JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Thessalonica

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Thessalonica

6 minuten leestijd

Op zijn tweede zendingsreis komt Paulus in Thessaloníca, het huidige Thessaloníki, een Griekse havenstad. Al in de tijd van het Nieuwe Testament was dit een grote stad. Vanuit Filippi neemt Paulus, samen met Silas en Timótheüs, de belangrijke Romeinse hoofdweg naar het westen en komt in de grote havenstad om het Evangelie te brengen.

Thessaloniki is een prachtige stad, gelegen aan een baai. In Paulus’ tijd was het een stad met ongeveer veertigduizend inwoners. Lukas beschrijft in Handelingen 17 hoe Paulus in de stad komt. Ook hier gaat Paulus - Gelijk hij gewoon was (Hand. 17:2) - eerst naar de Joodse synagoge. Waarom deed hij dit altijd? Niet zomaar. Het zegt iets over het werk van God. Eerder, in Antiochië, zei Paulus tegen de Joden: Kinderen van het geslacht Abrahams, en die onder u God vrezen, tot u is het woord dezer zaligheid gezonden (Hand. 13:26). De Joden zijn het uitverkoren verbondsvolk en tot hen komt de Heere allereerst met de boodschap van het Evangelie. Allereerst moet het woord tot hen gericht worden. God meent het als Hij Zijn volk tot de zaligheid nodigt. Maar, de Joden luisteren niet. Ze verstoten het. Daardoor veroordelen zij zichzelf (Hand. 13:46). Dat is ernstig! De schuld van het onbeantwoord blijven van de roepstem van het Evangelie ligt dus niet in God, maar bij mensen. Nu het Evangelie ook aan de Joden gebracht is, maar zij niet luisteren, ligt de weg open om de volken het Evangelie te verkondigen. De heidenen reageren verblijd. Ze prijzen het Woord van de Heere. Er komen mensen tot het geloof. Dat mensen het Evangelie aannemen en geloven is nooit aan mensen toe te schrijven. Daar zit (gelukkig maar) Gods genadige verkiezing achter: En er geloofden zovelen als er geordineerd waren tot het eeuwige leven (Hand. 13:48). Het is zo’n groot wonder dat de volken delen in de zegen van Abraham (Gal. 4:14). Als je ergens ziet hoe groot Gods genade is, dan hier. Het Evangelie komt naar mensen, die het zelf nooit zouden opzoeken. Dat is nu nog steeds zo.

Drie sabatten
In Thessaloníca komt dit Evangelie ook. Drie sabbatten lang behandelt Paulus het Oude Testament en toont hij aan dat Jezus de Messias is. De Geest zorgt voor vrucht: En sommigen uit hen geloofden en werden Paulus en Silas toegevoegd, en van godsdienstige Grieken een grote menigte, en van de voornaamste vrouwen niet weinige (Hand. 17:4). Stel je voor, in jouw gemeente. De dominee preekt drie zondagen en er worden heel veel mensen bekeerd. Preekt Paulus dan zo bijzonder, zo overtuigend? Nee, de Heilige Geest overtuigt de mensen in hun hart.
De Joden, die ongehoorzaam zijn (vers 5) kunnen dit niet aanzien en zorgen voor oproer. Een zekere Jason moet het ontgelden, als ze Paulus niet vinden. Hij zou Paulus immers in huis genomen hebben. Ze dagen hem voor de rechter. Zo krijgt de jonge gemeente meteen verdrukking. Midden in de nacht helpt de gemeente Paulus en Silas om de stad te ontvluchten.

Pril begin
Je kunt je wel voorstellen dat Paulus deze kleine gemeente met zorg achterlaat. Hij zou graag terugkomen in Thessaloníca, maar hij wordt verhinderd. Hij stuurt Timótheüs en na verslag van hem over de gemeente schrijft hij de twee brieven die je ook in de Bijbel vindt. Hij schrijft ze vanuit Korinthe, waar hij anderhalf jaar verblijft (Hand. 18:1-18). De brieven zijn dus tijdens dezelfde reis geschreven als dat Paulus Thessaloníca bezocht. Na Galaten zijn dit de oudste brieven van Paulus. Je kunt aan de toon en de onderwerpen die Paulus aansnijdt merken dat het om een jonge christelijke gemeente gaat. Ze weten nog heel weinig over het christelijke geloof. Het onderwijs dat Paulus geeft is basaal. Dit is het begin van de christelijke kerk in Europa. De brieven zijn getuigen van dit prille begin.

Basale brieven
Ondanks het overrompelende afscheid van de gemeente bewaart Paulus goede herinneringen aan Thessaloníca. Dat lees je aan het begin van de eerste brief. Paulus schrijft dat de gemeente een voorbeeld is in de omgeving. Door hen klinkt de ‘echo’ van Gods Woord in heel Macedonië en Acháje (1 Thess. 1:7-8). Paulus heeft deze gemeente lief als een vader. Zijn vaderlijke leiding is ook nodig. Ze moeten nog zoveel leren. Dat blijkt wel uit de brieven. Het gaat over de basis van het christelijke geloof. Paulus reageert vooral op dwalingen, waardoor de jonge christenen in verwarring worden gebracht. Ondanks alle vragen die er in de gemeente zijn is het begin goed, want het is uit God. Paulus verwondert zich over dit werk van God, want hij ontvangt goede berichten van Timotheüs. Er is geloof en liefde! Toch zijn er dingen die niet samen gaan met het christelijke geloof. Ook daar wijst Paulus op. Hij is een echte vader. Hij stuurt, onderwijst, waarschuwt en troost.

De wederkomst van Christus
De eerste christenen leefden met de verwachting van de spoedige wederkomst van de Heere Jezus. Wat een voorbeeld voor de kerk van nu! Het is niet goed, als de kerk niet verlangt naar de komst van Jezus. De Thessalonicenzen deden het wel. Maar daar zit gelijk ook de moeilijkheid. Want Jezus kwam nog niet. Integendeel, er was verdrukking. Hoe kan dat? Paulus legt, vooral in de tweede brief uit, dat Christus zeker komt en dat dan de verlossing volgt en verdrukkers gestraft worden. God doet dan recht. Paulus wijst er ook op dat de ‘mens der zonde’ voor de wederkomst openbaar komt. Dat is moeilijk. Wat bedoelt Paulus? In ieder geval troost hij hiermee de christenen. Wat hen ook overkomt, het loopt God niet uit de hand. Bovendien is het ook niet de bedoeling van God om het aardse leven helemaal te laten gaan. Er moet gewerkt worden. En in het licht van de komst van Christus roept hij de gelovigen op om heilig te leven. Dat hoort bij elkaar. Het doel van de gemeente is om heilig voor God te leven en Zijn lof te verkondigen: Uw Naam worde geheiligd.

Werk van God
Wat de gemeente van Thessaloníca niet kon overzien, wordt door de eeuwen werkelijkheid. Het verlossingswerk van Christus is zo rijk, want na dit prille begin bouwde de Heere aan Zijn uitverkoren gemeente. Als Jezus straks komt zal het een ontelbare schare zijn. Onbevattelijk. Prijzenswaardig werk van God. De Zijnen zullen straks eeuwig Zijn lof vertellen. Aan welke zijde sta jij dan?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 2015

Daniel | 32 Pagina's

Thessalonica

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 2015

Daniel | 32 Pagina's