Het veld in, zonder wachtlijst
“Verslaving is de rotte plek in een appel. Het blijft altijd een zwak punt.”
Op de motor rijdt hij Goeree-Overflakkee rond, op zoek naar jongeren die hij kan helpen. Jaco Hakkenberg is veldwerker van Stichting Ontmoeting. Het mooiste is om er te kunnen zijn als jongeren je nodig hebben.
Wat houdt het in om veldwerker te zijn?
“Je zoekt contact met jeugd in hun leefomgeving, wat bijvoorbeeld een vaste hangplek kan zijn. Dat doe ik op de motor. Mijn eerste taak is hun vertrouwen winnen, zodat ze opener tegenover me staan. Daarna ga ik op zoek naar waar ze de fout in zijn gegaan. Bijvoorbeeld waarom ze drugs gebruiken.
Dat gedrag probeer ik te spiegelen naar de jongeren. Voor je ze kunt helpen, moeten ze eerst inzien wat voor probleem ze eigenlijk hebben. Ik kom tijdens mijn werk verschillende soorten problematiek tegen, maar negen van de tien gevallen is er sprake van gebruik van verdovende middelen. In feite ben ik de persoon die tussen de jongere en de hulpverleningsinstantie staat. Mij kunnen ze altijd bereiken, ik heb geen wachtlijst. Ik begeleid de jongeren totdat er een oplossing is gevonden of er een koppeling is met een hulpinstantie.”
Hoe bent u veldwerker bij Ontmoeting geworden?
“Sinds 1999 werkte ik al bij Stichting Ontmoeting in Rotterdam. Daar ben ik groepswerker geweest en ambulant woonbegeleider. Na een jaar of tien zocht ik een nieuwe uitdaging. Vanuit de kerken op Goeree-Overflakkee werd aan Ontmoeting gevraagd om een jongerencoach. Daar heb ik toen op gereageerd. In principe zou het een project worden van anderhalf jaar, in de hoop dat de politiek het daarna op zich zou nemen. Dit laatste is nog niet helemaal het geval. Wel zijn wij door de gemeenten aangesteld als ‘jongerencoach’ voor jongeren die via de reguliere hulpverlening niet te ‘vangen’ zijn.”
Is het niet zwaar om jongeren bij nacht en ontij te begeleiden?
“Nou, het is gelukkig nog nooit voorgekomen dat ik ’s nachts ben gebeld. Wel ben ik altijd bereikbaar op mijn mobiel. Als ik gebeld word buiten werktijden, bepaal ik zelf of ik op dat moment opneem. Dat ligt eraan wie er belt en hoe urgent het telefoontje is. Voor de doelgroep waarmee ik werk, moet je jezelf wel beschermen. Je moet bijvoorbeeld altijd rekening houden met terugval als een jongere uit een afkickkliniek komt en de wijde wereld weer in stapt.
Die kans is namelijk altijd aanwezig, hoe lang iemand ook al clean is. Ik zie het als een rotte plek in een appel; je kunt ‘m hoogstens iets mooier maken en verdoezelen, maar het blijft een zwak punt. Een jongere heeft bijvoorbeeld altijd zijn problemen weggewerkt met alcohol of drugs. Na een afkickperiode blijft het moeilijk om te investeren in een goede oplossing, wat meer tijd en moeite kost dan het gebruiken van drugs.”
In de vorige Daniël deden Ramon en Michael hun verhaal.
Hoe bent u met hen in contact gekomen?
“Ramon zat al in De Hoop, toen Michael daar ook terecht kwam. Michael had ik op Goeree al vaker op hangplekken gezien. Via anderen is hij toen achter mijn telefoonnummer gekomen, hoewel ik op straat nauwelijks contact met hem had. Hij belde mij op een gegeven moment flink overstuur op. Dan is het geweldig dat er geen wachtlijst bestaat. Ik kon nog dezelfde dag bij hem langs gaan. Voor de jongeren zelf zijn er dan veel minder drempels. Als je een antwoordapparaat van de hulpverlening aan de lijn krijgt, wie belt er dan later nog eens terug? En als een telefoniste zegt dat je over twee weken op gesprek kunt komen, wie garandeert dan dat die beller daar ook echt naartoe gaat? Zelf bleef ik tot de opname toe contact houden met Michael, maar ook met andere jongeren. Op die manier begeleid je iemand tot je zeker weet dat hij of zij daadwerkelijk geholpen wordt. Ook tijdens de opname houd ik contact.”
Wat is aan de ene kant het mooiste en aan de andere kant het zwaarste van uw werk?
“Het mooiste is als jongeren hun probleem echt inzien. Als ze het alleen maar vervelend vinden dat ze geen geld en woning meer hebben, omdat alles op gaat aan drugs, kan ik ze niet helpen. Pleisteren noem ik dat. Het is een uitdaging om jongeren in te laten zien wat wél een oplossing is.
Daarnaast heb je als veldwerker ook te maken met teleurstellingen. Een jongere heeft een heel traject van behandelingen doorlopen. Dan komt het moment dat hij terugkomt in het oude systeem. De jongere wordt geconfronteerd met oude vrienden en slechte gewoonten. Dat is een cruciaal punt. De jongere valt dan even in een eenzaam gat, omdat er geen strakke structuur meer is zoals in de kliniek. Als veldwerker moet je daarbij zijn, om te zorgen dat men niet opnieuw de fout in gaat. Helaas vallen sommigen toch terug en dat is wel even zwaar.”
Wat wilt u meegeven aan andere jongeren?
“Als je in een bepaalde probleemsituatie zit (waar soms zelf je ouders niets vanaf weten), praat er dan zo snel mogelijk met iemand over. Hoe langer je blijft rondlopen met je probleem, hoe groter het wordt en hoe langer het duurt voor het opgelost is. Speel open kaart met iemand die je vertrouwt.”
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 februari 2012
Daniel | 36 Pagina's