Ben jij veilig?
Ik ben in een restaurant. Plotseling hoor ik: bam, bam! Enorme explosies onmiddellijk gevolgd door glasgerinkel. Kreunend stort een gebouw ineen. Ik hoor het ratelen van een automatisch wapen. Mensen gillen. Honden hoor ik blaffen. Stoelen vallen om. Au! Ik ben geraakt! Bloed stroomt uit mijn rug. Ik kruip onder tafel, mijn schuilplaats. Ik ruik rook. Het licht valt uit. Wat gebeurt hier? Onveilig! Chaos!
Hoe lang duurt dit al? Ik hoor sirenes. Ik kijk vanonder het tafelkleed. Blauwe lampen flitsen voorbij. Ik zie politie. Bivakmutsen op. Zwaarbewapend. Deuren worden opengetrapt. Bevelen klinken. Even later ben ik gevonden. Iemand met een zwart vest aan en een helm op knielt naast me neer. Onder dekking van politie. Wapens getrokken. Ik knipper met mijn ogen tegen het felle licht dat vanaf de helm op me is gericht. “Meneer, ik ben van de ambulance. Ik ga u helpen!” Even later word ik uit de chaos geloodst. Verzameld met andere gewonden. Bijzondere wachtkamer. “Straks wordt u naar het ziekenhuis gebracht.” Ik snap het. De meest zwaargewonden gaan voor. Twijfelachtige eer…
Zo. Het is voorbij. We stoppen ermee. De toneelschoolleerlingen druipen af. Wat mij betreft zijn ze geslaagd. En schor zijn ze ook. We ruimen de rommel op. Rode smurrie veeg ik van mijn kleren. Tjonge, dat zag er verdraaid echt uit. De opgeplakte schotwond leg ik terug. Naast de andere. Naast halve armen en gapende beenwonden. Straks draaien we de rollen om. Mijn collega’s worden toegetakeld. En ik? Ik ga onder dekking, in het donker, in de chaos hulp geven... Volgende oefening.
Bijscholing. Onderwerp? Terrorisme. Locatie? Knap nagebouwd dorpsplein. Compleet met restaurant, ingestort gebouw, kinderdagverblijf en bioscoop. En pinautomaat. Een opgeblazen modelletje dan. Geluid. Licht. Alles om chaos te maken. En dat lukt. Proeflokaal voor stressbestendigheid.
Wat ik leerde? Heel veel. Omdat Daniël geen vakblad is voor hulpverleners ga ik dat natuurlijk niet allemaal vertellen. Maar één ding toch wel.
Terwijl ik me in de chaos in een nepdorp, in een neprestaurant met een nepwond en een beetje nepbloed comfortabel had geïnstalleerd onder een compleet gedekte tafel dacht ik: wat ik hier naspeel staat dagelijks in de krant! Zonder nepdorp. Zonder neprestaurant. Zonder nepbioscoop. Echte explosies. Echte schuilplaatsen. Echte wonden. Echt bloed. Echte daders. Echte slachtoffers. Tot op het moment dat ik deze bijdrage schrijf, is ons land bewaard -wees dankbaar!- voor een aanslag van deze omvang. Nog wel. Dat was mijn bijles!
En nu jij... Ooit weleens bedacht dat jouw veiligheid niet vanzelfsprekend is? Heb je dat verdiend? Welnee! Is het genade? Zeker! Wat jij mag doen? Jouw gebed is nodig voor werkers aan vrede en veiligheid! In binnen- en buitenland. Een gebed, ook voor slachtoffers en verwanten. Ook voor wie de tijd van oefeningen voorbij is. En voor de daders. Zou God wel de dader Saulus tegen kunnen houden en geen hedendaagse daders?
En schuilen! Wat? Ja, schuilen, veilig opgeborgen! Ik? Ja, jij! Wanneer dan? Vandaag nog! Die in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, die zal vernachten in de schaduw des Almachtigen. In die schuilplaats ben je eeuwig veilig! Met ziel en lichaam. Niet nep. Maar echt!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 oktober 2018
Daniel | 32 Pagina's