Vrolijk kruisdragen achter de grote Kruisdrager aan!
Een schilderij over dankbaarheid
Wat houdt een dankbaar leven in? Wat zegt de Catechismus over dankbaarheid? Mevrouw M. Quist uit Tholen vertelt ons hierover. Aan de hand van een schilderij laat ze zien hoe de Heere Zelf haar leerde om ondanks alle gebrokenheid in haar leven, dankbaar te zijn voor alles wat haar Meester op haar levensweg brengt. “Bij God vandaan is echte dankbaarheid mogelijk, omdat er ook wedergeboorte bij Hem mogelijk is. En dat is nodig om echt dankbaar te kunnen zijn. Dan is ons leven helemaal op God gericht en beleven we met ons hart dat we God liefhebben. Dan ben ik dankbaar voor Zijn zorg in blijde en verdrietige dagen.”
Echte dankbaarheid
“Op dankdag gaat het over dankbaarheid. Wat is dat eigenlijk? Is je dank, in woorden en in een gift voor de kerk, echte dankbaarheid? Natuurlijk is dat wel goed en nodig, maar de Heere kijkt verder dan onze mond en portemonnee. Hij kijkt of ons hart dankbaar is. We moeten ook een streep zetten onder wat er in de Heidelbergse Catechismus staat: Ik ben van nature geneigd God en mijn naaste te haten (antwoord 5). Dan is het toch onmogelijk om dankbaar te zijn? Vanuit onze kant wel, maar niet van Gods kant. Bij God vandaan is echte dankbaarheid mogelijk, omdat er ook wedergeboorte bij Hem mogelijk is. En dat is nodig om echt dankbaar te kunnen zijn. Dan is ons leven helemaal op God gericht en beleven we met ons hart dat we God liefhebben. Dan ben ik dankbaar voor Zijn zorg in blijde en verdrietige dagen. De liefde die God door genade geeft, kan zo sterk zijn dat je gaat zingen: Leer mij, o God van zaligheden, Mijn leven in Uw dienst besteden (Psalm 143:10 berijmd),” zo begint mevrouw Quist het interview.
Blijdschap of dankbaar
Mevrouw Quist pakt een Bijbel en vertelt verder. “Als je de Bijbel goed leest, kom je voorbeelden van echte dankbaarheid tegen. Lees bijvoorbeeld wat er in Lukas 17 vers 11 tot en met 19 staat. De Heere Jezus geneest tien melaatse mannen. Negen zijn er blij en één is dankbaar. Die ene gaat terug en komt aan de voeten van de Heere Jezus terecht om Hem te danken. Dat is nu de plaats waar je uitkomt als je dankbaar bent. Zie je het verschil tussen blijdschap en dankbaarheid?”
Verbroken hart
Dankbaarheid gaat verder dan blijdschap. Het betekent dat we ermee naar de Heere gaan. Mevrouw Quist: “Denk ook aan de Farizeeër en de tollenaar in de tempel. Wie van de twee is dankbaar? De tollenaar! Hoor je zijn dankdagklanken? O God, wees mij zondaar genadig (Luk. 18:13)! Dat is dankbaarheid, want luister maar wat er in psalm 51 staat: De offers Gods zijn een verbroken geest, een hart, verwond, verbroken en verslagen, vervuld met smart. Dit zal God wel behagen (vers 9, berijming ds. C.J. Meeuse). Dat is danken! Zulke dankers hebben hun danken door het werk van de Heilige Geest geleerd.”
Schilderij
Mevrouw Quist heeft nog meer om te laten zien. Ze pakt een schilderij en vertelt: “Ik heb op mijn zeventigste verjaardag een schilderij gekregen van een vriendengroep. Het is gemaakt door een vriendin. Op dit schilderij zijn dingen uit mijn leven afgebeeld. Hier is te zien hoe de Heere mij, door alle moeite en zorgen heen, toch geleerd heeft wat dankbaarheid is.”
Gebroken kruik
“Je ziet een gebroken kruik. Dat betekent dat het ook zo is gegaan in mijn leven. Mijn levenskruik is onderweg gebroken. Ik ben kleuterjuf geweest met de liefde van mijn hart. Toen ik vijfendertig jaar was, werd ik afgekeurd omdat ik last van spieraanvallen had. Daarom was het niet meer mogelijk om mijn werk als kleuterjuf te doen. Eerst stond mijn leven op zijn kop. De levenskruik brak.” Maar juist door gebroken kruiken kan God Zijn genade laten schitteren. Mevrouw Quist vertelt: “Je ziet ook dat er iets uit de kruik vloeit: dat is het werk van de Heere. De Heere heeft Zijn werk in mijn leven gebracht en dan kun je wel zeggen dat Hij een schat binnenbrengt. Daar mag je iets van uitstralen naar anderen toe.”
Hobbels
Zover was het niet meteen, vertelt mevrouw Quist. “Nadat ik niet meer mocht werken, liep de kruik voor mijn gevoel leeg en was ik de schat kwijt. Maar het was anders. De Heere houdt Zijn eigen werk altijd vast. Dat is Zijn trouw. Toen de kruik nog heel was, had ik gezongen: Leer mij, o God van zaligheden, Mijn leven in Uw dienst besteden (Psalm 143:10 berijmd). Ik dacht dat ik dat alleen maar kon als ik onderwijs aan kleuters gaf. Dan mocht ik iets van de schat uit het Woord doorgeven. Maar wat bleef erover? Je ziet het op het schilderij: allemaal hobbels van moeilijkheden. De ‘moeitehobbels’ zijn afgebeeld door verschillende vlakken op het schilderij die wat omhoogkomen.”
Twee sporen
Mevrouw Quist wijst naar de twee sporen die omhooglopen. “Opeens splitst dat spoor zich in tweeën. Het betekent dat de Heere mij op een ander spoor plaatste in mijn leven. Daar leerde de Heere me eerst dat ik de taak als kleuterjuf had mogen lenen. Hij maakte me helemaal rechteloos in alle opzichten. Maar op dat plekje maakte de Heere mij toch de weg naar de dankbaarheid bekend. Dat leerde ik op de school van de Heilige Geest.”
Mijn genade is u genoeg
“Op die school kreeg ik zo’n goede Meester. Hij zei: ‘Luister, Ik ben je Meester. Volg Mij’. De eerste les die ik kreeg ging over genade (dat is de witte kleur op het schilderij). De Meester zei: ‘Mijn genade is u genoeg, want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht (2 Kor. 12:9). In jouw zwakheid zal Mijn kracht openbaar komen. Maar dan zul je je eigen krachten moeten verliezen.’ Verliezen en loslaten valt niet mee, maar het is de weg naar dankbaarheid en verwondering.”
Spoor twee
“Toen was er de verwondering op het tweede spoor. Mijn Meester zei: ‘Je moet nu gaan leren dat je je leven ook nog op een andere manier in Mijn dienst kan besteden. Niet vergeten: Mijn genade is u genoeg. En... Genoeg is genoeg’. Ik moest ook gehoorzaamheid leren, dus ging ik elke dag met dezelfde vraag en lege handen naar mijn Meester en vroeg: ‘Hebt U voor mij iets te doen?’ Mijn Meester zei: ‘Ja, Ik stuur wel mensen op je weg die opdrachten voor jou hebben.’ De opdrachten kwamen: allemaal schrijfwerk. Op deze manier mocht ik toch iets uit het Woord doorgeven. Dat werd het werk vanaf spoor twee.” Mevrouw Quist mocht allerlei boekjes schrijven en tot nog toe krijgt ze de kracht om steeds het Bijbelrooster voor Daniël te maken.
Vrolijk kruisdragen
“Op een keer was ik toch weer moedeloos,” vertelt ze verder. “Ik wilde liever juf zijn en geen schrijfster. Dat was een zondige gedachte van mij. Ik bleef niet op spoor twee, maar ik stapte ernaast.” Ze wijst naar een hobbel op het schilderij. “Mijn Meester begreep mij. Hij vond mijn gedachten natuurlijk niet goed, maar Hij gaf me onderwijs in Zijn liefdevolle opvoeding. Hij stuurde een predikant die met een boodschap kwam. De predikant keek naar me en zei: ‘Ik geloof dat je niet zo opgewekt bent’. Ik zei: ‘Helemaal niet’. Hij zei: ‘Denk je weleens aan je doop? Toen jij gedoopt bent, is er voor jou gebeden: Opdat zij hun kruis, Hem dagelijks navolgende, vrolijk dragen mogen. Denk daar maar veel aan.’ De dominee deed een gebed en dat verhoorde de Heere. Vanaf die tijd mag ik mijn kruisje vrolijk dragen achter de grote Kruisdrager.”
Zijn kruis
“De Meester heeft me ook veel lesgegeven in het dragen van mijn kruis. Zie je dat kruis op het schilderij? Nee, dat is niet mijn kruisje, maar Zijn kruis. Aan dat kruis heeft Mijn Meester Zijn volmaakte werk gedaan om een volkomen zondaar te kunnen verlossen. Aan de voet van het kruis heeft Mijn Meester me geleerd wat de enige troost is in leven en sterven. Dat staat in zondag 1 van de Heidelbergse Catechismus. Ik wist niet hoe diep van verwondering ik toen moest buigen en ik snikte: ‘Hij heeft betaald… en dan voor mij. Heeft verlost… en dan voor mij. Bewaart mij, verzekert mij, maakt mij dankbaar’. Dat is mogelijk door het werk van een Drie-enig God en alleen om het eeuwig welbehagen.”
Volgen
Het spoor loopt nog verder, vertelt mevrouw Quist “Soms gaat het spoor verder met een kromming in de weg. Onder het volgen mag ik zingen: Nu reis ik getroost onder ‘t heiligend kruis, naar ‘t erfgoed daarboven in ‘t Vaderlijk huis, Mijn Jezus geleidt mij door d’ aardse woestijn. Gestorven voor mij zal mijn zwanenzang zijn. Maar ik moet wel elke keer denken aan de regel die onderaan het schilderij staat: ‘Mijn ziel, volg Jezus na: door kruis naar ’t Vaderhuis’” (ds. C. de Jongste).
Druppel bloed
“Je ziet ook een druppel bloed op het schilderij. Dat betekent het bloed van Jezus en Zijn Borgwerk. Dat is nodig om in het hemels Kanaän te komen. Daar is de Meester nu als dankende Hogepriester. Daar is ook een schare die niemand tellen kan om voor eeuwig dankdag te houden. Helemaal linksboven in het schilderij zie je een donker gedeelte: dat past niet meer in de hemel. Dat wordt verdreven door het Licht! En door de dankdagklanken: En zij zongen het gezang van Mozes, den dienstknecht Gods, en het gezang des Lams, zeggende: Groot en wonderlijk zijn Uw werken, Heere, Gij almachtige God, rechtvaardig en waarachtig zijn Uw wegen, Gij Koning der heiligen!” (Openbaring 15:3).
Onderweg
“De Heere leerde mij een lied voor onderweg. Dat wil ik jullie doorgeven:
Weg wereld, weg schatten
Je kunt niet bevatten
hoe rijk dat ik ben.
‘k Heb alles verloren
maar in Jezus verkoren
Wiens eigen ik ben.”
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 november 2018
Daniel | 32 Pagina's