JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Zoek de dingen die Boven zijn

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zoek de dingen die Boven zijn

8 minuten leestijd

Hij werd geboren in Genemuiden, groeide op in Deventer, studeerde economie in Rotterdam en is nu al bijna vierentwintig jaar predikant in Amersfoort. Vijftien jaar was dominee W. Visscher voorzitter van de Jeugdbond Gereformeerde Gemeenten. Deze maand nam hij afscheid en zochten we hem op. We troffen een vader en predikant aan. Een kruisdrager. We spraken iemand die zich in het hart liet kijken.

Jeugdwerk in de kerk kende dominee Visscher lange tijd niet. In zijn thuisgemeente Deventer was er geen jeugdvereniging. Toen hij twintig was, kwam hij voor het eerst in aanraking met het jeugdwerk. De eerste jongerendag van de Jeugdbond die hij meemaakte in ‘De Doelen’ in Rotterdam herinnert hij zich nog goed: “Hoe imponerend, hoe apart was dat; zoveel ‘gergemmers’ bij elkaar. Dit was ik niet gewend. Bij ons in Deventer waren we een minderheidje in een grote stad. We woonden in een katholieke buurt, en aan de andere kant van de straat was het ‘rode dorp’, allemaal PvdA stemmers.”

U bent vijftien jaren voorzitter van de Jeugdbond geweest. Bent u veranderd?
”Wezenlijk ben ik niet veranderd. Wel qua omgaan met dingen. Je leert dat dingen hun tijd nodig hebben. Goede dingen komen niet van de één op de andere dag. Je moet geduld hebben. Dat moest ik leren: af en toe eens een paaltje slaan; hier staan we, en daar willen we naar toe. Toen ik begon bij de Jeugdbond was er veel discussie over het jeugdwerk: ‘Is het wel of niet acceptabel, hoe krijgen we alle gemeenten erbij betrokken?’ Dit ligt vandaag iets anders. We worstelen nu vooral met de vraag: ‘Hoe blijven we herkenbaar en betrokken bij het totaal van de gemeenten.’ De verschillen tussen de gemeenten nemen helaas wel toe.”

Zijn jóngeren anders geworden in de afgelopen vijftien jaren, of zijn alleen de omstandigheden veranderd?
“Ik denk wel dat er een fundamentele verandering is opgetreden. Ruim twintig jaar geleden hadden we geen computers of smartphones. Ook hebben we in onze gemeenten de televisie buiten de deur proberen te houden. Die afstand is heilzaam. Vandaag de dag heeft vrijwel elke jongere een kleine televisie (smartphone) in zijn zak. Dit leidt ook tot versterking van de individualisering. Je ziet dat iedereen functioneert in de groepen die je zelf samenstelt. Je hebt je eigen vriendengroep, via de app. Daar sta je permanent mee in contact. Dit doet afbreuk aan de traditionele en gegeven verbanden zoals kerk en jeugdvereniging. Wat je bevalt neem je, de rest niet.”

Is dat een gevaarlijke verandering?
“Wat heet gevaarlijk? Is de lucht gevaarlijk? Hij is vervuild, maar we hebben het nodig om te ademen. Het is er gewoon. Gevaarlijk of niet: hoe maken we er gebruik van? En hoe geven we aan jonge mensen op dit punt leiding? Dat zijn de vragen waar het om gaat.”

Er zijn nogal wat onderzoeken gepubliceerd, bijvoorbeeld in het Reformatorisch Dagblad, naar het gedrag van jongeren. Wat vindt u van deze onderzoeken?
“Het zijn vaak sociologische onderzoeken waarin we signaleren dat bepaalde dingen vroeger anders gingen dan nu, dat een percentage jonge mensen meer of minder uit de Bijbel leest. Die onderzoeken geven bouwstenen. Dingen waarover je na kunt denken. Het levert dus een belangrijk inzicht op. Maar je moet wel oppassen. Voor de media zijn goede dingen geen nieuws! Als dertig procent van de jongeren niet in de Bijbel leest dan vermelden we dat. Dat zeventig procent dat kennelijk wel doet, vinden we heel gewoon en wordt niet vermeld. Terwijl dan nu juist zo opmerkelijk is. Nieuws is het pas als het slecht gaat. Dat vind ik het nadeel van die onderzoeken.”

Er zijn ouders die zeggen: ‘Het is wel mooi wat jullie in Daniël schrijven, maar mijn zoon is niet betrokken. Die ligt in de kerk met zijn hoofd op de bank.’ Wat adviseert u deze ouders?
“Het is een geestelijk probleem. En dat vraagt om een geestelijk antwoord. Die ouders moeten blijven bidden. Dat is het eerste en het aller voornaamste. Daarbij is de doop van onze kinderen een gegeven en krachtige pleitgrond. Denk aan moeder Monica. Dan komt er een hele tijd niks. Laat ook merken aan je kinderen dat je ze kwijtraakt aan de troon der genade. Als we doordrongen zijn van de geestelijke problematiek dan kunnen we nog wel verder nadenken. Praten, jeugdwerk, jongeren proberen te bereiken, vakantiekampen en ga zo maar door. Er zijn veel middelen die je kunt inzetten, maar het is een geestelijk zaak en die kunnen we alleen door bidden en vasten benaderen.”

Op 18 februari 2015 overleed uw vrouw. Wat heeft dat met u gedaan?
“Enorm veel. Meer dan ik ooit had kunnen vermoeden. Ik zit nog midden in het rouwproces. Sterven van je vrouw waar je veel van houd, dat moet je zelf meemaken. Ik heb veel jaren geprobeerd mensen met een verlies te helpen, maar nooit begrepen wat het was. Dat begrijp je nu. Ieder die dat meemaakt, moet dat op z’n eigen manier verwerken. Daar zijn wel wat richtlijnen voor, maar dat moet je toch op je eigen manier doen. Dat is heel persoonlijk. Ik vergelijk het wel eens met het lijden van pijn. Je kunt daar een boek over schrijven, je kunt het bestuderen. Een dokter kan er medicijnen voor geven, maar de patiënt voelt het. Hij heeft pijn. En zo is het met rouw ook.”

Heeft u voor uzelf het gevoel dat u een manier heeft om het te verwerken?
“Het leven gaat verder. Je probeert stukje bij beetje verder te komen. Wat wel heel ingrijpend is veranderd in mijn leven is de tijdshorizon. Vroeger dacht ik wat vooruit, deze week, volgende week. Dat is helemaal weg. Ik leef zo’n beetje bij de dag. Ik hoop aanstaande zondag te preken, en dat is het dan wel.”

En u heeft een gezin…
“Klopt. Zeven kinderen hebben we ontvangen. Drie wonen er nog thuis. De jongste was zestien toen z’n moeder overleed. Het roept ook waaromvragen op in mijn gezin. Onze oudste dochter is zwaar gehandicapt en een zoon kreeg drie weken na het overlijden van zijn moeder te horen dat hij de ziekte van Hodgkin heeft. Dat geeft ook bij de kinderen hele diepe vragen. Waarom gebeuren deze dingen? Waarom bestuurt God die zo? En wat zal er nog meer komen? En, zie Psalm 73, boosheid op God? Kunnen wij God, die dit doet, wel vertrouwen? ‘Papa, u preekt erover, u vertrouwde God, en God doet nu dit?’ Ik heb dan ook niet altijd antwoorden. Asaf heeft er ook heel erg mee geworsteld, Psalm 73. Ik probeer te vertellen dat God betrouwbaar en goed is. Sommige vragen worden echter op aarde niet beantwoord, maar hiernamaals pas.”

De dood van geliefde bepaalt uiteraard bij uw eigen sterven. Denkt u daar vaak aan?
“Ja, dagelijks. ‘s Morgens als ik wakker word is het eerste wat ik zie die lege plaats naast mij. ‘s Avonds als ik slapen ga is het laatste wat ik zie die lege plaats naast mij. Sterven is dus tastbaar aanwezig. Ik denk er dan aan in twee opzichten. In de eerste plaats de ernst van het sterven en in de tweede plaats de doorgang naar de eeuwigheid. Eerst de ernst. De dood is de laatste vijand. Lees het slot van De Christenreis van John Bunyan. Christen was bijna omgekomen in de doodsrivier. In de tweede plaats de eeuwigheid. Allen die in Christus zijn, zullen Hem en elkaar weerzien aan de andere zijde van de doodsrivier. Dat is de vaste troost van de kerk in deze wereld. Ondertussen word ik geroepen om dit kruis, wat de Heere mij oplegt, vrolijk te dragen. Dat is best een moeilijke opgave. Het is alles Gods raad. Maar dien ik die raad nu gewillig uit? Een hele confronterende vraag.”

Wat bedreigt volgens u de gereformeerde gezindte het meest?
“Er zijn drie grote krachten die het kerk zijn in nu beïnvloeden.
In de eerste plaats de secularisatie. We wonen en leven in een niet-christelijk land. En we zijn een kleine minderheid. De ontkerkelijking is op een haar na voltooid. Bovendien houdt de secularisatie (God is niet meer van belang) niet op bij de kerkdeur!
Ten tweede de individualisering. Je kunt kiezen wat je wilt, dat leer als kind al. Zo is ook het lidmaatschap van de kerk voor velen meer en meer een keuze geworden. Terwijl we lid zijn van de kerk door geboorte en doop! God heeft ons ergens een plaats gegeven.
In de derde plaats, en misschien wel de sterkste, dat wij het materieel zeer goed hebben. Ten opzichte van honderd jaar geleden zijn er veel verbeteringen, denk aan de gezondheidszorg. We kunnen ook niet honderd jaar terug. De dagelijkse werkelijkheid is echter heel vol en aangenaam geworden. We hebben heel veel voorzieningen. Ons levensdoel zijn wij grotendeels gaan zoeken in aardse dingen. Als we ziek worden, is de belangrijkste vraag of we weer beter kunnen worden om verder te leven. Mannen als Calvijn en MacCheyne stonden daar echt anders in. Die zagen, met Paulus, uit naar het einde.”

Op welke manier is dit een bedreiging?
“Dat we denken dat we voor aardse dingen leven. We hebben volle agenda’s maar lege binnenkamers. Ik betrap mezelf ook vaak op het verkleefd zijn aan deze wereld. Soms wil ik mijn vrouw daarom nog terughalen naar de aarde. Dat is niet goed. Paulus zegt: Zoek de dingen die boven zijn! Zoek jij mee…!?”


Ds. W. Visscher
• Geboren in 1955 in Genemuiden
• Woonde als kind en jongere in Deventer
• Studeerde Economie in Rotterdam
• Na een studie van vier jaar aan de Theologische School werd hij in 1992 predikant in Amersfoort.
• Was van 2001 tot 2016 voorzitter van de Jeugdbond

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juli 2016

Daniel | 32 Pagina's

Zoek de dingen die Boven zijn

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juli 2016

Daniel | 32 Pagina's