Christen zijn in de stad
“Als we zondags naar de kerk gaan, ligt de buurt nog op één oor”
Corine van Toor-van Essen (30) heeft tot haar twaalfde in Barneveld en Stolwijk gewoond en verhuisde daarna naar de stad. Eerst naar Schiedam en vervolgens naar Leiden, omdat ze daar ging studeren. Na haar huwelijk verhuisde ze samen met haar man naar Den Haag
Nu woont ze in Rijswijk, een stad die aan Den Haag grenst. Samen met haar man en hun vier dochters wonen ze daar in een buurt zonder christenen.
Hoe merkt de buurt dat jullie christelijk zijn?
“Onze directe buren zijn vrijgezelle mannen. Omdat ze een heel ander levenspatroon hebben dan wij als gezin, spreken we hen niet zo vaak. Mijn man heeft nog het meeste contact met hen, als hij hen tegenkomt op straat en ze even een praatje met elkaar maken.
Zelf merk ik dat mensen mij bijna altijd aanspreken als ik met mijn vier dochters naar de supermarkt in de buurt loop. Ze vragen dan: ‘zijn die kinderen allemaal van jou?’ Maar mensen koppelen dat niet aan ons christen-zijn. Dat geldt ook voor het feit dat we alle vijf een rok dragen en dat onze kinderen met de bus naar een christelijke school in een andere stad gaan. Daar hebben we vanuit de buurt nooit vragen over gekregen.
Als we zondags naar de kerk gaan, ligt de buurt nog op één oor, maar als we terugkomen zijn ze meestal wel wakker. Ze zien ons met z’n zessen terugkomen, de meisjes en ik in nette kleren en mijn man (die ouderling is) in een zwart pak. Ik kan me voorstellen dat dit vragen oproept, maar vanuit de buurt heb ik die nooit gekregen. Eigenlijk is de stad heel erg anoniem.
Op mijn werk als griffier bij de Rechtbank in Den Haag, heb ik wel regelmatig gesprekken over het feit dat ik christelijk ben. Het valt collega’s op dat ik jong ben getrouwd en jong vier kinderen heb gekregen. Ik probeer heel open te zijn over mijn identiteit. Als we bijvoorbeeld uitwisselen hoe we de feestdagen invullen, vertel ik dat ik een aantal keer naar de kerk ga. Collega’s zijn geïnteresseerd en respecteren mijn keuzes. Tegelijkertijd word je je steeds pijnlijk bewust van de enorme vrijblijvendheid: ‘leuk voor jou dat jij zondags naar de kerk gaat, ik ga zondagochtend lekker naar de yoga’.”
Hoe kenmerkt het leven van de stad zich?
“Als we naar de kerk gaan, rijden we door de Schilderswijk in Den Haag. ’s Ochtends is het daar uitgestorven, maar als we rond de middag weer naar huis rijden, krioelt het er van de mensen. Islamitische slagerijen en theehuizen zijn open, waardoor je je in het buitenland waant. Dat zorgt voor veel gespreksstof in de auto. Aan onze oudste dochter leggen we uit dat er mensen zijn die in een andere God geloven. En ook wat dat geloof inhoudt en waarin dat verschilt met het christelijke geloof.”
Is het belangrijk dat christenen ook in de stad wonen?
“Ja, ik vind het belangrijk om als christenen in beeld te zijn in de samenleving en niet allemaal op een kluitje te gaan zitten in een dorp. Toch is dat ook moeilijk. Wij zijn lid van de kleine stadsgemeente in Den Haag, waar veel gezinnen vertrekken en het ledenaantal terugloopt. Onze oudste dochter heeft niet één leeftijdsgenootje in de kerk zitten. Ik kan dus ook goed begrijpen als mensen vanwege hun gezin de keuze maken om te verhuizen.”
Wat leer je ervan om in de stad te wonen?
“Onze kinderen leren van jongsaf aan dat het geloof dat wij belijden niet breed gedragen wordt in de samenleving. Dat is pijnlijk. Tegelijkertijd raak je niet meer zo onder de indruk van verschillen en leer je omgaan met een steeds meer seculier wordende wereld. Op de school waar onze kinderen naartoe gaan, zitten veel kinderen uit andere kerken. Onze kinderen leren dat er ook gezinnen zijn die naar de kerk gaan en bidden, maar verder andere keuzes maken. Keuzes zijn dus geen groepsgebeuren of vanzelfsprekend. We proberen onze kinderen aan te leren dat het erom gaat de Heere lief te hebben en ten diepste niet of je bijvoorbeeld wel of geen rok draagt als meisje. Tegelijkertijd leggen we goed uit waarom wij er wel voor kiezen om een rok te dragen.”
Wat kan iemand verwachten die voor het eerst in de stad gaat wonen?
“Realiseer je dat christen zijn in de stad ook een heel ‘makkelijke’ kant heeft. De anonimiteit maakt dat je zonder problemen jezelf kunt zijn. Er wordt niet op je gelet. Probeer dat op jouw beurt ook niet te doen bij anderen. Laat anderzijds merken dat het een positieve keus is om christelijk te zijn. Sta open voor de mensen om je heen en laat hen in hun waarde. Stel je positief naar anderen op en wees oprecht geïnteresseerd. De veelkleurigheid van de stad is ook erg mooi en interessant. Maar het belangrijkste in het contact met anderen is om uit te stralen dat het goed is om christelijk te leven. Dit kan je bijvoorbeeld laten zien door vriendelijk of behulpzaam te zijn naar je medemens.”
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 januari 2013
Daniel | 32 Pagina's