JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

“Willen jullie voor ons bidden?”

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

“Willen jullie voor ons bidden?”

9 minuten leestijd

“Ah, daar zijn mijn gasten!” Met een joviale lach worden de dertienjarige Nienke, Geke, Mariska en Daniëlredacteur Jeroen op een woensdag in februari rond de klok van twee uur verwelkomd door de rector van de Theologische School, dominee P. Mulder. Omdat er problemen zijn met het verwarmen van de Theologische School in Rotterdam, worden we verwelkomd in de consistorie van de Gereformeerde Gemeente te Gouda, waar de lessen noodgedwongen worden gegeven. Na afloop van het gesprek gaan we voor een rondleiding in de Theologische School naar Rotterdam.

De jongeren stellen hun eerste vraag: “Wat doet een docent op de theologische school eigenlijk?” “Ja, dat is eigenlijk wel goed om daar meteen maar mee te beginnen,” zo reageert dominee Mulder. Dominee Mulder legt uit dat een docent op de Theologische School van de Gereformeerde Gemeenten eigenlijk altijd gericht is op het predikambt. Dit in tegenstelling tot andere theologische opleidingen. “In een ander kerkverband kun je ook theologie studeren omdat je graag wat meer kennis wilt. Hier, op onze school is het altijd gericht op het predikambt. De studenten op deze school bereiden zich voor om predikant te worden. Het lesgeven richt zich daarop. Het Woord van de Heere is het middelpunt en we proberen onze lessen daar steeds mee te doordrenken.”
Nienke vraag welke vakken er gegeven worden. Een rij met moeilijke namen wordt moeiteloos opgesomd door de rector van de Theologische School. “Homiletiek, dat is preekkunde. Verder doceren wij onder andere de vakken: kerkgeschiedenis, Bijbelkunde, exegese, dogmatiek, ethiek en de oude talen: Grieks en Hebreeuws.”
De vraag wat ethiek precies inhoudt, mag student L. van der Kuijl beantwoorden. “Ethiek is eigenlijk hoe het Woord van God praktisch wordt in het dagelijks leven.” De lessen starten om kwart voor negen en eindigen uiterlijk om half vijf. Het zijn lessen van drie kwartier. Met een knipoog voegt student J. Beens toe dat er hier zelfs ook nog een bel gaat tussen de lessen door en dat er ook nog pauzes zijn.

Voorbereiden
Mariska vraagt hoe de docenten hun lessen voorbereiden. Dominee Mulder legt uit dat je als docent eerst de lessen thuis goed voorbereidt. Hoe een docent dat doet, verschilt per vak. Kerkgeschiedenis bijvoorbeeld, probeert de docent zo voor te bereiden dat de student meer inzicht leert krijgen in de geschiedenis van de kerk. Maar het vak dogmatiek, vraagt meer om het verdiepen in de geloofsleer. Voor het vak apologetiek buigt dominee Mulder zich naar zijn collega, dominee Clements. “Ja, weten jullie eigenlijk wat dit vak is?” vraagt dominee Clements aan de jongeren. De jonge interviewers schudden hun hoofd. “Kijk, veel mensen in ons land geloven niet meer in de Heere. En toch moeten wij ook met die mensen omgaan. In dit vak probeer ik met de studenten vanuit het denken van niet-kerkelijke mensen een antwoord te vinden op de vragen. We bespreken bijvoorbeeld waarom andersdenkenden geloven dat homoseksualiteit geen zonde is. “Maar,” vervolgt Geke, “hoe bereidt u deze lessen voor?”
Dominee Clements vertelt dat het allereerst begint bij het lezen van de kranten. Je moet weten wat er speelt in de samenleving. Met een knipoog vraagt hij of er aan de overkant van de tafel ook wel eens uit de krant gelezen wordt… Dan zegt hij: “Belangrijk om te weten is in ieder geval, dat apologetiek niet alleen een vak is voor het hoofd maar ook een vak vanuit ons hart en bij het Woord van God”.

‘Mag ik weer eens wat van U leren?’
“Wat vindt u nu een moeilijk vak?” wil één van de vraagstellers weten. De studenten geven alle drie aan dat het per persoon verschilt. De één heeft moeite met de talen, en de ander geeft aan dat het duidelijk verwoorden van de geloofsleer niet eenvoudig is. Student J. de Raaf merkt op: “Het is fijn om kennis te krijgen van al deze vakken. Maar het is ook belangrijk om steeds maar te vragen aan de Heere: ‘Mag ik weer eens wat van U leren?’. En soms mag je dan ook daar je vreugde in vinden”.
Het ijs is gebroken en dat wordt merkbaar als de volgende vraag gelanceerd wordt. Een voor jongeren belangrijke vraag: “Krijgen de studenten ook wel eens huiswerk mee?”
Lachend schuift dominee Mulder deze vraag door naar student van der Kuijl. “Ja, je krijgt ook huiswerk mee hoor. We hebben twee of drie dagen school in de week.” Student Beens voegt eraan toe dat het toch wel erg belangrijk is om goed te plannen. “Tegen de tijd van de tentamens kom je anders echt in tijdnood, dus planning is heel belangrijk.”
Of discipline daarin een rol speelt, wordt beaamd door de derde student van het tweede leerjaar, student de Raaf. “Ja, eerlijk is eerlijk, het vraagt discipline, dat je wel weer moet aanleren hoor.”

“Ik heb toch geen oud hart?”
Dominee Mulder legt uit wat het werk van een predikant precies inhoudt. “Het werk is heel divers. Allereerst gaat het om de bediening van het Woord, maar daarnaast moet een predikant ook het gebed van de gemeente doen, pastorale bezoeken, rouw- en trouwdiensten en leiding geven aan de kerkenraad.” Even kijkt hij naar dominee Clements. “Heeft u nog wat toe te voegen?”
Dominee Clements lacht wat ondeugend en draait handig de vraag om. “Zeg, jonge mensen, wat verwachten jullie eigenlijk van een dominee? Waarom ga jij eigenlijk naar de kerk?” wil hij weten. Even schuifelen de dames wat op hun stoel, maar dan komen er toch wat antwoorden. “Om te leren,” antwoordt één van de dames. “Ja, en om over de Heere te horen,” voegt een tweede toe.
“Weet je, toen ik zo oud was als jullie zei mijn moeder tegen mij: ‘Zul je altijd vragen om een nieuw hart!’ Ik begreep er niets van, ik had toch geen oud hart? Ik was heel erg jong! Mijn moeder zei toen tegen me: ‘Je hebt een stenen (een hart dat de Heere niet liefheeft) hart, en je moet een vlezen hart (een hart dat de Heere dienen wil) krijgen!’ Ik ben dat nooit vergeten. Zullen jullie ook steeds vragen om een nieuw hart? Daarom kom je namelijk in de kerk. De Heere wil daar Zijn pijlen afschieten door middel van Zijn knechten,” vertelt dominee Clements.

Student worden en zijn
Hoe wordt iemand student? Dominee Mulder: “Als iemand zich geroepen voelt, meldt hij zich bij zijn kerkenraad. Als hij van de kerkenraad een attest krijgt, dan mag hij bij het curatorium komen. Wanneer het curatorium iemand toelaat, wordt hij een student aan onze school. Weet je, de roeping van de Heere is beslissend. Wij zijn maar mensen, maar wij proberen te bidden om de leiding van de Heilige Geest”.
Student Beens legt vervolgens uit dat roeping al heel veel worsteling van iemand vraagt. “Wil God mij in Zijn dienst gebruiken? Dan sluit hij vaak andere deuren. Het is een wonder als de Heere je dan ook echt gebruiken gaat. En ja, dan komt het op toerusting aan. Want roeping is één, toerusting is twee! En daarbij vooral de leiding van de Heilige Geest.”
“Maar hoe is het dan om ineens student te zijn?” vraagt Nienke. “Ja, dat is echt even wennen. Je hebt meestal een andere ‘normale’ baan gehad. Je gaat eigenlijk niet vanuit de schoolbanken naar deze school. Je moet ook wennen aan het ‘schoolleven.’ Je krijgt ineens huiswerk op en je moet leren voor grote toetsen. Soms is het ook wel vermoeiend hoor, maar we mogen weten dat de Heere van ons af weet. En, het is ook ons uitzien om volgend jaar de gemeenten in te mogen gaan. Dan mogen we Gods Woord gaan brengen.”
Student van der Kuijl knikt bevestigend. “Weet je wat ook zo fijn is? Dat we nu altijd met de Bijbel bezig kunnen zijn, met de geloofsleer.” Hoe student de Raaf het vindt om student te zijn? “Heel fijn. Ik heb altijd al van studeren gehouden en nu mag ik de hele dag in de Bijbel graven. Het is het liefste wat ik doe. En weet je, de Heere Zelf wil ook leiden in het brengen naar de Theologische School, en in het opleiden hier. Dat is ons uitzien.”

Een ondeugende vraag
Het is even stil als de volgende vraag wordt gelanceerd: “Wat kunnen jullie eigenlijk van jongeren leren?”
Dominee Clements reageert. “Eerst: dat we moeten worden als een kind. In alle eenvoudigheid te leren om in afhankelijkheid van de Heere te leven. Wij moeten weten wat jullie niet snappen.”
“Dominee, wanneer zijn jongeren bij u welkom?” vraagt Geke. “Altijd! Je mag altijd komen, met elke vraag die je hebt! En weet je, daarom is de catechisatie ook zo belangrijk, want ten diepste is dat de ondersteuning aan de prediking. Tijdens catechisatie heb je als predikant nauw contact met jongeren.”
Student van der Kuijl: “Geen vraag is raar. Je mag ook altijd alle vragen stellen aan je predikant!”
Student Beens: “We hopen dat we jullie ook jaloers mogen maken om de Heere te dienen”.
Student de Raaf: “Wij vinden het heel erg belangrijk om te weten wat jullie bezighoudt. Daar kunnen wij ons dan in de preek op richten”.


Wat zouden jullie de jongeren die Daniël lezen, willen meegeven?
Dominee Clements: “In de eerste plaats, dat het belangrijk is dat er studenten mogen blijven. Er zijn steeds predikanten nodig die het Woord van God uitleggen. Ik hoop dat dit een plekje mag krijgen in jullie gebed. Willen jullie voor ons blijven bidden en vragen of de Heere steeds weer iemand roept tot het werk en ook stuurt en dat dit dan ook tot een zegen mag zijn?” Student de Raaf vult aan. “Jullie zitten op een middelbare school. Maar denk eens aan wat je zou willen worden in de toekomst. Vraag jezelf af: Heere, heeft U voor mij een plaatsje in Uw dienst? Wilt U mij dan ook daarin de weg wijzen? Wat wilt U in mijn leven, mag ik daarin Uw Woord horen?”


Hoe vonden Nienke, Geke en Mariska het?
Nienke: “Interessant, want ik wist niet wat de studenten hier op deze school leerden”.
Geke: “Mooi om te horen wat ze hier allemaal doen en op welke manier zij dit doen”.
Mariska: “Het was heel leerzaam. Ik vond het vooral mooi dat ze persoonlijk waren. Ze waren heel open en eerlijk”.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 april 2019

Daniel | 32 Pagina's

“Willen jullie voor ons bidden?”

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 april 2019

Daniel | 32 Pagina's