Alle macht!
Gods almacht is niet te begrijpen
‘Iemand die almachtig is, kan een steen maken die zo zwaar is dat hij deze zelf niet op kan tillen. Maar dan is hij niet almachtig meer, want hij kan die steen niet optillen’. Zo kunnen mensen filosoferen als ze met menselijke gedachten en woorden proberen aan te geven wat almacht betekent.
Zulke gedachten kunnen spottend worden gebruikt tegen God. Als een soort bewijs dat God niet almachtig kan zijn.
Daarbij komt de vraag hoe God nu almachtig kan zijn als Hij niet ingrijpt in de ellende die in de wereld plaats heeft. De aardbevingen en tsunami in Japan, moeders die hun baby’s vermoordden, die man die tientallen kinderen seksueel misbruikte in Amsterdam. Waarom gebruikt God Zijn almacht niet om deze ellende een halt toe te roepen?
De apostolische geloofsbelijdenis begint er al eeuwenlang mee: ‘Ik geloof in God de Vader, de Almachtige, Schepper van de hemel en de aarde’. Ook in Nicea sprak men over God als de Almachtige Vader.
En Athanasius noemt én de Vader én de Zoon én de Heilige Geest almachtig, niet als drie Almachtigen, maar als één Almachtige.
Je moet voorzichtig zijn om deze almacht van God te willen verklaren.
Gods macht wordt vaak aangeduid als een mededeelbare of overdraagbare eigenschap. Met andere woorden: als een eigenschap die mensen ook hebben en waar je je dan in een heel beperkte mate een voorstelling van kunt maken. Maar als je probeert Gods almacht te begrijpen, staat je verstand stil. De Nederlandse Geloofsbelijdenis zegt daarom in artikel 13 dat Zijn macht en Zijn goedheid zo groot en onbegrijpelijk zijn, dat je die maar niet nieuwsgierig moet onderzoeken. Of moet proberen om ze in een menselijke definitie vast te leggen.
Machtig om goed te doen
In plaats daarvan is het beter teksten uit Gods Woord op te gaan zoeken die over Zijn almacht gaan. Verschillende
keren spreekt de Bijbel over de almacht van God in ontmoetingen met de aartsvaders Abraham, Izak en Jakob. In Genesis 17 bijvoorbeeld: Als nu Abram negen en negentig jaren oud was, zo verscheen de HEERE aan Abram en zeide tot hem: Ik ben God de Almachtige; wandel voor Mijn aangezicht en zijt oprecht (vers 1). Hier troost en bemoedigt God Abram met de wetenschap dat Hij hem tegen alle kwaad kan bewaren en hem in dit leven op aarde volledig verzorgen wil.
In Genesis 28: 3 spreekt Izak zijn zoon Jakob toe met de woorden: En God almachtig zegene u, en make u vruchtbaar en vermenigvuldige u, dat gij tot een hoop volken wordt.
En in Exodus 6: 2 spreekt God tot Mozes: Ik ben Abraham, Izak en Jakob verschenen als God de Almachtige. Beide keren wijzen de kanttekenaren terug naar Genesis 17: 1, naar die God Die machtig is om goed te doen en Zijn beloften uit te voeren.
Oneindige bescherming
Ook vind je de almacht van God duidelijk terug in het werk van de schepping en de onderhouding daarvan. Welke aardse machthebber kan dingen scheppen uit het niets?
En wat te denken van de wedergeboorte, de herschepping? Paulus schrijft daarover aan de Efeziërs: En welke de uitnemende grootheid Zijner kracht is aan ons, die geloven, naar de sterkte Zijner macht. Die Hij gewrocht heeft in Christus […] en heeft alle dingen Zijn voeten onderworpen (1: 19-22).
Zoals je zag in de geloofsbelijdenis van Athanasius is Gods almacht ook de almacht van de Heere Jezus Christus. In Mattheüs 28: 16 en 17 lees je: En als zij Hem zagen, baden zij Hem aan; doch sommigen twijfelden. En Jezus bij hen komende sprak tot hen zeggende: Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde. En in Openbaring 1: Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde, zegt de Heere, Die is, en Die was, en Die komen zal, de Almachtige (vers 8).
De Heere Jezus heeft van Zijn hemelse Vader alle macht ontvangen om Zijn kerk op aarde te leiden en te regeren. Wat een oneindige bescherming mag je genieten als je de Heere Jezus kent als je persoonlijke Zaligmaker!
Machtig te vernederen
In Ruth 1: 20 en 21 wordt een ander aspect van Gods almacht belicht als Naómi tegen de mensen uit Bethlehem zegt: Noemt mij niet Naómi, noemt mij Mara, want de Almachtige heeft mij grote bitterheid aangedaan […] daar de HEERE tegen mij getuigd en de Almachtige mij kwaad aangedaan heeft.
Ook in het boek Job kom je God als Almachtige op deze manier vaak tegen: Zie, gelukzalig is de mens, denwelken God straft; daarom verwerp de kastijding des Almachtigen niet (5: 17). Want God heeft mijn hart week gemaakt, en de Almachtige heeft mij beroerd (23: 16). Gewisselijk zal God de ijdelheid niet verhoren, en de Almachtige zal die niet aanschouwen (35: 13). Job spreekt hier over God als Almachtige Die alles vermag te doen wat Hem behaagt. Hij is aan niemand rekenschap verschuldigd.
Ook Jesaja spreekt met andere woorden over deze almacht in hoofdstuk 45: Wee dien die met zijn Formeerder twist, gelijk een potscherf met aarden potscherven. Zal ook het leem tot zijn formeerder zeggen: Wat maakt gij? (vers 9; Romeinen 9: 20 en 21).
Ook Nebukadnézar moest belijden dat alle inwoners der aarde zijn als niets geacht, en Hij doet naar Zijn wil met het heir van de hemel en de inwoners van de aarde […] en Hij is machtig te vernederen degenen die in hoogmoed wandelen (Daniël 4: 35-37).
Betrouwbaar Woord
Dus Gods almacht spreekt aan de ene kant van Zijn scheppende en herscheppende macht, van Zijn bescherming en trouw om Zijn beloften tot uitvoer te brengen. Maar Gods almacht komt aan de andere kant ook tot uiting in onbegrepen wegen, zoals bij Job of bij Naómi.
Is dat dan willekeurig? Kunnen we soms wel, maar soms ook weer niet op Gods almacht hopen? Nee, zo willekeurig is het gelukkig niet.
In Jesaja 46: 10 spreekt God: Mijn raad zal bestaan en Ik zal al Mijn welbehagen doen. Zijn macht en almacht, of Zijn daden, zullen daarom altijd in overeenstemming zijn met Zijn raad en met Zijn Woord. À Brakel zegt daarover dat God Zijn macht nooit zal gebruiken tegen Zijn natuur en Zijn waarheid.
Hij raadt ons daarom aan om in je verlegenheid het Abraham na te zeggen: De Heere zal het voorzien.
Hij zal licht, leiding, troost in moeilijkheden en kracht tegen de zonde en gevaren geven, omdat Hij de Almachtige is.
God is niet na te rekenen. Maar Hij heeft wel Zijn betrouwbaar Woord gegeven dat spreekt van genade en vergeving. Dat kan omdat de Heere Jezus Christus al Zijn macht en heerlijkheid heeft willen afleggen ter wille van zondaren die machteloos dood waren door de misdaden en de zonden. Schuil dan met al je zondigheid en onmacht bij Hem! Die in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, die zal vernachten in de schaduw des Almachtigen (Psalm 91: 1). Daar ben je voor altijd veilig.
---
Macht en almacht
In het vragenboekje van ds. A. Hellenbroek gaat het onder andere over de eigenschappen van God. Hellenbroek schrijft over twee soorten eigenschappen. De onmededeelbare eigenschappen zijn eigenschappen die God met niemand deelt. De mededeelbare eigenschappen kunnen mensen ook een beetje hebben. Hellenbroek schrijft ook over Gods almacht.
Wat zijn de onmededeelbare eigenschappen van God?
De onafhankelijkheid, de eenvoudigheid, de eeuwigheid, de overaltegenwoordigheid en de onveranderlijkheid van God.
Wat zijn de mededeelbare eigenschappen van God?
Die worden meestal genoemd: Gods wetenschap, wil en macht, Zijn goedheid, genade, barmhartigheid en lankmoedigheid.
Wat is Gods macht voor soort macht?
Een almacht. Bij God zijn alle dingen mogelijk (Mattheüs 19: 20).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 maart 2011
Daniel | 36 Pagina's