarop twaalf edelstenen, die de namen van de twaalf stammen van Israël droegen. Hij deed dezelfde dingen als de gewone priesters, maar één keer per jaar sprengde de hogepriester het bloed van geofferde dieren op en voor het deksel van de Ark om verzoening te doen (dat is: vergeving vragen) voor de zonden van het volk. Zo was de hogepriester een beeld van de Heere Jezus, die met Zijn eigen bloed zou betalen voor de zonden van Zijn volk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 december 2004
Daniel | 36 Pagina's