Kindertransport naar Engeland
Vriendschap maakt Liverpool Street tot een bijzonder boek
Een roman zoals Liverpool Street is waarschijnlijk niet makkelijk te vinden. Ziska Mangold is een Duitse Jodin. Met de dreiging van Hitlers aangekondigde rassenzuivering is een verblijf in het Duitsland van de jaren dertig niet zonder gevaar. Hoe ziet het leven van Ziska er uit? En wat heeft Liverpool Streetstation ermee te maken?
Als je als kind leeft in een grimmige sfeer, omdat Joden op straat met de nek aangekeken worden, dan zijn je spelletjes niet meer ongedwongen. Ziska en haar vriendin Bekka hebben een kostbare schat: een kaart. Die kaart dragen ze in hun schoenen, maar het is niet nodig die tevoorschijn te halen, want hij zit ook in hun hoofd. Diverse markeringen geven aan waar ze zich in geval van nood kunnen verstoppen. Af en toe spelen ze dat ze achtervolgd worden en dan moeten ze zo snel mogelijk een verstopplek zien te vinden.
Transport
In 1938 wordt het voor Joden in Duitsland steeds gevaarlijker. Bekka’s ouders willen hun kinderen beschermen en geven ze op voor een kindertransport. Ziska’s ouders hebben tickets gekocht voor een overtocht naar Shanghai. Zover komt het echter niet. Op een avond wordt het gezin Mangold overvallen. Ziska vlucht naar haar kamertje en klimt op de vensterbank, een van haar vluchtroutes die ze met Bekka had geoefend. Ze springt en komt in de berk terecht. Een waagstuk, maar haar drang tot overleven is groot. Ze klimt omhoog en ontkomt zo aan de spiedende blik van de nazi.
Als blijkt dat haar vader niet zo makkelijk vrij komt, geeft haar moeder Ziska ook op voor een kindertransport. Ironisch genoeg mag Ziska wel mee, maar haar vriendin Bekka niet. Dat luidt het einde van hun vriendschap in, vooral als uit brieven blijkt dat Bekka aanpapt met Ziska’s moeder.
Londen
De eindbestemming van het transport is Liverpool Streetstation, Engeland. Door omstandigheden wordt Ziska niet opgehaald door adoptieouders: ze hebben zich bedacht. In Satterthwaite Hall worden de kinderen ondergebracht en met enige regelmaat komen echtparen langs om daar een kind uit te zoeken. Ziska wordt nooit gekozen en daarom besluit ze daar iets aan te doen. Tijdens haar ontsnappingspoging ontmoet ze dr. Shepard en zijn zoon Gary. Ze waren op zoek naar een jongen, maar liepen letterlijk Ziska tegen het lijf en besluiten haar in huis te nemen. De familie Shepard is Joods en neemt het Jodendom zeer serieus. “Want een geheim was en bleef het voor mij, hoe deze mensen konden vieren dat ze Joods waren. Waarvan ik geleerd had om het te verbergen, zelfs te haten, was in het huis van mijn pleegouders een bron van vreugde…” Hier leert Ziska alle rituelen van het Jodendom en voor de lezer is dat een leuk stukje informatie die je op een ongedwongen manier aangereikt krijgt.
Na een moeizame start vindt Ziska bij de familie Shepard een liefdevol huis, waarbij ze geholpen wordt door haar ‘broer’ Gary. Hij leert haar Engels en geeft haar ook een nieuwe naam. Francesca, Ziska, is in het Engels nauwelijks uit te spreken en daarom heet ze vanaf nu Frances. “Ik keek hem vol bewondering aan. Hij had gewoon de andere helft van mijn naam gepakt! Nu had ik een halve naam voor Duitsland en een halve voor Engeland.”
Dat Londen relatief veilig is, is voor Frances maar moeilijk te geloven. Ze is in het begin steeds op zoek naar verstopplekjes, maar dat blijkt niet nodig te zijn. Na verloop van tijd mag ze zich zelfs vrij bewegen op straat en daar maakt ze gretig gebruik van. Ze moet immers een baantje voor haar ouders zoeken, want zonder baan mogen ze Engeland niet in. Helaas heeft ze geen succes. Wat haar wel lukt, is dat ze haar pleegouders zover krijgt dat ze haar vriendin Rebekka mag schrijven met de vraag of ze naar Engeland komt. Het afscheid in Duitsland zit haar nog steeds niet lekker en eigenlijk verlangt ze naar haar vriendin. Per brief wordt de vriendschap hersteld. Bekka verlangt naar oorlog, omdat dat de Joden zou redden. En ze komt op 4 september 1939 naar Engeland, schrijft ze. Ze is nooit aangekomen en Frances wordt geëvacueerd.
Onder spanning
In Londen ontmoet ze ook Walter weer, die ze van het kindertransport kent. Door haar krijgt hij een baantje in de bioscoop van de familie Shepard. Films kijken is het enige vertier voor de kinderen die niet meer naar school kunnen. De meeste scholen zijn namelijk gevorderd door het leger.
Frances kan op een gegeven moment niet meer in Londen blijven, omdat het te gevaarlijk wordt. Ze wordt naar het platteland gestuurd.
Daar is ze erg ongelukkig. Ze mist haar pleegouders, maar wordt op de been gehouden door de brieven die ze van Walter en Gary krijgt. Als blijkt dat het op het platteland ook niet meer veilig is, besluit Frances terug te keren naar Londen. Ze vindt het moeilijk om daar haar draai weer te vinden, want inmiddels is Walter kind aan huis bij de familie Shepard – hij neemt voor haar gevoel haar plaatsje in – en dient Gary bij de marine. De relatie met haar pleegmoeder staat onder spanning, maar verandert als ze bericht krijgen dat Gary bij een aanval om het leven is gekomen. De Shepards hadden slechts één kind en koesteren dan ook hun band met Frances, die als een dochter voor hen is.
Bombardement
De oorlog vordert en lijkt op een einde te lopen. De brieven van haar moeder worden schaarser. Ze weet dat haar ouders naar Nederland zijn gegaan, maar daarna bleef elk levensteken uit. Vlak voor het einde van de oorlog wordt Frances getroffen door scherven tijdens een bombardement. Ze is er ernstig aan toe, maar ontwaakt na zes weken toch uit haar coma. Het is niet eenvoudig om de draad weer op te pakken en ze is dan ook behoorlijk opstandig, maar de Shepards hebben veel geduld. Dankzij hun onvoorwaardelijke liefde knapt Frances langzaam weer op.
Als het einde van de oorlog nadert, wordt voor Frances pijnlijk duidelijk dat ze in Engeland, bij de familie Shepard hoort. De worsteling die hiermee gepaard gaat, wordt prachtig beschreven. Je leeft je in in het perspectief van een kind, een tiener. Ze kiest voor Engeland, ook als ze hoort dat alleen haar moeder de oorlog heeft overleefd. Hun werelden liggen te ver uit elkaar.
Bovendien heeft ze zicht op een nieuw leven, want Walter heeft haar gevraagd zijn vrouw te worden. Zo breekt voorzichtig het geluk aan voor deze oorlogskinderen.
Indringend
Liverpool Street is een prachtige roman over een relatief onbekend thema: kindertransporten tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Duitse schrijfster Anne Voorhoeve is er in dit boek in geslaagd een goed uitgewerkte verhaallijn neer te zetten.
De belevenissen van Ziska-Frances zijn realistisch beschreven in ik-perspectief.
De woordkeuze maakt het lezen tot een feest. De vertaler heeft er een verhevenheid in gelegd die deze roman tot een pareltje maakt.
Ontheemd, van huis en haard verdreven, geen lid van de nieuwe gemeenschap, wordt indringend weergegeven: “Nu al mijn banden met Duitsland verbroken waren, zou ik plotseling dat zijn wat de nazi’s mij mijn hele leven ontzegd hadden: Duits!”
In alle verwarring en nieuwe indrukken vindt Ziska steun in de brieven van Bekka. Deze vriendschap maakt het boek tot iets bijzonders; het geeft Ziska kracht om door te gaan. Daarom begint en eindigt het verhaal met: “Een vriendin zoals Rebekka Liebich zou ik waarschijnlijk nooit meer vinden...”
Anne Voorhoeve, Liverpool Street (Kampen: Callenbach 2010) ISBN 9789077942437; 519 blz.; € 19,95.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 mei 2011
Daniel | 36 Pagina's