JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Het Woord gaat voort

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het Woord gaat voort

In gesprek met Johan Commelin over zijn loopbaan

6 minuten leestijd

Je moet vragen: Heere, waar is nood, want er zijn veel mensen die het Evangelie niet kennen. Het is onze opdracht hen te bereiken. Samen met Daniël blikt oud-zendeling Johan Commelin terug op zijn werk, maar hij kijkt ook vooruit.

Samen met zijn vrouw woont Commelin nu alweer een tijd in Nederland. In Bodegraven. Commelin is een gedreven persoonlijkheid. De liefde voor de dienst van de Heere, maar ook de bereidheid om de Koning te dienen en Zijn Woord te brengen tekenen hem. “Het gaat immers om het werk van God.” Het levende gebed voor de voortgang van de verkonding is daarom onmisbaar: “Het gebed is het meeste. William Carey deed zijn werk in India.
Maar, zo zei hij, het was zijn zieke zus in Engeland die het eigenlijke werk deed. Ze bad heel veel om vrucht op het werk van William. Ook zelf heb ik vaak de kracht van het gebed ervaren. Ik merkte dat er gebeden werd.”
“In het zendingswerk is het heel erg belangrijk om steeds weer Gods hand op te merken. Dat werd, ook voor mij, steeds belangrijker. Ik kan iets wel mooi vinden, maar alleen in Gods weg is er zegen te verwachten.”

Blijdschap en teleurstelling
Het brengen van Gods Woord in zendingsgebieden vraagt altijd om een voorzichtige benadering. “Het Evangelie zegt de mensen eerst helemaal niets, dat kun je ook niet anders verwachten.” Naast het brengen van de Evangelieboodschap wordt er daarom ook aandacht besteed aan andere belangrijke dingen in het leven, zoals medische zorg. Ook leren mensen hoe ze zich zelf kunnen onderhouden. Commelin in Zuid-Afrika hadden we een Bijbel-landbouwschool. Dat was een goede combinatie. Zo bleven de evangelisten zelfvoorzienend. Dat is heel belangrijk, ander krijg je de grootst mogelijke problemen.” Het is niet altijd gelijk duidelijk dat het zendingswerk gezegend wordt. “In Guinee kwamen we op een nieuwe post terecht. We waren gevraagd door het deputaatschap.” In de jaren daar is er zowel blijdschap als verdriet en teleurstelling geweest. “Er zijn daar mensen bekeerd. Dat is zeker. Soms trokken die mensen ook weer weg. Maar de Heere wilde laten zien: ‘Geloof nu dat Ik doorga met Mijn werk.’ Soms zagen we later de vrucht. Het Woord gaat voort.”
Blijdschap en teleurstelling liggen vaak ook dicht bij elkaar, zeker op het zendingsveld. Commelin noemt het voorbeeld van Abraham Camera: “Hij werd geraakt door de Boodschap. Hij heeft belijdenis gedaan en is door ds. Zippro gedoopt. Hij gaf een indrukwekkend getuigenis. Later is hij naar de hoofdstad Conakry gegaan en weer moslim geworden. Bid voor hem.” Commelin noemt ook een andere man, Gabriel Nyaisa. “Hij is nu een leiding-gevend christen geworden. Ja, de Heere gaat door. Soms zie je later de vrucht. Dat is op Gods tijd

In Nederland
Het zendingswerk leeft gelukkig nog wel, volgens Commelin, “maar er kan zo makkelijk lauwheid komen.” De oproep om te verkondigen is belangrijk. Die moet vanuit de gemeenten komen. Het is de taak van de gemeente om naarstig om te zien naar toekomstige zendingswerkers. Jongeren moeten worden aangespoord volgens Commelin, want de nood is groot: “Ik probeer dat zelf ook te doen. Zelf ben ik zó ook betrokken geraakt bij de zending. Het is echt nodig. Ook hier in Nederland zijn zoveel mensen in steden en dorpen die totaal verstoken zijn van het Evangelie. Er zijn zoveel onbereikte mensen. Daar ligt onze opdracht. Je moet vragen: ‘Heere, waar is nood?’, want er zijn veel mensen die het Evangelie niet kennen. De Heere gebruikt mensen, die bewogen worden door de liefde van God.”


Dertig jaar zendingswerk

Johan Commelin is een Zeeuw. Hij komt oorspronkelijk uit Veere. Op jonge leeftijd trekt de zending: “Op een avond hoorde ik vertellen over de zending. Vanuit onze gemeenten stond het nog in de kinderschoenen. In die tijd ervoer ik dat God in mij bezig was. De Heere Jezus ging meer en meer voor me betekenen. Ik ben me gaan voorbereiden op Afrika.” Uiteindelijk brengen Johan Commelin en zijn vrouw een groot deel van hun leven door in Afrika. Eerst twaalf jaar Nigeria, vervolgens elf jaar Zuid-Afrika. Guinee is het laatste land waar ze Gods Woord brengen.
Gods weg bracht Commelin en zijn vrouw naar hun eerste plek: Igede, Nigeria. Acht jaar later vertrekken zij naar Izi, een andere stam van Nigeria: “ons werd de weg gewezen door Zuid Afrikanen, die in Nigeria al zendingswerk hadden. Aan de overkant van de rivier hadden de mensen nog nooit het Evangelie gehoord, zo werd ons gezegd. We gingen in een holle boomstam de rivier over, om polshoogte te nemen. Later troffen we in het zuiden van dat gebied een man van Wycliffe aan. Hij had het Evangelie vertaald in het Izi. Hij had gebeden of God mensen wilde sturen om te helpen. Dat was een aanwijzing van God! Zo zijn we daar begonnen. In Izi waren de mensen ontvankelijk voor het Woord.”
In Zuid-Afrika was het heel anders. Commelin werkte er op een Bijbelschool. Het was voor het gezin een goede tijd. “We voelden er ons thuis. Het was ook bijzonder dat we toen de kinderen bij ons hadden. In Nigeria zaten onze kinderen op een kostschool, vijfhonderd kilometer verderop. Dat is moeilijk.” Mevrouw Commelin: “Je geeft je kinderen dan helemaal uit handen. Dat is best een offer. Maar als ze van tijd tot tijd thuis kwamen, dan was het feest. Als ze weg waren, waren ze ook niet makkelijk te bereiken.”
In Nigeria waren de mensen voornamelijk echte heidenen, in Zuid-Afrika niet: “er waren daar mensen die oude godsdiensten aanhingen, maar er ook Methodisten en Gereformeerden. Het waren niet alleen heidenen, ook mensen die bij andere kerken weggelopen waren. Het was moeilijker dan in Nigeria, waar we het Woord bij heidenen brachten.” Guinee, het derde Afrikaanse land waar Commelin verblijft, is juist weer islamitisch. In 1991 komt het echtpaar daar terecht. In 1998 keert Johan Commelin, samen met zijn vrouw, terug naar Nederland. “Guinee heeft een afmattend klimaat. Het was nodig om ons bij onze kinderen te voegen.”
Ze vestigen zich in Bodegraven. “We hadden op wonderlijke wijze al een huis in Bodegraven kunnen kopen. We hebben het van de Heere gekregen.”


Zendingsvelden en werkers van de ZGG

Albanië: Wim Boogaard, Nellie Keijzer, Jasper Otte, Ad de Pater, Marinda Stroober
Ecuador: Wim Knapen, Kees van der Maas, Peter van Olst, Jan-Henry Seppenwoolde
Guinee: Janneke de Bel, Fennie Haase, Kees Jan van Linden, Ineke Troost, Bert de Wit, Nellemieke van Zwienen
Nigeria: Alie Buijert en Dick Korpel
Papua: ds. J. IJsselstein, Dick en Margreet Kroneman, Alinda Paul

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 2012

Daniel | 36 Pagina's

Het Woord gaat voort

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 2012

Daniel | 36 Pagina's