JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

“Ik ben met zorg opgegroeid”

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

“Ik ben met zorg opgegroeid”

Jan Buitenhuis: Verplegen is mooi en dankbaar werk

5 minuten leestijd

Hij kan boeken vol schrijven over zijn droombaan. Inmiddels rijdt hij alweer vier jaar heen en weer tussen zijn woonplaats Bodegraven en het Ikazia ziekenhuis in Rotterdam. Geanimeerd vertelt Jan Buitenhuis (23) over zijn werk als verpleegkundige; op de plaats waarvan hij gelooft dat God hem die gegeven heeft.

Wat voor werk doe je precies?
“Ik ben verpleegkundige op de afdeling neurologie. Daar liggen mensen die iets mankeren aan hun centrale zenuwstelsel. Als verpleegkundige ben je de schakel tussen de arts en de patiënt. Vooral oudere patiënten zijn vaak minder mondig en als verpleegkundige kun je dan naar de arts overbrengen wat de patiënt wil.”

Hoe ziet een werkdag eruit?
“De dagdienst begint om 7:15 uur met de overdracht van de nachtdienst. Daarna krijgen de patiënten hun ontbijt en lees ik de dossiers door van ongeveer zes patiënten, die ik gedurende de dag onder mijn hoede heb. Terwijl ik daarna bezig ben met bijvoorbeeld mensen wassen, komt de arts meestal zijn visites doen. Ik beantwoord vragen van patiënten, begeleid hen naar onderzoeken en bel met familie. Tussen twaalf uur en half een heb ik lunchpauze. De patiënten hebben daarna een verplicht rustuur, waarin ik vaak bezig ben met het schrijven van rapporten in hun dossiers. Verder moeten er dagelijks medicijnen gegeven worden en help ik soms bij de fysiotherapie. Het verzorgen van patiënten gaat de hele dag door. Soms moet je de hele ochtend besteden aan één patiënt en nemen je collega’s de rest over. Het is belangrijk dat je met hen een goed team vormt, want je moet elkaar vaak helpen.”

Waarom heb je voor de opleiding mbo-verpleegkunde gekozen?
“Mijn moeder en tante zijn ook verpleegkundige, dus ik ben wel met zorg opgegroeid. Als kind wilde ik altijd op de ambulance rijden. Vooral vind ik dit mooi en dankbaar werk. Je geeft, maar je krijgt er zoveel meer voor terug. Ik vind het belangrijk om mensen een dienst te kunnen bewijzen. Sommige collega’s vinden de onregelmatige diensten vervelend, maar ik heb daar geen moeite mee. Op Tweede Pinksterdag werken is niet altijd even leuk, maar als je aan het werk bent, vergeet je dat zo.” Lachend: “En soms vind ik het een klein nadeel dat je als man bijna helemaal tussen het vrouwvolk zit. Daar moet je toch echt je draai in weten te vinden.”

Is zo’n opleiding nou hard werken met moeilijke lesstof?
“Ik ging eerst alleen naar school, maar tijdens het tweede gedeelte van de opleiding werkte en leerde ik tegelijk. Het is geen makkelijke opleiding, maar als je positief in je werk staat, scheelt dat enorm veel. Je leert vooral om het beste voor de patiënt te zoeken. Je krijgt bijvoorbeeld anatomie – over de bouw van het lichaam. Je moet veel handelingen leren en die moet je dan ook nog eens tegelijkertijd kunnen doen. Dat is niet altijd even makkelijk, maar alles is aan te leren. Als je met je hart de opleiding volgt, kom je er zeker.”

Zou jij je beroep bij andere jongeren aanbevelen?
“Jazeker, vooral aan mannen en jongens! Er moeten meer mannelijke verpleegkundigen komen. Dat is beter voor de patiënt, het team en uiteindelijk ook voor de zorg. Ik denk niet dat mannen beter zijn in dit beroep, maar zij werken toch vanuit een andere insteek en relativeren veel meer. Als vrouwen in een gespannen situatie samen moeten werken, gaat dat zeker ten koste van de kwaliteit van de zorg. Ik denk dat mannen zich daar makkelijker overheen kunnen zetten. Als je aan deze opleiding begint, is het is wel handig dat je makkelijk contacten legt en spontaan bent. Als je niet zorgzaam bent, is het misschien niet zo’n goed idee om verpleegkundige te worden. Dat is namelijk het belangrijkste waar je mee bezig bent. Ik geloof ook dat God je een plaats geeft in de maatschappij. Dat ligt voor iedereen weer anders, maar ik voel me dankbaar dat ik die op deze manier mag invullen.”

Hoe is het om als christelijke jongere op een plaats te werken waar je veel ethische dilemma’s tegenkomt?
“Het Ikazia ziekenhuis is van oorsprong christelijk en er is hier geen mogelijkheid tot abortus of euthanasie. Wel zijn er veel ethische vragen, zoals wanneer je de apparatuur van iemand loskoppelt en het infuus eruit haalt. De eerste keer dat ik daar bij was, dacht ik: ‘Dat is toch euthanasie!’ Maar als je hier een tijd werkt, word je veel genuanceerder. Gelukkig is alles bespreekbaar als je ergens moeite mee hebt of denkt dat het anders kan. Patiënten in een ziekenhuis denken veel na. ’s Avonds is het rustig op de zaal en dan voel je weleens aan dat een patiënt openstaat voor een gesprek. Dan vraag ik: ‘Gelooft u ergens in? Bent u bang voor de dood?’ Soms zit je met een patiënt uit de Bijbel te lezen. Toch is mijn eerste taak om zorg te verlenen, niet om te evangeliseren. Als ik de kans krijg om dat wel te doen, probeer ik iets te zeggen. Bij overlijden van patiënten denk ik niet teveel na over hun eeuwige bestemming. Als je dat telkens doet, kun je heel erg triest van worden. Als christelijke verpleegkundige is dat dan ook iets wat je uit handen kunt geven.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juni 2011

Daniel | 36 Pagina's

“Ik ben met zorg opgegroeid”

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juni 2011

Daniel | 36 Pagina's