Vergeving
Maar bij U is vergeving (Ps. 130:4a)
Uit de diepten roep ik tot U. Psalm 130 was de meest geliefde psalm van Luther. Hij leefde voor het aangezicht van God, die toornde over zijn zonde en ongerechtigheid. Vreselijk was dat voor hem. Hij beefde voor het woord ‘gerechtigheid’. Wat hij ook deed, hij voelde zich alleen maar verder wegzinken.
Zijn abt, vader Von Staupitz, wees hem liefdevol de weg: “Zie op de wonden van Christus”. Hoe kon God hem genadig zijn? Door het lezen van Augustinus en Bernardus ging hij steeds meer inzien, dat zij de Bijbel heel anders lazen dan de katholieke theologen van Zijn tijd. Door hen ging hij de Bijbel en vooral Paulus anders lezen. Onbeschaamd klopte hij aanhoudend bij Paulus op de deur. Tot het moment, waarop voor hem de poort van het paradijs open ging. In het Evangelie spreekt God van vergeving op rekening van Zijn Zoon. Duur betaald, met behoud van Gods recht. Maar vol van genade tot zondaren. Later jubelde Luther: “Christus mijn zonden, ik Zijn gerechtigheid”.
Hoe kan God vergeven? Nooit om ons. Alleen om Jezus’ wil. In de diepste aanvechtingen heeft Luther daar de waarheid van ervaren. Wie ervaart diep schuldig voor God te staan, maar ook door genade mag zien naar het kruis van Christus, weet dat alleen door bloed vergeving geschiedt. Door het bloed van het Lam alleen. Wie dat ervaart, krijgt de Heere Jezus zo ontzettend lief en no-dig. Spurgeon schrijft: “Door niemand wordt de Heere zo gevreesd als door hen, die Zijn vergevende liefde hebben ervaren”.
Dirk-Jan Nijsink
eindredacteur
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 november 2015
Daniel | 32 Pagina's