"Bidt voor ons" Brief van Noër
Zaterdag 25 april werd de Bondsdag van de Jeugdbond gehouden in vijf plaatsen tegelijk. Het thema was Kijk vooruit. Hoe kijk jij naar de toekomst? Voor veel mensen op de aarde is de toekomst uitzichtloos. Denk maar aan alle vluchtelingen. Op de vlucht voor geweld, omdat je christen bent. Kun jij je het voorstellen? Zou je dan verwachting hebben van de toekomst? Tijdens de Bondsdag lazen jongeren een brief van Noër, een christelijke jongere uit Syrië, voor. Indrukwekkend.
Hallo jongere in het vrije Westen,
Ik vind het spannend om jullie deze brief te schrijven. Spannend omdat het over me zelf gaat, maar ook omdat het een beetje gevaarlijk is. Toch wil ik het graag doen, zodat je mee kan leven en voor mij en andere vervolgde christenen kan bidden.
Ik ben zeventien jaar. Vorig jaar zomer is mijn hele leven omgedraaid. Ik woonde samen met mijn ouders en zusjes in een klein huisje. We hadden het redelijk goed. Onze dorpsbewoners kenden ons en we hadden goed contact met elkaar. We waren verschillend. Zij waren moslim en wij christen. Dat gaf wel eens spanning, maar bang was ik nooit.
Op een dag hoorden we dat de strijders van Islamitische Staat steeds dichter bij ons dorp waren. Toen werd ik wel bang. Zij willen dat wij moslim worden. Ik heb veel met mijn ouders gesproken waarom wij geen moslim zijn. Dat was toch minder gevaarlijk en dan konden we toch in ons huis wel de Heere Jezus dienen? Maar mijn vader vertelde van het grote offer dat de Heere Jezus voor ons mensen gebracht heeft om weer in vrede met God te kunnen leven. Hij zou Hem, Zijn Zaligmaker nooit kunnen verloochenen! Als hij Christus op moest geven, had hij juist geen vrede! Mijn moeder beaamde dit. Als ik naar hun gezichten keek, wist ik dat zij de waarheid spraken. Wij hebben toen als gezin met elkaar gebeden en mijn vader bracht ons (mijn moeder en zusjes) biddend aan de voeten van de Heere Jezus. Weet je wat zo bijzonder was? Hij bad niet om vrede, maar om uitbreiding van Gods Koninkrijk en om kracht om staande te blijven. Hij bad ook voor mij en mijn zusjes of wij de Heere Jezus echt mochten leren kennen. Hij vroeg of wij de kracht van de Heere zouden voelen, net als Elia. Dat geloof wilde ik zelf ook. Mijn vader was zo dapper, vond ik. Zo sterk wilde ik ook zijn. Maar telkens zei mijn vader: “Ik ben alleen zo sterk door het bloed van de Heere Jezus.”
Het duurde niet lang of de strijders van IS kwamen. We zijn op de vlucht gegaan. Iedereen in het dorp was bang. Het was moeilijk, warm, zwaar en angstig. Maar we waren met elkaar. We hielden elkaar op de been.
Tijdens die vlucht hebben mijn vader en moeder veel over God gepraat, ook met de andere vluchtelingen. Je moest eens weten hoeveel vragen, boosheid, verdriet en angst er omhoog komen als je weg moet uit je huis, weg van je spullen en als je bang bent dat je leven niet lang meer zal duren. Denk het jezelf maar eens in… Wat zou jij doen? Mijn vader was blij met al die gesprekken. Hij dankte daar God elke dag voor. Hij zei vaak. “Zie je wel, de velden zijn wit om te oogsten en nu mag ik daar in werken.” Hij zei steeds tegen mij: “Blijf ondanks je twijfel en zorgen altijd goed van God spreken. Wees bereid om je belijdenis van je geloof in God steeds af te leggen.” Ik zag steeds meer dat ondanks al die narigheid God toch echt God is. Hij zorgt voor ons. Tenminste, dat dacht ik tot op die dag dat de IS ons omringde. Ze vroegen om Allah de eer te geven. Dat deed mijn vader niet en toen… het is bijna te erg om te vertellen, maar hij werd samen met anderen gelijk dood geschoten. Mijn moeder werd meegenomen. Ik weet niet eens waar zij nu is. Mijn zusjes en ik werden opgevangen door een ander gezin. Wij hebben niets meer: geen ouders, geen huis, geen land, geen…. Ik was boos, verdrietig en angstig. Ik nam me toen voor om, als ze mij vragen of ik christen ben, te zeggen dat ik moslim ben. Zoveel lijden is te zwaar.
Maar nog niet zo lang geleden vroeg ik midden in een nacht boos aan God waarom dit moest gebeuren. God gaf mij antwoord met Psalm 23, de lievelingspsalm van mijn vader en met Johannes 14 (lees het maar eens in je eigen Bijbel): In het huis van Mijn Vader zijn vele woningen. God liet aan mij zien dat mijn vader nu bij Zijn hemelse Vader is. Dat gaf me erg veel troost. ’s Morgens vertelde ik wat God tegen mij gezegd had aan mijn zusjes. Zij waren juist die nacht ook heel dicht bij God geweest. Mijn jongste zusje wist dat zij, wat er ook gebeurde, bij God veilig was. Wij hebben met zijn drieën gebeden, gehuild en gedankt. We kregen weer kracht om verder te gaan.
Over wat er allemaal verder gebeurd is, kan ik niet zo goed praten. Volg het nieuws maar, dan krijg je een voorstelling hoe het met ons vluchtelingen gaat.
We zijn nu in Libanon. We wonen in een vluchtelingen kamp. Een Libanese kerk heeft zich over ons ontfermd. Een ouder echtpaar zorgt steeds voor ons in het vluchtelingenkamp. We wachten tot het duidelijk wordt of onze moeder nog leeft en of er andere familieleden zijn. Ik wil er maar niet al te veel over nadenken. Ik voel me verantwoordelijk voor mijn zusjes, maar er is hier bijna geen werk. Mijn zusjes werken op het land hier dicht bij. Ik help mijn pleegvader met zijn werk. Ik leer veel van hem. Hij leeft heel dicht bij God en luistert elke dag naar Zijn stem. Hij is ook heel vrolijk. Ik heb weer leren lachen met hem.
Als je kijkt naar onze leefomstandigheden dan gaat het niet goed. Er is geen werk en te weinig eten. Ik zie op tegen de winter, want dan is het koud. Ik weet niet of ik ooit weer in mijn eigen land kom. Toch gaat het goed met ons! Wij hebben een machtige Heiland, Die door alle moeilijkheden voor ons zorgt. Zolang wij leven mogen we Hem groot maken. Ik hoop dat er nog heel veel mensen God mogen leren kennen. Misschien ook wel door mij. Ik hoop dat ik in mijn leven door mijn daden en spreken een getuige van Hem mag zijn. Misschien is het wel zoals mijn vader zei: “Juist door de oorlog gaan mensen zoeken God.” Ik hoop het, want dan is deze afschuwelijke tijd toch ergens goed voor.
Maar als Hij me roept om voor Hem te getuigen, dan zal ik dat doen in de kracht van God. Jezus Christus is mijn Verlosser. Hij draagt mij door een dal van duisternis. Hij brengt mij bij de Vader.
Het ga jullie goed. Bidt voor ons. Wij bidden voor jullie. Wij weten dat jullie het op jullie manier weer moeilijk kunnen hebben. Zullen we afspreken dat we elkaar bij God brengen? Zodat we staande blijven in deze moeilijke wereld. Zodat we Gods Naam groot zullen maken.
Hartelijke groeten
Noër
Deze brief is gebaseerd op gesprekken die en hulpverlener heeft gevoerd met christelijke jongeren in een vluchtelingenkamp.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 13 mei 2015
Daniel | 32 Pagina's