Steven spreekt met ouderling Verweij uit Kampen
Zaterdagochtend had ik afgesproken met ouderling Verweij om een kop koffi e te drinken in het mooie Kampen. In een restaurantje met uitzicht op de IJssel kwam het gesprek op gang. Het onderwerp was ‘slavernij’. Dit thema werd in ons gesprek vooral belicht vanuit de vraag: wat zijn onze verslavingen? En in hoeverre merken wij dit? Het gesprek startte met de welvaart waarin wij leven. In hoeverre zijn wij daar niet aan verslaafd? Is rijkdom een vloek of een zegen?
In het gesprek kwam het er op uit dat rijkdom vaak meer een vloek is dan een zegen. Daarna hebben we het gehad over de verslavende werking van zonde. Onze zonden zijn vaak onbewust. Ouderling Verweij noemde een voorbeeld dat ds. J. IJsselstein aanhaalde in zijn preek. Je ruikt een mesthoop (een hoop zonde) niet goed als hij er gewoon ligt; juist als iemand begint te spitten gaat het stinken en krijg je er last van. Ook kwam de vraag naar boven: in hoeverre kan je zelf ‘spitten’ in de mesthoop? Verder ging het er over wat je moest doen als je letterlijk verslaafd was. We kwamen tot de conclusie dat je moest bidden, hulp moest zoeken in je omgeving, ook met de vraag of anderen voor je willen bidden. Daarnaast moet je ook meer tijd vrij maken voor Bijbelstudie, en dit geregeld ook samen met anderen doen.
Ouderling Verweij las mij tenslotte nog een citaat voor in het kader van het thema slavernij. Hoe zit dat als een gelovige nog zo de verslavende kracht van de zonde kan ervaren?
Erskine: De zonde heeft geen wettige macht meer om te heersen in de gelovige, maar deze klaagt nog wel over de onrechtmatige onderdrukking ervan. Heel leerzaam.
Er is heel veel meer besproken. Ik vond het fijn om een gesprek te hebben over serieuze onderwerpen. Het was dus een erg geslaagde ochtend!
Steven Kasper
Steven is een belijdeniscatechisant die wel eens nableef om over een lesje door te praten. Vandaar dat ik hem ook voor deze rubriek had gevraagd. We hebben gesproken over het gebed dat Christus leert: Leid ons niet in verzoeking. We brengen ons in verzoeking wanneer we de middelen zoals Bijbellezen en bidden uitstellen met allerlei uitvluchten, zo is de ervaring van Steven. Enerzijds is er de opdracht: beken uw ongerechtigheid (uw slavernij aan de zonde, ons verkocht zijn onder de zonde) . Tegelijk moet door de Heilige Geest met het ontdekkend licht gaan schijnen, om de blindheid van onze slavernij aan de zonden te gaan zien. En in hoeverre strijden we daarna tegen die zonden, vragen we ons af. Gij hebt nog tot den bloede toe niet tegen gestaan, strijdende tegen de zonde (Hebr. 12). Ook is er de ervaring: ‘k Lag machteloos gebonden.’ Gelukkig ook: ‘Gij komt en maakt mij vrij.’
Helder geeft Steven aan: “Als er geen nood is, komt ook het gebed Leid ons niet in verzoeking er niet. Als je aan de grond zit, ga je zien dat je hele leven afhankelijk is van God.” De vraag komt op in hoeverre je de diepte van de aanvechtingen van kerkvaders als Luther, Calvijn en Kohlbrugge normatief moet stellen. Daarover hebben we ook met elkaar gesproken.
Wat doen we met kritiek dat onze kerk teveel nadruk zou leggen op ellende en zonde? “Daar begint de Bijbel toch mee,” merkt Steven heel nuchter op: “En misschien zijn bepaalde predikanten daar diep aan ontdekt en klinkt het daardoor sterker door in hun prediking.” Het is ook een waarschuwing: “Stap daar niet te snel overheen.”
F.J. Verweij
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 april 2014
Daniel | 32 Pagina's