-> Het bidden van Daniël
Weet je nog dat Daniël een hoge functie heeft gekregen van koning Darius? Zijn collega’s, de stadhouders, zijn er jaloers op en ze verzinnen een list. Er komt een wet: alleen aan koning Darius mag een verzoek worden gedaan. Deze wet geldt dertig dagen lang. Wie de wet overtreedt, wordt in de leeuwenkuil geworpen.
Daniël 6:11-29
Vers 11-13
Van de geschiedenis van Daniël kunnen we veel leren; over bidden bijvoorbeeld. Daniël hoort de boodschap: Er is een nieuwe wet, die nu geldt. Deze wet heeft grote gevolgen. Het betekent dat Daniël niet meer mag bidden. En dat kan hij niet, want bidden is voor hem onmisbaar.
-> Wat doet Daniël met het verbod om te bidden?
-> Hij verbergt niet dat hij bidt, maar doet het voor een open raam. Hij smeekt God. Hoe bidt Daniël?
-> Hoe belangrijk is het gebed voor jou?
-> Wat zou jij doen als je een verbod kreeg om te bidden?
Vers 14-20
Koning Darius hoort dat Daniël drie keer per dag de tijd neemt om tot God te bidden. De wet is getekend, dus Daniël moet gestraft worden. Daniël moet in de kuil geworpen worden. De koning is bedroefd en probeert een mogelijkheid te vinden om Daniël te redden. De koning treurt de hele nacht en haast zich ‘s morgens naar de kuil.
-> Waarom wil de koning Daniël redden?
-> Wat willen ze zeggen met: een gevankelijk weggevoerde uit Juda?
-> Lees de kanttekening bij vers 18. Waarom moest de steen voor de leeuwenkuil verzegeld worden?
Vers 21-24
De koning roept Daniël en dan geeft hij antwoord! Daniël vertelt wat de Heere heeft gedaan en waarom de Heere dat heeft gedaan. Daniël wordt uit de kuil gehaald en er is geen schade te zien aan hem.
-> Wat belijdt de koning eerst als hij Daniël roept?
-> Wat doet Daniël in zijn antwoord?
-> Waarom was er geen schade aan Daniël?
-> Wat heeft dit jou te zeggen?
Vers 25-29
Koning Darius verzamelt de mannen die Daniël beschuldigd hadden en werpt hen in de kuil. Hun einde is vreselijk. De koning erkent de Heere als God. Daniël wordt door de Heere gezegend.
-> Welk bevel geeft de koning hierna?
-> Lees kanttekening bij vers 28. Is het tot bekering geweest van de koning?
-> Welke les kunnen wij hieruit leren?
Omdat Daniël wijsheid en gaven van God had ontvangen, uit genade, werd dit gemene plan door anderen bedacht. Echter: de Heere regeert en zál Zijn almacht tonen! Daniël mocht volharden in geloof en in gebed, hij was Zijn God trouw. Hij heeft wel de wet van de aardse koning overtreden, maar zijn grote Koning, de Opperste wijsheid moest hij eerst en bovenal gehoorzamen. Daniël heeft geloofd en vertrouwd dat God hem niet verlaten zou. Hij kon niet zonder het gebed. Ken jij ook zo’n gebedsleven? Heb jij de Heere ook in alles nodig?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 maart 2019
Daniel | 32 Pagina's