Harde gedachten over God
Maar die het ene talent ontvangen had, kwam ook en zeide: Heere, ik kende u dat gij een hard mens zijt… (Matth. 25:24a).
Hij had niet meer dan één talent, maar aan woorden had hij geen gebrek. Terwijl zijn twee collega’s sober en bescheiden waren in hun rapportage, hield hij een ellenlang verhaal. Jazeker, hij had geen winst gedaan met zijn talent, maar hij kon het allemaal verklaren.
Ernstig, en toch verschrikkelijk
Nu moeten we die man niet te gauw veroordelen. Hij had maar één talent, nietwaar? Ernstig heeft hij nagedacht. Als hij dat ene talent kwijtraakte, was hij alles kwijt. Hij begroef het daarom zorgvuldig in de aarde. En wij? Wat doen wij met ons talent? Vergooien wij het in wereld? Woekeren wij om er zelf wat mee te worden? Pronken wij ermee? Dan is deze man ons tot een voorbeeld. Beschamend!
En toch, wat een verschrikkelijke dingen zegt hij op de dag van de afrekening. Wat een achterdocht spreekt eruit. Somber is zijn hart; somber is zijn leven; somber ook het beeld dat hij van zijn meester heeft. Zijn baas zou maaien waar hij niet gezaaid heeft. Is dat niet onredelijk? Vraagt hij niet teveel?
Met deze gelijkenis laat Christus ons in de spiegel kijken; beter nog: in ons hart kijken. Wat leven daar een harde gedachten over God. We vinden het niet eerlijk wat Hij van ons vraagt. Eigenlijk zijn we bang voor Hem. We denken net als die knecht. Hij vond zichzelf ernstig en voorzichtig, maar de meester noemt hem lui en boos.
De grote zonde van ons leven
Wat was de grote zonde van zijn leven? Geen zonde van bedrijf, maar van nalatigheid. Hij had God niet verheerlijkt. Hij was geen dief, geen dronkaard en geen overspeler, maar hij deed niets. Hij zag zijn voorrechten niet en nam evenmin zijn verantwoordelijkheid. Hij wilde niet zweten voor zijn meester en niet zorgen voor zijn naaste. Kortom, hij was liever lui dan moe. Dat werd zijn ondergang.
Denk daar eens aan! Lauw zijn in de dienst van God is net zo erg als druk zijn in de dienst van satan. Niemand kwaad doen is misschien een compliment voor een steen, maar niet voor een mens die geschapen is om God te dienen. Op de dag van Jezus’ wederkomst zal dat ons aanklagen. Wie zo geleefd heeft, zal straks verstommen en het eeuwig moeten berouwen.
Nee, het is nog niet te laat. Maar het is wel tijd om te ontwaken. Begraaf je talent niet langer, maar drijf handel totdat Hij komt! Belijd je hardheid en luiheid. Smeek de Heere om een verbroken hart, een hart dat in diep berouw tot Christus vlucht, een hart dat Hem kinderlijk vreest en Zijn geboden liefheeft. ‘Gun door ‘t geloof in Christus krachten om die te doen uit dankbaarheid.’
Andere gedachten
Wat een zegen is het als je ándere gedachten krijgt. Als je niet langer hard kunt denken van God, maar goed gaat denken van de Heere en hoog gaat denken van Zijn dienst. Als je kleine gedachten krijgt van jezelf, zodat diepe schaamte je hart vervult en er een groot verdriet komt over je luiheid en boosheid.
Maar wat een zegen als je dan ook goede gedachten van Christus mag krijgen! Van Hem, Die trouwe Knecht, Wiens spijze het was de wil van Zijn Vader te doen. Als je in Hem verzoening mag vinden voor je schuld en kracht tot vernieuwing van je leven. Dan blijft er maar één ding over: ‘Leer mij, o God van zaligheden, mijn leven in Uw dienst besteden!’
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 september 2018
Daniel | 32 Pagina's