Weet-je
Het gezuiverde graan werd bewaard in grote aarden vaten. Die vaten werden opgeslagen in een schuur of ondergronds. De vrouwen maalden met een molensteen het graan tot meel. Dit meel werd gemengd met water en met wat deeg van de vorige dag. Het oude deeg leverde zo de benodigde gist. Het deeg werd uitgerold tot een grote platte koek (nog groter dan een p0annenkoek). Een grote schaal werd met een bolle kant naar boven op een vuur gezet. De platte koek werd op de bolle kant gelegd en zo werd het brood gebakken. Later gebruikte men ook wel ovens. Soms werd ook wel graankorrels op een plaat boven het vuur verhit. Zodra het graan plofte, had men geroosterd koren (1 Samuël 17: 17 en 25: 18), bij ons bekend als popcorn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 februari 2004
Daniel | 33 Pagina's