JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Geen tijd meer!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Geen tijd meer!

7 minuten leestijd

“In het geestelijke leven kunnen er momenten van vreugde zijn, zodat je de tijd vergeet. Toch gaan die momenten weer voorbij en glippen ze weg uit je handen. Maar in de hemel zal er geen tijd meer zijn! Dan komt er geen einde aan het eeuwige moment van vreugde in God.” Emeritus predikant J.J. van Eckeveld (71) uit Zeist vertelt over (genade)tijd, de eeuwigheid en de tijd dat hij predikant was.

Waarom ben u dominee geworden?
“Ik was nog heel jong toen het op mijn hart werd gebonden om dominee te worden. Ik had in mijn omgeving mensen die de Heere vreesden. Ik werd jaloers op hen en ik begreep: dat leven heb ik niet. Ik was nog maar kind toen ik al een ‘preekje’ schreef over de koningin van Scheba die bij Salomo komt. Ik schreef dat de onbekeerde mensen in de hel zullen zeggen wat de koningin van Scheba zei, dat de helft haar nog niet was aangezegd. Maar Gods kinderen zullen dat ook zeggen als ze in de hemel komen. Ik liet het aan mijn opa lezen en mijn opa zei met tranen in zijn ogen: ‘Jij moet dominee worden’. Nee, natuurlijk was dat niet echt mijn roeping, want dat is tussen de Heere en mijn ziel geweest. Maar het werd wel mijn taak en mijn verlangen.”

Hoe is het toen verder gegaan?
”Ik was vierentwintig jaar toen ik een attest kreeg voor het curatorium. Ik was toen onderwijzer in Scherpenzeel. Ik werd toegelaten tot de Theologische School. Ik preekte als student een keer in Zeist en tijdens de avonddienst werd deze gemeente zó op mijn hart gebonden dat ik het niet meer kwijt kon. Toen ik uiteindelijk het beroep van Zeist kreeg, heb ik dat mogen aannemen. Daar heb ik tweeënveertig en een half jaar gestaan. In 1995 kreeg ik de boodschap dat ik MS (multiple sclerose) had. Toen dacht ik meteen dat ik niet lang meer zou kunnen preken. Maar ik preek nog steeds. Ik heb gelukkig een langzame vorm van de ziekte. Nu ik ouder word, merk ik dat de ziekte steeds meer doorgaat. Dingen worden moeilijker en daarom kwam het besluit dat ik met emeritaat zou gaan. Ik heb er vrede mee. Het is goed. Ik kan gelukkig nog steeds iedere zondag in een gemeente preken en dat is toch het hart van de bediening.”

Als u terugkijkt op de afgelopen jaren: wat is er dan voor u het meest veranderd?
“Toen ik pas predikant was, waren er van die ‘ouderwetse kinderen van God’. Dat waren oude mensen waar veel van uit ging en die veel mochten vertellen over de Heere. Daar had je achting en respect voor. Nu zijn er natuurlijk nog steeds kinderen van God, maar je hoort niet meer zoveel mensen daarover spreken. Dat oude volk van God mis ik weleens een beetje, maar misschien komt het ook, omdat ik zelf ouder ben geworden. Maar ook als ik kijk naar de jongeren van nu, dan zie ik een verschil. Vroeger waren de jongeren veel stiller tijdens catechisatie, maar nu komen ze met meer vragen en dat leidt tot meer gesprekken en meer nadenken. Dat vind ik positief.”

Heeft u nu meer vrije tijd?
“Ik ben het pastorale werk kwijt en dat was in de vergrijsde gemeente van Zeist heel veel. Ik mis het wel. Ik heb nu ook meer vrije tijd en daar probeer ik wel zinvol een invulling aan te geven. Ik lees en onderzoek veel. Ik kom nu aan boeken toe die ik altijd al had willen lezen. Mijn vrouw en ik kunnen nu ook eens een fietstochtje maken en dat doe ik graag.”

Welk advies geeft u om je vrije tijd te besteden?
“Het is heel belangrijk om je tijd nuttig te besteden. Vooral als het gaat om Bijbellezen en bidden. Daar moet je een dagelijks patroon in hebben. Als je vroeg weg moet, dan moet je er een half uur eerder mee beginnen. Je moet een stuk discipline hebben en ervoor zorgen dat dit niet in het gedrang komt. Als je de hele dag bezig bent met bijvoorbeeld Netflix, moet je je afvragen: geloof ik dat er een God is? Geloof ik dat er een hel en hemel is? Zo ja, waar ben ik dan mee bezig? Gebruik de genadetijd! Lees aandachtig in de Bijbel. Laat je niet meeslepen met dingen die je van het Woord afhouden. Zoek niet de weg van de minste weerstand, maar zorg voor een stuk discipline in het onderzoeken van Gods Woord. Zoek de Heere terwijl Hij te vinden is en roep Hem aan, terwijl Hij nabij is.”

Wat is nu precies tijd?
“Dat is moeilijk te zeggen. Augustinus zegt daarover: ‘Wat is tijd? Als niemand het mij vraagt, dan weet ik het; als ik het wil uitleggen, dan weet ik het niet’. Tijd heeft iets angstigs in zich, want je hebt er geen grip op. Als ik zeg: ‘nu’, dan is dat twee seconden daarna alweer verleden tijd. Daarom is de tijd iets ongrijpbaars. Maar toch is deze ongrijpbare tijd de genadetijd. Het is de tijd om de Heere te zoeken en tot bekering te komen. Hoe besteed je dan die tijd? We weten niet hoelang we nog genadetijd hebben.”

Wat is tijd volgens de Bijbel?
“In de hemel is geen tijd meer. Nu glipt de tijd nog tussen je vingers door. Je wordt meegesleurd in de gang van de tijd. Maar in de hemel zal die onrust er niet meer zijn. Dan is het een eeuwig heden en een eeuwig nu. Dat kan je niet meer ontglippen. Je hebt nu al in het dagelijks leven zulke momenten van vreugde dat je de tijd vergeet. Ook in het geestelijke leven kan dat zo zijn. Zo’n moment lijkt dan tijdloos te zijn, want je gaat helemaal op in de vreugde. In het geestelijk leven is dat als de Heere heel dichtbij komt met Zijn genade en de Heilige Geest. Dan merk je Gods nabijheid en dan lijkt het alsof er geen tijd meer is. Maar toch glippen deze momenten steeds weer uit je handen. Die momenten gaan weer voorbij. Je kunt ze niet vasthouden. Daarom is de hemel ook zo heerlijk, want dan is er geen tijd meer. Dan zijn deze momenten van vreugde voor eeuwig. Het heden van blijdschap is hier op aarde soms maar heel kort, maar in de hemel zal dat niet meer zijn, want de tijd zal niet meer zijn (Openbaringen 10:6). In de hel zal overigens ook geen tijd meer zijn, maar dan zou je wel willen dat er een einde komt en dat zal dan niet komen.”

Verlangt u wel eens naar die tijdloze tijd?
“Een aantal jaar geleden heb ik dat mogen ervaren. Ik werd ’s morgens wakker en ik had een akelige pijn op mijn borst. Het ging niet over en we belden de ambulance. Ik werd naar het ziekenhuis gereden. Toen ze bezig waren om mij eruit te tillen, kreeg ik een hartstilstand. Ik werd gereanimeerd en toen ik weer bijkwam op de behandeltafel besefte ik meteen wat er was gebeurd. Ik besefte dat ik heel dicht bij de dood was geweest. Als het nu eens sterven geworden was? Hoe zou dat dan geweest zijn? Alle preken en mijn domineeschap vielen weg. Er bleef een zondaar over. Maar toen kwam de Heere zo krachtig over en heb ik gevoeld wat het is als een mens sterven kan. De Heere was bij mij en ik hoefde niet meer te vrezen. De grond van mijn hoop is Christus en dat gaf een wonderlijke vrede en blijdschap in mijn hart. Ik mocht nog een poosje op aarde blijven en ’s avonds las ik uit Psalm 23. Ik herkende die vallei van de schaduw van de dood, maar ik mocht ook nog in het huis van de Heere blijven tot in lengte van dagen (vers 6). Maar ik heb toen toch een ogenblik mogen beseffen wat het betekent als er geen tijd meer zal zijn. Dan is het zalig tijdloos.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juli 2019

Daniel | 32 Pagina's

Geen tijd meer!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juli 2019

Daniel | 32 Pagina's