JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

— Onder de blote hemel — 4

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

— Onder de blote hemel — 4

7 minuten leestijd

Op school probeerde hij momenten te vinden om even met haar te praten, maar het leek wel alsof ze hem expres ontliep. Hij werd er helemaal ongedurig van. Sjoerd bleek het ook gemerkt te hebben. ‘Ben je verliefd ofzo?’ plaagde hij hem. ‘Je draait om haar heen als een kat om een schoteltje melk.’
Cat. Zo wilde ze genoemd worden. Hij wilde weten waarom ze zo deed. Waarom ze twee zulke verschillende kanten had.
Maar op deze manier lukte het dus niet.

‘Jongelui, de meesten van jullie zijn op vakantie geweest,’ begon meneer De Jong van godsdienst zijn eerste les van dit jaar. ‘Ik weet dat sommigen ver weg zijn geweest, in gebieden waar van het christendom niets of nauwelijks meer iets gevonden wordt en ik ben wel nieuwsgierig hoe jullie daar je christen-zijn in praktijk hebben gebracht.’
Hij keek afwachtend de klas rond. Janet stak haar vinger op.
‘Wij zaten op een camping in Frankrijk. Zondags bleven we bij onze tent en deden we niet mee met de activiteiten.’
‘Wij hebben met een camper door Kroatië getrokken,’ vulde Kees aan. ‘Zondags zorgde mijn vader altijd dat we op een camping stonden en luisterden we naar een preek.’
‘Wij zijn in Duitsland naar een Nederlandstalige dienst geweest,’ zei Lea.
De een na de ander deed z’n verhaal, totdat Cathelin opeens opstond. Met felle ogen keek ze de klas rond. ‘Kennen jullie de metafoor van het glas en het water? Het glas is de vorm, en het water is het geloof. Tot nu toe heb ik alleen nog maar glas gehoord. Allemaal vorm. Uiterlijkheden! Dit klinkt steeds als ‘kijk ons eens netjes christen zijn’. Maar waar blijft de inhoud?’
Sommigen fronsten hun wenkbrauwen. David-Jan keek Sjoerd aan. ‘Die durft zeg!’ fluisterde Sjoerd.
‘Ik denk dat iedereen wel begrijpt wat Cathelin bedoelt. Is er iemand die hierop wil reageren?’ zei meneer De Jong.
‘Wij hebben een fijn gesprek gehad met de onkerkelijke buren naast ons op het vakantiepark,’ zei Peter.
Cathelin veerde op. ‘Dat is mooi, Peter. Mag ik vragen waar dat gesprek dan over ging?’
‘Eh… nou, waar we naar de kerk gingen, en wat we dan in de kerk deden. Ze wilden ook weten waarom mijn moeder en zusjes altijd in een rok liepen enzo.’
‘En nog meer?’
Peter haalde zijn schouders op. ‘Dat was het wel zo’n beetje denk ik. O ja, mijn moeder heeft hun dochtertje nog een kleurboek met Bijbelse platen gegeven.’
Er gleed een blik van teleurstelling over haar gezicht.
Sjoerd stak zijn vinger op. ‘Aangezien wij allen Cathelin zo teleur lijken te stellen, stel ik voor dat zij op haar beurt vertelt hoe zij haar christen-zijn in de afgelopen vakantie in praktijk heeft gebracht.’
Deze vraag leek haar even van haar stuk te brengen. Toen keek ze Sjoerd recht aan.
‘Ken je die metafoor van het gesloten kistje, Sjoerd?’
Hij schudde zijn hoofd. Ze keek meneer De Jong aan. ‘Kan het nog even?’
De leraar keek op zijn horloge en knikte.
‘Lang geleden was er eens een familie die een grote schat bezat. Het was een schat met een ongelofelijke waarde. Natuurlijk waren ze heel zuinig op hun schat. Daarom bewaarden ze hem ook in een goed afgesloten kistje. Van generatie op generatie werd het kistje doorgegeven. Al die generaties lang zorgde de familie er goed voor, poetste het regelmatig op en soms smeerden ze op de kale plekken weer wat verf. De vader bewaarde de sleutel van het kistje altijd zorgvuldig in een speciaal zakje van zijn jas. Op sommige avonden zetten ze het kistje onder de grote lamp midden op de eettafel en keken ze er met z’n allen naar. Iedereen in de familie voelde dan weer dat dit hun schat was waar ze heel zuinig op moesten zijn. Maar op een dag was er in die familie een meisje, dat wel eens wilde weten waar die schat nu eigenlijk uit bestond. Op een vroege ochtend klom ze zachtjes uit bed, sloop op kousenvoeten naar beneden, viste de sleutel van het kistje uit haar vaders jaszak en opende het kistje.’
Cathelin zweeg en keek de klas rond. Sjoerd schraapte zijn keel. Toen zei hij zacht: ‘Laat me raden: Het kistje was leeg?’ Cathelin knikte. Toen zei ze: ‘Het meisje was natuurlijk helemaal in de war. Ze durfde niet tegen haar ouders te zeggen dat het kistje leeg was. Ze wilde wel dat ze nooit in het kistje had gekeken. Want nu wist ze dat ze al die jaren een lege erfenis had gekoesterd. Een erfenis zonder inhoud.’
Meneer De Jong staat op. ‘Cathelin, dank je wel voor je bijdrage aan ons klassengesprek. Het lesuur is helaas bijna over. Ik stel voor dat we als huiswerk voor volgende keer allemaal nog eens goed nadenken over de metaforen van het glas en het kistje en daar allemaal minstens twee stellingen bij formuleren. Want het lijkt me zeker de moeite waard om hier nog eens over door te praten.’
Toen ze het lokaal verlieten, hoorde David-Jan tot zijn verbazing een paar meiden aan elkaar vragen waar dat verhaal over het kistje nu eigenlijk op sloeg. Hoe konden ze dat nu niet begrepen hebben?
Sjoerd kwam naast hem lopen. ‘Toch wel een pittige tante hoor, die Cathelin van jou.’
‘Stt, niet zo hard man!’ Geschrokken keek hij om zich heen. Gelukkig leek niemand Sjoerds opmerking gehoord te hebben. ‘En het is mijn Cathelin niet, dus houd die onzin liever voor je, oké?’
Sjoerd grinnikte. ‘Rustig maar, kerel. Maar eerlijk, ik vond dat ze een paar goeie punten had.’
David-Jan knikte. Dat vond hij ook.
‘Maar mijn vraag heeft ze mooi niet beantwoord. Daar ga ik haar volgende week nog een keer mee confronteren,’ zei Sjoerd.
David-Jan had juist het gevoel dat ze zojuist heel persoonlijk was geweest, maar hij had geen zin om dat aan Sjoerd uit te leggen. Nog meer voelde hij het verlangen om eens een echt gesprek met haar te hebben. Maar hoe hij ook zijn best deed, ze liet hem gewoon niet bij haar in de buurt komen.
Toen hij aan het einde van de schooldag zijn fiets uit het rek trok, stond ze opeens achter hem. ‘Als je wilt praten, zorg dan dat je vanavond half tien bij de brug bent,’ zei ze kort. En weg was ze alweer. Ze had dus blijkbaar wel degelijk gemerkt dat hij gelegenheid had gezocht om met haar te praten. Maar waarom wilde ze dat niet op school, gewoon een keertje tijdens de pauze? Waarom moest het zo moeilijk? De brug, had ze gezegd. Er was hier maar één brug in de buurt. Dat was de grote boogbrug over de rivier, zo’n kwartiertje fietsen vanaf zijn huis. Snel bedacht hij welke dag het was. Donderdag. Dan had hij vanavond niets. Onderweg naar huis probeerde hij alvast wat logische verklaringen voor zijn ouders te bedenken waarom hij vanavond weg zou willen. Hij ging ’s avonds eigenlijk nooit weg, dus ze zouden ongetwijfeld willen weten waar hij heenging. Hij kon natuurlijk zeggen dat hij naar Sjoerd ging. Maar dat was liegen en daar hield hij echt niet van. Zeggen dat hij een afspraak met een meisje had? Nee, dat zou nog veel meer vragen oproepen. Een stukje fietsen om zijn hoofd leeg te maken. Dat leek hem nog het meeste recht te doen aan de waarheid.

Wordt vervolgd.


Schrijver
Eeuwoud Koolmees
schrijft voor Daniël een vervolgverhaal

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 oktober 2018

Daniel | 32 Pagina's

— Onder de blote hemel — 4

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 oktober 2018

Daniel | 32 Pagina's