Op wie wil je lijken?
In het leven van Paulus was iets van de Heere Jezus te zien
Stel je eens voor dat je een dagje naar Madame Tussauds gaat. Het beroemde beeldenmuseum in Amsterdam. Met wie zou je dan het liefst op de foto gaan? Misschien met Justin Bieber of Barack Obama. Of liever met voetballer Ronaldinho of koningin Beatrix? Het zegt iets over jou met wie je op de foto wilt.
Als je met je vrienden een balletje trapt, wil je misschien wel op Lionel Messi lijken. Als je toch eens zo goed kon voetballen, dan zou je wel voor Barcelona willen spelen. En als meisje droom je er misschien wel van om op een beroemde zangeres te lijken. Een filmpje zetten op Internet, en dan ontdekt worden als nieuw talent. En dan beroemd worden!
Je doet je best om op zo iemand te lijken. Je leest misschien alles over jouw voorbeeld. Je weet alle nieuwtjes en ’s nachts droom je ervan dat je hem of haar ontmoet. Het voelt alsof je een speciale band hebt met die persoon.
Maar stel nu eens dat je ziek wordt.
Je komt in het ziekenhuis en je kunt niet meer beter worden. Je vraagt aan je familie of ze een brief willen schrijven aan de zangeres of aan de voetballer. Om te vragen of hij of zij één keer langs wil komen. Of in ieder geval terugschrijven. Zou het gebeuren? Of, scherper gezegd: zou je er iets aan hebben? Als je God moet ontmoeten, worden andere dingen belangrijk. Iedereen heeft wel een voorbeeldpersoon, iemand op wie je wilt lijken. Dat is niet verkeerd. Maar de belangrijkste vraag is: wijst die persoon jou de goede kant op? Er zijn namelijk twee soorten voorbeeldfiguren: goede en foute voorbeelden. Hoe herken je ze?
Foute voorbeelden
Sommige mensen zijn foute voorbeelden. Zij zorgen dat ze altijd in het middelpunt van de belangstelling staan. Ze zijn vaak rijk en beroemd en doen er alles aan om dat ook te blijven. Hiervoor zijn ze afhankelijk van hun fans en van de roddelpers. Fans moeten hen toejuichen en hun muziek of andere dingen kopen. De pers moet over hen schrijven. Want je blijft alleen beroemd als er over je wordt geschreven.
Die foute voorbeelden verwijzen nooit naar iemand anders: het gaat allemaal om wat zij doen. Zij vinden zich zelf zo belangijk dat je zelfs t-shirts kunt kopen met hun afbeelding erop…
Bijna niemand kent zo’n fout voorbeeld van dichtbij. De meeste mensen kennen de persoon via Internet, tv, roddelbladen en optredens.
Foute voorbeelden hebben een verkeerde manier van leven, die ingaat tegen wat de Heere van ons vraagt.
Ze treden ’s zondags op, gebruiken drugs, veel alcohol of gaan van de ene relatie naar de andere. Ze maken zich niet druk of bezorgd om jou, daarvoor hebben ze het te druk met zichzelf. En als ze sterven, laten ze een leeg gevoel achter bij hun fans. Die staan met lege handen. Of leggen een bloemetje op de stoep voor het huis…
Goede voorbeelden
Er zijn ook goede voorbeelden.
Deze mensen zijn meestal niet beroemd. Voor de roddelpers zijn ze niet interessant. Ze zorgen niet voor smeuïge nieuwtjes. De meeste goede voorbeelden staan niet in het middelpunt van de aandacht. En als ze er toch in staan, dan verwijzen ze niet naar zichzelf, maar naar de Heere. Vaak zijn het mensen die je in het echt ziet. Daarom zie je ook dat ze niet perfect zijn. Toch proberen ze op de goede manier te leven: dicht bij de Heere. Op zondag gaan ze naar de kerk en er is iets in hun manier van leven om jaloers op te zijn. Ze zijn niet van zichzelf, maar van de Heere Jezus. Ze zijn toegankelijk: je kunt naar ze toestappen en een vraag stellen over hun manier van leven. En dan geven ze je daar ook antwoord op. Goede voorbeelden kunnen jonge of oude mensen zijn. Het kan een vader of een oma zijn, een gymdocent of een verenigingsleider. Maar ook een andere jongere of iemand die gehandicapt is. Als ze sterven is er wel veel verdriet bij mensen, maar toch de troost dat ze in de hemel zijn.
Christelijk leven
Hopelijk leven er veel van die goede voorbeelden in jouw omgeving. Maar je kunt ze ook vinden in de Bijbel. Soms gaat het er letterlijk over! De apostel Paulus schrijft in de brieven in het Nieuwe Testament vaak aan mensen die nog niet zo lang christen zijn. Die mensen vonden het moeilijk hoe ze als christen moesten leven, tussen alle heidense mensen in. Paulus schrijft daarom een aantal keren dat ze hem als voorbeeld moeten nemen: Weest mijn navolgers, gelijkerwijs ook ik van Christus (1 Korinthe 11: 1).
Hij schrijft dat niet omdat hij perfect is. Integendeel zelfs. Hij schrijft ook niet dat hij in het middelpunt van de belangstelling wil staan. De reden waarom hij wel schrijft zie je in het tweede gedeelte van de zin: omdat Paulus de Heere Jezus navolgt. In het leven van Paulus was dus iets van de Heere Jezus te zien.
Daarom was hij een goed voorbeeld. Op wie wil jij lijken?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 september 2011
Daniel | 32 Pagina's