Honger
Terwijl ik het eten in een volle pan omschep, zie ik hem komen: gesmoezeld grijs colbertje, tas onder de arm. Niet met een stok of knijptang, maar met zijn blote handen begint hij door de berg afval in de container naast mijn flat te wroeten. De halve boterham die hij vindt, krijgt geen plekje in zijn tas, maar wordt meteen opgegeten.
Je moet wel echt honger hebben om je met het voedsel uit deze container te willen voeden. Hier wordt zelfs toiletafval gedumpt en hebben straathonden en zwerfkatten vrij spel. Het weerhoudt deze man, en vele anderen met hem, er niet van om in de stadscontainers te zoeken naar plastic, blikjes en voedsel. Ik zie het gebeuren, terwijl ik door mijn overvolle pan roer… Onbedoeld toch voor twee keer gekookt...
Ongelijkheid, armoede, honger… Het doet pijn om er van zo dichtbij mee geconfronteerd te worden.
Het is enkele maanden later. Over een smal paadje lopen we langs lage, bijna verstopt liggende huisjes aan de rand van de stad. Nog één donker, nauw gangetje en dan zijn we op onze bestemming. Terwijl we onze schoenen nog uittrekken, zwaait de deur al open. Mijn collega en ik worden hartelijk begroet met voor elk vier zoenen en een knuffel. Binnen wachten enkele jonge moeders, twee oma’s en nog wat andere familieleden. Aan alles is te zien dat ook deze mensen uit ervaring weten wat armoede en ongelijkheid is. Een vloerkleed bedekt grotendeels de kale betonnen vloer. De gordijnen worden met een wasknijper bijeen gehouden. Maar… we hebben iets moois gekregen om met de bewoners van dit huis te delen.
De Bijbels en liedbundels worden uitgedeeld. Samen zingen we. Het Woord gaat open. Zal het overstemd worden door het beeldscherm achter onze rug, dat ook om aandacht vraagt? Nee, dat gebeurt niet. Terwijl we lezen uit het Evangelie naar Markus en mijn collega steeds kort uitleg geeft, is er ademloze stilte. De blikken zijn niet gericht op het scherm, maar er is aandacht en eerbied voor het Woord. We lezen hoe Jezus Zijn werk begon in… Galilea. Niet in de geroemde hoofdstad, maar in dat deel van het land waar eenvoudige, ja zelfs verachte mensen woonden. In de ogen van de mensen hier zie ik herkenning. Zij weten wat het is om aan de rand van de samenleving te staan, om ‘Galileeër’ te zijn. Wat schittert het Evangelie van Jezus Christus, den Zoon van God (Mark. 1:1) dan juist op deze plaats: Jezus zocht (en zoekt) Galileeërs op! Juist bij hen begon Hij te verkondigen dat het Koninkrijk Gods nabijgekomen is (Mark. 1:15). Bekeert u, en gelooft het Evangelie! De aandacht verslapt niet. Het is alsof het Woord wordt ingedronken. “O Heere, wij hebben U zo nodig…”, bidt één van de moeders aan het einde van de Bijbelstudie.
Het zien van déze honger geeft blijdschap: De Heere werkt, dwars door armoede en ongelijkheid heen. Hij maakt hongerig. Hij verzadigt. Smaakt en ziet, dat de HEERE goed is; welgelukzalig is de man, die op Hem betrouwt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 2018
Daniel | 32 Pagina's