JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Twee culturen, één vriendschap

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twee culturen, één vriendschap

7 minuten leestijd

Vriendschap is iets bijzonders. Het is iets wat je ontvangt. Soms komen vriendschappen op een heel bijzondere manier tot stand. De vriendschap tussen de Nederlandse Jan-Frans (44) en de Afrikaanse Michael (23) is er ook zo een. Iets wat ze nooit hadden gedacht, is nu werkelijkheid. “In alles wat we mee gemaakt hebben, mogen we echt Gods leiding zien.”

We zitten met elkaar in de gezellige woonkamer van familie Jobse. Klaar om aan het interview te beginnen. Even is het aftasten hoe we het interview gaan uitvoeren, want Michaels Nederlands is wat gebrekkig en aan het Engels van de interviewer schort ook het een en ander. Maar met behulp van Jan-Frans ontstaat er al snel een gesprek.

Willen jullie jezelf eerst even voorstellen?
Jan-Frans: “Ik ben Jan-Frans Jobse. Ik ben vierenveertig jaar en woon in Middelburg. Ik ben getrouwd met Christine en we hebben vier kinderen in de leeftijd van twaalf tot eenentwintig jaar. In het dagelijks leven ben ik werkzaam als ondernemer in de bouw”.
Michael: “Ik ben Michael Kamara, drieëntwintig jaar oud en ik kom uit Sierra Leone. Ik ben getrouwd en we hebben een kind van net twee jaar oud. Ik ben hier in Nederland, omdat ik in mijn land problemen kreeg met de gemeenschap waarin ik woonde”.

Michael, kun je daar iets meer over vertellen?
“Aan mijn komst in Nederland is een lange weg vooraf gegaan. Ik woonde met mijn familie in een moslimgemeenschap in Sierra Leone. In mijn vrije tijd ben ik in contact gekomen met Manuel. We trokken met elkaar op en hij nam mij na verloop van tijd een keer mee naar zijn huis. Bij zijn huis gekomen, bleek hij een zoon van een evangelist.
Elke keer als ik bij Manuel thuis kwam en zijn vader hoorde spreken voelde ik: ‘Hij heeft iets, wat ik mis’. In het gezin werd er altijd gezongen en gebeden met elkaar. Het raakte mij, de liederen bleven in mijn hoofd, de liefde die er van de evangelist en zijn gezin uitging, was bijzonder. Het liet mij niet meer los. Voor het eerst in mijn leven hoorde ik over een Vader. Allah was iemand die zo ver van mij vandaan stond, maar deze God, daar mocht ik persoonlijk tegen spreken. Ik hoorde vaak het ‘Onze Vader’ bidden en na verloop van tijd ging ik dat ook bidden. Zin voor zin sprak ik het uit tegen God en vertelde heel eenvoudig ook al mijn persoonlijke zorgen. God hoorde naar mijn gebed en ik mocht christen worden.”

Hoe ging het verder?
“Deze verandering in mijn leven had grote gevolgen. Door mijn vader werd ik op straat gezet. De evangelist ontving mij in zijn huis. Dit ervaarde ik echt als zorg van God. Een moeilijke tijd volgde. Mijn vader stierf, kort daarna werd ik ontvoerd en weggehaald bij mijn vrouw en kind. Het zorgde voor heel veel pijn en verdriet. Door een onmogelijke weg ben ik uiteindelijk in Nederland terecht gekomen in het AZC in Ter Apel en later in Middelburg. Ik heb het overleefd door de kracht van God en Christus mijn Zaligmaker.”

In Nederland kwam Michael in aanraking met Jan-Frans. Er ontstaat een vriendschap tussen de mannen. Hoe is dat gekomen?
“Het eerste contact was gelijk bijzonder”, zo vertelt Jan-Frans. “Al langere tijd reed ik als het mijn beurt was een groepje mensen van het AZC in Middelburg naar de internationale kerkdienst in Goes. Het was rond februari 2017 en deze keer reed Michael mee. Hij woonde toen nog maar een paar weken in Middelburg. De gesprekken die we hadden voelden gelijk goed. Ik merkte bij hem een grote betrokkenheid op het Woord. Er volgde buiten de zondag om ook wat bezoeken op het AZC, toen is de vriendschap begonnen.”
Michael: “He is a good man, dat voelde ik gelijk. Ik had al veel mensen ontmoet, maar hem vertrouwde ik.” Terwijl Michael aan het vertellen is, knikt Jan-Frans instemmend: “Dat ervaarde ik ook direct bij Michael, hij is een oprechte kerel. Ik wilde graag wat voor hem betekenen. Er moest van alles geregeld worden om hier in Nederland te kunnen blijven en daar hebben we hem bij kunnen en mogen helpen. Steeds vaker kwam Michael bij ons in het gezin. Hij is echt onderdeel van de familie geworden”.
Michael: “Ik verlangde naar een christenvriend. Ik had veel gebeden of God mij zulke vrienden om mij heen wilde geven. God gaf mij die, ik dank God dat hij dit gegeven heeft. Als ik problemen heb, kan ik altijd bij Jan-Frans terecht. Hij is als een vader voor mij”.
Jan Frans: “Hij noemt me inmiddels ‘papa’, dit is blijkbaar de gewoonte als je in Afrika geen ouders meer hebt en je door anderen wordt geholpen. Best even wennen zo’n black son”.

Hoe krijgt jullie vriendschap invulling?
Jan-Frans: “Hij komt vooral op zondag vaak in ons gezin. We praten heel veel. Michael heeft heel veel heftige situaties meegemaakt. Soms zijn er momenten dat alles hem even teveel is. Praten is daarom echt ontzettend belangrijk. Hij weet dat hij altijd welkom is”.
Michel: “Ik voel mijzelf echt heel erg veilig bij familie Jobse. Ze zijn heel goed voor mij. Ik had een jaar geen contact met mijn vrouw en kind, zij hebben mij onder andere geholpen mijn vrouw en kind te vinden”.

Ervaren jullie ook cultuurverschillen?
“Jazeker”, klinkt lachend uit beider mond. En al snel klinken er allerlei voorbeelden door de kamer. Michael: “Het eten is wel een van de grootste verschillen. Ik eet echt geen losse groente, behalve de huisgemaakte groentesoep van familie Jobse. Die is toch wel heerlijk!”
Jan-Frans vertelt lachend: “Het met de handen eten hebben we hem snel afgeleerd. Welkom aan tafel, maar we eten wel met bestek”.
Jan-Frans gaat verder: “Ook gevoelskwesties zijn weleens lastig. Als je in Afrika iets belooft, kun je het echt niet meer terugdraaien. Daar lopen we wel eens tegenaan. Michael ervaart zo’n situatie dan snel als belediging terwijl dat vanuit mij niet zo bedoeld wordt”.
Michael: “Ik moest erg wennen aan de manier waarop hier een verjaardag wordt gevierd. Een hele kamer vol, iedereen praat over allerlei dingen. Het was voor mij wat onwennig. Ik vroeg aan Jan-Frans: ‘Moeten we niet bidden en zingen? De Heere Jezus moet toch geprezen en gedankt worden?’”
Jan-Frans knikt: “Ja, wat zeg je dan. Op een andere keer tijdens een verjaardag vroeg hij heel vrijmoedig om stilte en zei: ‘Ik wil graag met jullie God danken voor de jarige, laten we bidden’. Ja, dan ben je beschaamd”.

Welke plaats heeft het geloof binnen jullie vriendschap?
Jan-Frans: “In alles wat we mee gemaakt hebben, mogen we echt Gods leiding zien. Omdat Michael heel open over zijn geloof spreekt, gaan de gesprekken al snel daarover. De leiding van de Heere mogen we ook echt opmerken in dagelijkse dingen. Ik zal een voorbeeld geven. We moesten op een keer naar de rechtbank in Breda voor zijn proces, Michael had het heel moeilijk. Toen we uit de rechtbank liepen vond Michael vijftig eurocent op de grond. Voor ons niks bijzonders, maar voor hem de first blessing. Ik zei hem dat hij de vijftig eurocent wel in zijn broekzak mocht steken. Daarna moest ik voor mijn werk naar Amsterdam. Michael kon niet mee op de afspraak voor mijn werk, dus had hij die middag tijd voor zichzelf. Hij wilde graag naar Amsterdam en dacht daar mensen uit Sierra Leone te ontmoeten”.
Michael gaat verder: “Ik bad vaak of ik nog eens een christen mocht ontmoeten uit Sierra Leone. Toen ik door de stad Amsterdam liep, moest ik na een tijdje naar het toilet. Ik sprak een man aan en vroeg hem waar ik een toilet kon vinden. Hij wees mij een plek aan. ‘Maar’, zo zei hij, ‘je hebt daarvoor wel vijftig eurocent nodig.’ De first blessing kon gebruikt worden voor het toilet.
Na het toiletbezoek liep ik terug naar die man en maakte een praatje. Hij was een christen uit Sierra Leone! God zorgt, dat moeten we echt opmerken”.
Jan-Frans: “Deze man is ook het middel geweest bij het vinden van Michaels vrouw en kind. We zien uit naar de dag dat ze bij hem in Nederland mogen zijn”.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 april 2019

Daniel | 32 Pagina's

Twee culturen, één vriendschap

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 april 2019

Daniel | 32 Pagina's