Ik ben Alice
Mijn oma is 93 en woont in een verzorgingshuis. Ze wordt daar goed verzorgd. Ik vraag me af of wij straks diezelfde zorg nog wel kunnen krijgen. Natuurlijk staat dit ver van jouw bed. Eer dat jij 93 bent… Toch raakt het je meer dan je denkt. Dat komt door Alice.
Alice in Wonderland? Nee, het is allang geen sprookje meer. Alice is een zorgrobot. Ze bestaat (nog) niet echt, maar er is een documentaire over zorgrobots, die heet ‘Ik ben Alice’. Er komen steeds meer ouderen. Over zeven (!) jaar hebben we vier keer zoveel mensen boven de 80 als nu. Het gevolg: een tekort aan personeel in de zorg. Daarom wordt er hard gewerkt aan zorgrobots. Technisch is er natuurlijk al heel veel mogelijk. Stofzuigen, de deur opendoen, een telefoonnummer opzoeken, en nog veel meer. Maar de grote vraag bij robots is: kan een apparaat een mens van vlees en bloed vervangen?
In ‘Ik ben Alice’ komt deze vraag heel dichtbij. Drie oudere dames krijgen in deze documentaire bezoek van Alice. Ze is nooit moe, verliest nooit haar geduld, helpt om dingen te onthouden en geeft altijd antwoord. Alice lijkt wel de ideale verzorger voor dementerende ouderen. Er ontbreekt echter één ding aan Alice: leven. Ze is namelijk een robot.
De dames en hun familie moeten in het begin niet zoveel hebben van deze pratende pop. Maar langzamerhand raken ze alle drie gesteld op Alice. Ze kletsen, zingen en lachen er op los met hun nieuwe maatje. Ze stelt voor om een eindje te wandelen, doet gymnastiek met de dames en vraagt hoe het met ze gaat. Alice is geprogrammeerd om de wereld van de vrouwen te leren kennen en zich erop af te stemmen. Ze leert van de gesprekken en reageert steeds beter in de gesprekken die ze met de vrouwen voert. Ze lijkt in staat te zijn een menselijke band op te bouwen… Zou zorgrobot Alice hét antwoord zijn op toekomstige problemen in de zorg?
De mens afschaffen?
Bij de presentatie van een ‘mensachtige’ robot zei een Chinese technicus recent: kunstmatige intelligentie kent drie fases. Eerst maken we robots, dan kopiëren we de mogelijkheden van een mens in de robot en daarna kan de mens vervangen worden.
Is dat grootspraak? Gaan robots onze banen inpikken, mensen overheersen of afschaffen? Wordt straks jouw werk, misschien wel in de zorg, overbodig door een robot? Of, stel dat jouw werk straks bestaat uit het bouwen van robots? Wat vind jij daarvan als christen?
Dat een tractor onze spierkracht overneemt, dat een rekenmachine sneller kan rekenen dan wij, dat een smartphone sneller boodschappen overbrengt - dat accepteren we. Maar waar ligt de grens? Robots helpen ons om nauwkeurig te lassen, operaties uit te voeren of een patiënt in bed te tillen. Maar een robot heeft geen hart. Even iemands wang aanraken, een arm om iemand heen slaan, barmhartig zijn, samen verdrietig zijn of bidden - als we dat overlaten aan een machine, voelt dat ‘koud’ aan. God heeft mensen zo gemaakt dat ze hiervoor juist elkaar nodig hebben.
Het zou toch een schande zijn als we daar, bijvoorbeeld in de zorg, geen mensen meer voor hebben? Dan zijn we inderdaad bezig de mens af te schaffen.
Watson
De wereld van robots is allang geen science fiction meer. Er zijn robots die eng realistisch met mensen kunnen communiceren. Dat gaat wel even verder dan Siri op je iPhone. Neem Watson, een supercomputer van IBM. Megaslim en in staat om binnen een paar seconden het antwoord op heel moeilijke vragen te geven. Door het zelflerend karakter wordt Watson trouwens steeds ‘slimmer’ in de tijd. Net een mens, toch? Watson is inmiddels volop ontdekt door de gezondheidszorg en adviseert bijvoorbeeld artsen over hun behandelplannen.
werkenbij.cedrah.nl
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 maart 2017
Daniel | 32 Pagina's