Levensgeluk van een tweeling
Is de God van Jakob jou ook al te sterk geworden?
Als nu deze jongens groot werden, werd Ezau een man, verstandig op de jacht, een veldman; maar Jakob werd een oprecht man, wonende in tenten. Genesis 25: 27
Ze werden groot. In enkele woordjes wordt veel gezegd. Soms kijken ouders met tranen in hun ogen naar een gezinsfoto. Toen waren ze nog klein, hoor je ze zuchten. Toen gingen ze nog mee naar de kerk.
Maar nu zijn ze groot en willen ze niet meer. Dat is erg, als je ouders dat van jou moeten zeggen!
Als nu deze jongens groot werden, werd Ezau een man, verstandig op de jacht, een veldman. Het lijkt zo’n eenvoudige mededeling over Ezau’s beroep: de sterke Ezau trok er op uit om te gaan jagen. Jakob bleef liever thuis en zorgde voor de kudde van zijn vader Izak. Ieder zijn interesse, ieder zijn talenten, ieder zijn beroep. Maar zo simpel ligt dat niet!
De Heilige Geest spreekt in onze tekst niet alleen over een beroepskeuze, maar over de levenskeuze van twee jongens. Laten we eens nauwkeurig lezen wat er staat.
Jakob werd een oprecht man. Oprecht betekent ‘godvrezend’, zoals Noach, Job, Timotheüs en Titus.
Laat Ezau later maar roepen dat Jakob een bedrieger is, de Heere zegt van hem dat hij oprecht is.
Oprecht verlangen
Jakob woonde in tenten. Dat zal Ezau ook gedaan hebben. Maar het staat er uitdrukkelijk van Jakob.
Dat ziet niet alleen op zijn woning, maar op zijn levenskeuze. Het wonen in tenten wordt in de brief aan de Hebreeën verklaard als een geloofszaak. Het laat zien dat het hart van de aartsvaders niet beneden in de wereld lag, maar boven bij de Heere. Ze waren gasten en vreemdelingen op de aarde en verwachtten een beter, dat is een hemels vaderland. Jakob was blij om in tenten te wonen, dichtbij zijn vader en moeder. Zijn hart trok naar zijn godvrezende ouders. Hij hoefde niet rijk en belangrijk te worden, als Hij de Heere maar tot zijn deel had. Zeker, daarvoor bewandelde hij later kromme wegen. Maar de begeerte was oprecht! Hij werd een oprecht man. Dat was hij dus niet altijd geweest. Hij werd het toen God in Zijn leven kwam en hartvernieuwende genade schonk. Vanaf dat moment was het Jakob om God te doen.
Is de God van Jakob jou ook al te sterk geworden? Heeft Hij je getrokken uit de macht van de zonde?
Dan is er in het hart een oprecht verlangen gekomen om de Heere te mogen kennen, dienen, liefhebben en vrezen.
Spanning
Wat steekt Ezaus leven schril af tegen dit leven van Jakob. Als eerstgeborene zou hij het bedrijf van zijn vader voortzetten. Maar in de tenten van zijn godvrezende ouders en zijn broer Jakob was het hem te benauwd. Ezau wilde eruit. Het veld trok hem aan; hij zocht de spanning van het jagen met alle gevaren die daarbij hoorden. De duivel in Ezaus hart joeg hem voort van avontuur naar avontuur. Dat hij ook een keer sterven moest? Hoor, hoe koud hij daarover spreekt als hij terugkomt van de jacht: Zie, ik ga sterven; en waartoe mij dan de eerstgeboorte? Is het je thuis ook te benauwd?
Vlucht je ook weg van de dienst des Heeren; kun je het thuis niet harden omdat Gods Woord daar de norm is? Bedenk toch: ‘Wie God verlaat, heeft smart op smart te vrezen’.
Hoe liep het met Ezau af? Heel slecht. Totaal verhard is hij de eeuwige rampzaligheid ingegaan. En Jakob? Door genade mag hij nu eeuwig zingen en Gods naam groot maken. Ben jij een Ezau of een Jakob?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 maart 2011
Daniel | 36 Pagina's