De hemelvaart van Christus
Wat betekent hemelvaart? De schrijver van de Hebreeënbrief schrijft: Omdat wij dan een grote Hogepriester hebben, Die door de hemelen doorgegaan is, namelijk Jezus, de Zone Gods, zo laat ons deze belijdenis vasthouden (Hebreeën. 4: 14)
Koning David was zeer verblijd toen de ark - het teken van Gods verbond - werd opgevoerd naar Jeruzalem en daar een plaats kreeg in de heilige eredienst, in de tabernakel. De ark, ooit door de Filistijnen weggevoerd, was weer terug. Dit was een zichtbaar bewijs, dat God weer onder Zijn volk wilde wonen.
De HEERE was Zijn volk genadig.
De ark wees immers heen naar de beloofde Messias, in Wie de verzoening voor een schuldig volk was.
Grote troost voor de oprechte, gelovige Israëliet. De ark, die van Gods gunst getuigt!
Na de diepe vernedering van Christus, die als Borg Zijn volk kocht en hun schuld betaalde, mocht Hij ten hemel varen. Zoals de ark op de berg Sion in de tabernakel en later in de tempel stond, zo is Jezus verhoogd in de hemel.
Bedoeling
Zijn discipelen waren getuigen van Zijn hemelvaart. Waren zij bedroefd om Zijn heengaan? Nee, zij gingen terug naar Jeruzalem met grote blijdschap. Hoe kwam dat?
De Heere Jezus had tot hen gezegd: Ik ga heen tot Mijn Vader. Maar Hij beloofde hen een andere Trooster te zullen zenden: de Heilige Geest.
Die Geest zou komen om hen te onderwijzen in de bedoeling van Zijn hemelvaart.
Omdat Zijn taak vervuld was, kon Hij niet op de aarde blijven. Hij moest ingaan in de hemelse tempel met Zijn betaling voor de zondeschuld van heel Zijn Kerk, uit álle volken.
Wanneer de Heere Jezus op aarde zou blijven, zou de Heilige Geest niet kunnen komen.
Hoe kon de Heere toch opvaren?
Een mens kan toch niet van de aarde opstijgen?
Ja, wanneer Hij alleen mens zou zijn, kon dat zeker niet gebeuren.
Maar: ooit was Hij uit de hemel op aarde gekomen! Kerstfeest! Geboren uit Maria door de werking van de Heilige Geest. Een onuitsprekelijk wonder, voor ons niet te begrijpen.
Terwijl Hij met de Vader en de Heilige Geest eeuwig God was, is en blijft, kwam Hij in onze menselijke natuur. God en mens in één Persoon, maar zonder zonde. En zó kon Hij voor anderen alle gehoorzaamheid vervullen en de zaligheid verdienen.
Zó kon Hij ook opstaan uit de doden en ten hemel varen: Ik vaar op tot Mijn Vader en uw Vader, tot Mijn God en uw God.
Gaven
De Vader heeft Hem beloond. Hij gaf aan Zijn Zoon gaven om uit te delen onder de mensenkinderen, zoals we lezen in psalm 68. Wat zijn dat voor gaven? Geestelijke gaven!
Maar welke dan? De Bijbel noemt die gaven: een nieuwe geestelijke geboorte door de Heilige Geest.
De Bijbel noemt het een ‘nieuw hart’. Dat is een totale, radicale vernieuwing van het innerlijk wezen van een mens: Een nieuwe geest in het binnenste van u (Ezechiël 11: 19). Daardoor zullen geestelijke werkzaamheden ontstaan. Denk aan droefheid naar God; dat is een droefheid over de zonde en het ongeloof. Het is een verlangen naar God.
De verloren zoon in de gelijkenis (Lukas 15) verlangde terug naar zijn vader. En hij kwam vol schuld, vol schaamte, vol verdriet en vol verlangen. Hij beleed, dat hij geen plaats meer waardig was in het huis van zijn vader. Maar zijn vader, die verlangend naar hem had staan uitkijken, ontving hem met liefde!
Wat een wonder, zij vonden elkaar terug!
Zó komen zondaren, getrokken door de Heilige Geest, terug. De Bijbel zegt: Zij zullen komen met geween en met smeking zal Ik hen voeren.
In psalm 68 lezen we, dat Christus verhoogd is om aan wederhorigen Zijn liefde en genade te geven. Hij was Zelf onder het oordeel van God, hangend aan het kruis, maar omdat Hij voldaan heeft, kan Hij verzoenen en verlossen; wíl Hij dat doen en zál Hij dat doen. Bij wie? Bij allen, die in hun zonden en ellende, tot Hem zich ter genezing wenden.
Getrokken tot Hem door Zijn Heilige Geest. En die tot Hem komt, zal Hij geenszins uitwerpen. Hoe schuldig ook, hoe geesteloos ook, hoe veroordeeld ook: zij komen en Hij ontvangt hen. Hij heeft gaven genomen om uit te delen onder de mensenkinderen, ja, zelfs de weerspannigen, om bij Hem te wonen. Altijd bij de Heere te zijn, zonder zonde.
Eeuwige vrijspraak en vrede.
Nut
Alle geestelijke gaven zijn zonder prijs en zonder geld te verkrijgen.
‘Moede kom ik, arm en naakt, tot de God, Die zalig maakt.’ Dat is het nut van Jezus’ hemelvaart (zie vraag 49 van de Heidelbergse Catechismus).
Daarom kan en mag Paulus aan de gemeente te Efeze schrijven: Als Hij opgevaren is in de hoogte, heeft Hij de gevangenis gevangen genomen en heeft de mensen gaven gegeven (Efeze 4: 8).
De Heere Jezus is in de hemel. Van daar uit bouwt Hij Zijn gemeente.
Hij bewaart haar, leidt haar en zaligt haar, zowel op de aarde als in de hemel. “Eeuwig bloeit de gloriekroon op het hoofd van Davids grote Zoon.”
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 januari 2012
Daniel | 36 Pagina's