Kaal geschoren
Bijbelstudie
Ezechiël moest met een scherp mes zijn hoofd en zijn baard scheren. Elke haar moest eraf. Vreselijk, wat een schande. Of het scheermes erg scherp geweest is? Het kan best zijn dat het moeilijk is geweest om alle haren af te snijden. In ieder geval verwees het mes naar de vijand Babel, die Israël brutaal zou kaalplukken.
Het was voor een priester heel wat om kaal geschoren te worden. Dat mochten priesters helemaal niet doen (Leviticus 21: 5). Maar het betekent dat het volk van zijn priesterlijke status wordt beroofd.
Mensen schoren hun hoofd ook als er iemand overleden was. Het was een teken van rouw. Bovendien was een kaal hoofd een schande. Iedereen keek naar je en je voelde je vernederd. Ezechiël moet het moeilijk gehad hebben. De profeet moest de hoop met haar met een weegschaal in drie gelijke delen verdelen. Een derde deel gooide hij, met wat vuur, bovenop de plattegrond van Jeruzalem. Het duurde niet lang of het haar verschroeide. Een derde deel strooide Ezechiël door de kamer.
Daarna ging hij achter het haar aan met zijn scherpe mes, dat hij als een zwaard hanteert. Het laatste hoopje haar werd naar buiten gegooid; de wind nam het mee.
Een deel van het volk zal dus tegelijk met Jeruzalem verbrand worden. Het deel van het volk dat de stad uitvlucht, zal worden achtervolgd met het zwaard. En een derde deel zal verstooid worden onder de volken. De Heere gebruikt een scherp scheermes… Ook nu nog.
Een handvol
Nadat Ezechiël de laatste hoop haar in de wind had gegooid, kwam hij terug naar het midden van de kamer en vond nog een handjevol haar. Hij raapte het op en deed de haren in een klein zakje aan de binnenkant van zijn mantel.
Wat een mooi beeld: God spaart een handvol. Maar dan bedenkt Ezechiël zich en grijpt nog een plukje uit de handvol haren en gooit die alsnog in het vuur. Ook van het overblijfsel gaat toch nog een deel verloren. Er zullen er immers ook in ballingschap nog mensen verloren gaan?
Niet alleen Ezechiël, maar ook Jesaja, Micha en andere profeten spraken herhaaldelijk over het ‘overblijfsel’. Wie een concordantie ter hand neemt en dit woord opzoekt, ziet in een oogopslag dat dit een belangrijk woord is. Lees bijvoorbeeld Jesaja 10: 20-22.
Overblijfsel der verkiezing
Hier raken we het onderwerp van Gods verkiezing. God heeft een overblijfsel der verkiezing. Hij zal uit louter genade een stukje, een rest van Israël bekeren.
Gods oordelen zijn ernstig, maar er is ook hoop. Er is hoop voor het volk Israël en hoop voor de wereld. God houdt een overblijfsel over. Zie ook de verzen 5: 10 en 6: 8.
Betekent het dat er maar weinig zalig worden? We lezen dat velen zijn geroepen en weinigen uitverkoren. Gods kudde is maar klein. Jesaja spreekt over een tiende deel en Jeremia heeft het over één uit een stad en twee uit een geslacht.
Hoe moeten we dat uitleggen? Ik weet het niet, maar God zegt in Zijn Woord dat wij moeten strijden om in te gaan!
---
Lezen en vragen
Lees Ezechiël 5: 1-4
1. Wat betekende het voor het volk om kaal geschoren te worden? Moest dat echt?
2. Welke scheermessen gebruikt de Heere vandaag?
3. ‘Als God de zonde zo ernstig neemt, mogen we wel haast maken’, hoorde ik zeggen. Is dat een goede toepassing van vers 3 en 4? Vergelijk Lukas 12: 23 en 24.
4. Als je tijd hebt, vergelijk de teksten: Jeremia 3: 14, Jesaja 6: 13, Romeinen 11: 5 en Jesaja 10: 20-22.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 mei 2011
Daniel | 36 Pagina's