Weet-je
Een Israëlitisch soldaat had aanvals- en verdedigingswapens. Het zwaard was een aanvalswapen. Het korte zwaard werd gedragen aan de gordel, het lange zwaard (zoals bijvoorbeeld Goliath had) droeg hij aan een draagband tussen de schouders. De soldaat had vaak ook een werpspeer (1 Samuël 18: 11). Deze had een metalen punt die met nagels vastzat aan een houten stok.
De helm, het pantser en het schild waren verdedigingswapens. Het schild was rond met een ronde knop in het midden, zodat het handvat verstevigd werd. Het pantser was van stof of leer, waarop bronzen of ijzeren plaatjes waren genaaid. Vaak wordt de Heere in de Bijbel vergeleken met een wapen (o.a. Psalm 3: 4) en Paulus noemt in Efeze 6: 10-20 geestelijke aanvals- en verdedigingswapens in de strijd tegen de duivel en de wereld.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 april 2004
Daniel | 33 Pagina's