Vrijwillig gevangen
Vrijwilliger zijn in de gevangenis. Vrijwillig misdadigers opzoeken. Naast hen gaan zitten. Hen behandelen als je medemens. Daar zijn maar weinig mensen voor te vinden. Toch zijn ze er gelukkig. Maar vrijwillig de gevangenis in als gevangene? Vrijwillig, zodat misdadigers vrijuit kunnen gaan? Er is maar één zo’n Vrijwilliger te vinden. Het is de Heere Jezus.
Voor Jezus ging de gevangenisdeur niet na een uurtje weer open. Hij moest blijven tot de straf betaald was met Zijn dood. Want de misdaden waarvoor Hij veroordeeld werd, waren te zwaar en te veel.
Vrijwilliger
Een arrestant die niet wegrent, maar vrijwillig zijn handen uitsteekt naar de boeien? Dat zal niet vaak gebeuren. De Heere Jezus deed dit wel. Johannes legt daar de volle nadruk op in zijn Evangelie. Hij schrijft over Gethsémané: Jezus dan wetende alles, wat over Hem komen zou, ging uit en zeide tot hen: Wien zoekt gij? (Joh.18:4). Hij ging uit. Het initiatief ligt bij Hem. Want Hij weet alles wat over Hem komen zou. Hij weet dat Híj dit jaar het Paaslam is. Zonder Hem gaat het grote paasfeest niet door. Het Lam van God, dat de zonden der wereld wegdraagt, moet geslacht worden. Daarom stapt Hij naar voren. Het Lam, moedig als een leeuw. Hij vraagt: Wien zoekt gij? Kort klinkt het antwoord: Jezus de Nazarener. Hem zoeken ze. En Jezus zeide tot hen: Ik ben het (Joh.18:5). ”Ik ben het, Mij moeten jullie hebben.” Terwijl Hij het zegt, valt de hele bende achterover op de grond. Niemand hoeft nog te twijfelen of Jezus Zich vrijwillig geeft. Want Hij vraagt opnieuw: Wien zoekt gij? (...) Ik heb u gezegd dat Ik het ben (Joh. 18:7,8). De hele bende ligt op de grond. Geen stok of zwaard dwingt Hem. Geen ijzeren greep van soldatenarmen. Hij gééft Zich. Hij geeft de machteloze soldaten toestemming om op te staan en Hem te binden. Indien gij dan Mij zoekt, zo laat dezen heengaan (Joh. 18:8). “Grijp Mij, maar niet Mijn discipelen.” Het lijkt wel alsof Hij dit niet tegen de soldaten zegt, maar tegen Zijn Vader.
Gegrepen door Zijn Vader
Uit alles blijkt dat hier méér aan de hand is. Jezus werd gezocht. Niet alleen door mensen met zwaarden en stokken. Hij werd gezocht door Zijn Vader. Hij werd gezocht om de begane misdaden. Niet door Hemzelf begaan, maar door opstandige mensen, vijanden van God. Waarom werd Jezus een gevangene van Zijn eigen Vader? Omdat Hij de zonden der wereld wegdroeg. Paulus schrijft: Want Dien, Die geen zonde gekend heeft, heeft Hij zonde voor ons gemaakt (2 Kor. 5:21). En: Christus heeft ons verlost van den vloek der wet, een vloek geworden zijnde voor ons (Gal. 3:13). Dáárom mocht Hij niet langer leven. Hij stond Borg voor de Zijnen.
Alzo lief had God de wereld
Zie je hoe lief God de wereld heeft gehad? Zie je wat het betekent dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft? Dat Hij Hem niet spaarde? Zie je in hoe serieus God de zonde neemt? Zie je dat Hij de zondaren moet vervloeken en wegdoen? En zie je de zondaarsliefde van de Heere Jezus? Zijn handen, die alleen maar goed gedaan hadden, liet Hij binden. Hij deed dat uit liefde, niet tot vrienden, maar tot vijanden van God.
Meer kettingen dan je denkt
De Heere Jezus werd een gevangene, zodat een ieder die in Hem gelooft weer vrijuit kan gaan. Daarom kwam Hij naar de aarde. Dat heeft Hij uitgelegd in de synagoge van Nazareth. Hij is gekomen om de gevangenen te prediken loslating (Luk. 4:19), Om de gebondenen uit te voeren uit de gevangenis, en uit het gevangenhuis hen die in duisternis zitten (Jes. 42:7). De Heere Jezus is de Bevrijder. Zitten wij dan gevangen? Ja, dat kun je aan alles merken. Wij zijn onze vrijheid kwijt. Adam en Eva dienden vrij en van harte de Heere. Maar nu zijn wij op allerlei manieren gebonden. Je zit vast met kettingen van zonden. Opgesloten in zondige gewoonten. Je gedachten gevangen door vuile begeerten. Of misschien ben je levenslang vastgebonden door verlangen naar rijkdom en weelde. Al deze dingen laten ons zien dat we slaven zijn. Je kunt dat ook merken in de ellendige dingen die wij meemaken. Je kunt bijvoorbeeld gevangen zijn in jezelf door psychisch leed. Of door een ziekte of een handicap. Denk bijvoorbeeld aan de gekromde vrouw in de synagoge. Jezus zegt dat ze door de satan gebonden werd (Luk. 13:16). We zijn gevangenen van de duivel en de zonde. De duivel is altijd al de mensenmoorder geweest. Hij wil niets anders dan ellende, verdriet en je ondergang. En het ergste is: slaven van de duivel krijgen straks te horen: Gaat weg van Mij, gij vervloekten, in het eeuwige vuur (Matth. 25:41). Dan begint de eeuwige gevangenschap onder Gods toorn. Welverdiend. Dat is het ergste.
Voor altijd vrij
Daarom is de Heere Jezus nu gevangen genomen. Gevangen genomen om ons te bevrijden uit Gods gericht. Gevangen genomen, om ons te bevrijden van onze gebondenheid aan de zonde. En ook om uiteindelijk te bevrijden van alle moeite, verdriet, en pijn. Toen de Heere Jezus op de aarde was, deed Hij dat ook. Waar Hij ook kwam, Hij zag gebondenen. Hij bevrijdde iedere zieke, iedere bezetene, die tot Hem werd gebracht. Het waren tekenen van Zijn Koninkrijk. Hij is niet veranderd. Ga met je kettingen, je onmogelijkheden, tot Hem. Alles waar je niet van los kunt komen. Alles waarin je vast zit. Belijd dat voor de Heere. Want Hij maakt de gevangenen los (Psalm 146:7). En, indien de Zoon u zal vrijgemaakt hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn (Joh. 8:36).
Vriend!
In de hof stelde Jezus een indringende vraag aan Judas. Vriend, waartoe zijt gij hier? (Matth. 26:50). Deze vraag wordt ook aan jou gesteld als je de Boodschap hoort. Want als jij het Evangelie hoort, ben je een getuige van het lijden van de Heere. Je ziet het als het ware voor je ogen gebeuren. De vraag is: wat doet dat met jou? Jezus vraagt: Vriend, waartoe zijt gij hier? Blijft jouw hart net zo ijskoud als dat van Judas? Hij zag de liefde van zijn Meester niet. Wie is de gevangen Jezus voor jou? Is Hij gevangen, zodat jij vrijuit mag gaan in Gods gericht? Het is: ’Hij of ik’. Hij stond in Gods gericht voor mij, óf ik moet zelf voor mijn zonden boeten. Vraag de Heere of Hij je ogen opent. Let er op wat de Vader met Zijn lieve Zoon deed toen Die de zonden op Zich nam. Als God Zijn Eigen Zoon niet spaarde, denk je dan dat het oordeel van God over jou mee zal vallen?
Van de ergste soort
De Heere Jezus werd gerekend tot de misdadigers van de ergste soort. Alle omstandigheden wijzen daarop. En de evangelisten hebben dat nauwkeurig opgeschreven.
• Er werd een bende soldaten met zwaarden en spiesen op Hem afgestuurd, als naar een moordenaar.
• Hij werd niet alleen gelijk gesteld aan de moordenaars, maar zelfs erger dan dat. Toen Hij op tweetal stond met Barábbas, moest Hij het afleggen tegen deze moordenaar. Jezus was ’erger’ dan hij.
• De Heere kreeg de ergst denkbare straf. De doodstraf. Niet de doodstraf door onthoofding, zoals Johannes de Doper. Maar de wrede en vervloekte dood aan het kruis. Hij werd gerekend tot het soort, waarvan gezegd moet worden: ’weg met dezen!’
• Maar ook dat was niet genoeg. Van de misdadigers die de kruisdood moesten sterven, werd Hij tot de ergste gerekend. De Heere hing in het midden. Hij was de belangrijkste ’misdadiger’.
Dat is een bijzonder goede boodschap voor zondaren. Ook voor jou. De Heere Jezus werd als de ergste misdadiger veroordeeld, zodat wij er zeker van kunnen zijn dat Zijn straf zwaar genoeg was. Ook zwaar genoeg voor mijn zonden. Zijn straf was de zwaarste, zodat ik zeker weet dat er geen zonde is waarvoor Hij niet heeft geleden. Het zet een rode streep onder de woorden: En het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van álle zonde (1 Joh. 1:7). Er is vergeving en bevrijding, ook van de ergste zonden.
En toch onschuldig
Alle vier de evangelisten laten er het volle licht op vallen dat Jezus een onschuldige gevangene was. Op tientallen manieren laten ze dat zien. Hier een paar voorbeelden:
• De rechter Pilatus zegt tot drie keer toe: Ik vind in Hem geen schuld.
• Deze onschuld maakte Pilatus onrustig. Daarom probeert hij op wel zéven manieren om Jezus vrij te krijgen, of om van Hem af te raken.
• Aan Zijn dood ging geen rechtvaardige veroordeling vooraf. Het was de haat en de druk van de Joden. Ze schreeuwden: ”Kruis Hem, kruis Hem! (Luk. 23:21)”. Overduidelijk was Jezus onschuldig. Zo laat Hij aan heel de wereld zien dat Hij daar niet stond voor Zijn eigen zonden. Het moet wel zo zijn dat Hij daar voor anderen stond. Onschuldig en vrijwillig. Wat een liefde! Dit is een grote troost voor wie gelooft: Hij kreeg wat ik verdiende, en ik krijg wat Hij verdiend heeft.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 maart 2018
Daniel | 32 Pagina's