Het naaiatelier
Ze debuteerde in 2009 met Schaduwvlucht en schreef daarna menig boek over stiltemeditatie. Dit jaar is het christelijke boekenweekgeschenk van haar hand; Mirjam van der Vegt schreef een novelle over een Afghaanse vluchteling die in Nederland onderdak vindt.
Het boekje begint met een proloog, waarna negentien korte hoofdstukken volgen die allen een korte titel hebben. Jabir vertelt je het verhaal van zijn vlucht uit Afghanistan. Wie De vliegeraar heeft gelezen zal het beschreven standsverschil tussen de pashtun en hazara’s zeker herkennen. Jabirs vader is pashtun, maar zijn moeder behoorde tot de bedienden en was een hazara. Nu Jabirs vader is omgekomen, zit zijn familie van vaders kant er niet op te wachten om hazara’s te onderhouden. Jabir werkt echter in het naaiatelier van oom Malik en hij is zeer getalenteerd, dus zijn oom neemt hem onder zijn hoede. Zijn moeder en zusje doen pogingen om Afghanistan te ontvluchten en willen Jabir meenemen. Uiteindelijk gaat alleen Jabir. In de loop van het verhaal blijkt dat zijn familie er de hand in heeft gehad dat zijn moeder en zusje tegengehouden zijn.
Jabir is nog kind als hij in Nederland komt. De hoofdstukken wisselen af tussen heden en verleden. Het nu is elf jaar na Jabirs vlucht uit Afghanistan. Hij heeft een plekje gekregen in het naaiatelier van Elna en krijgt de opdracht een trouwjurk te ontwerpen. Als zijn neef Ramin asiel in Nederland aanvraagt, komt hij in hetzelfde atelier als Jabir te werken. Elna is enthousiast en denkt dat de beide Afghanen prima kunnen samenwerken, maar ze weet niet dat Jabir doodsbenauwd is voor Ramin. Jabir kan zijn angst niet onder woorden brengen, maar zegt wel keer op keer dat Ramin niet te vertrouwen is. Elna wil feiten en die kan Jabir haar niet geven. Hij wil geloofd worden op zijn woord, maar Elna doet het af als negatieve gedachten. Daarmee schetst Van der Vegt een scherp beeld van de botsing tussen culturen. Het zet je aan het denken, vooral als je zelf ook contact hebt met allochtonen.
In Nederland denkt Jabir veilig te zijn, maar opnieuw krijgt hij met Ramin te maken. Uiteindelijk vlucht hij opnieuw, want niemand kan hem helpen. Jabir komt niet verder dan de gedachte “Laat het waar zijn; laat die vreemde God van Elna zich maar bewijzen.” En tot slot blijft hij alleen over: “Alleen ik, de hemel die langzaam verkleurt en de vogels.”
Er zit erg veel informatie in het boek en als je het nawoord van de auteur leest, snap je waarom: Van der Vegt heeft alle allochtonen uit haar eigen wijk, Kanaleneiland (Utrecht), een stem willen geven en daarnaast ook een christelijk aspect erin verwerkt. Het is allemaal een beetje te veel van het goede. Wat mij betreft werkt ze het uit in een goede roman. Wellicht komt het religieuze deel dan ook wat minder opgelegd over.
Mirjam van der Vegt, Het naaiatelier. Mozaïek, Zoetermeer 2016. 96 blz. ISBN 978 90 239 9678 1
Boekenweek
Week van het Christelijke Boek is van 9 tot en met 19 maart, gelijktijdig met de Boekenweek.
‘Duitsland’ is dit jaar het thema van de Boekenweek.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 februari 2016
Daniel | 32 Pagina's