JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Geef ons heden ons dagelijks brood

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Geef ons heden ons dagelijks brood

5 minuten leestijd

In 1 Koningen 3: 5b lees je dat de Heere aan Salomo vraagt: Begeer wat Ik u geven zal. Wat zou jij begeerd hebben als de Heere die vraag aan jou stelde? Wat is de inhoud van jouw gebed voor elke dag en wat zou dat eigenlijk moeten zijn?

Dat leert de Heere aan Zijn discipelen in de vierde bede van het allervolmaakste gebed. Let op: dat is niet het belangrijkste. Eerder in het gebed is aan het hart gelegd: Zoek eerst het Koninkrijk Gods. Dat is het allernoodzakelijkste. Maar ook in de praktijk van alledag mogen en moeten Gods kinderen alles van de Heere verwachten. Lere de Heere ook aan jullie iets van dat afhankelijke leven waar de vierde bede over spreekt.

Geef
Dat is geen woord dat een eis inhoudt, maar het is de stem van een bedelaar, die niets verdient. Toch kan hij niet zonder brood, want dan sterft hij van de honger. Daarom bedelt hij om onverdiend toch wat te krijgen.
Door onze diepe val en dagelijkse zonden verdienen wij niets meer.
Als de Heere ons allen zou laten sterven, dan zouden we ontvangen waar we door onze zonden om vragen. Daarom is alles wat we boven de dood krijgen, onverdiend. Heb jij dat al geleerd met je hart, door de werking van de Heilige Geest?
Dan wordt je gebed, ook voor de dingen van alledag, zoals kleding, voedsel, gezondheid, wijsheid op school, geld en goed, een bedelen: ‘Heere, ik verdien nog niet de minste kruimel brood, maar wilt U het mij onverdiend schenken?’
Daarbij is het een bedelen om alles te mogen ontvangen in Gods gunst.
Wij kunnen veel uit Gods linkerhand ontvangen, onder Zijn toelating.
Dat zal ons dan ‘vetmesten’ tot de dag waarop de eeuwige ‘slachting’ in de buitenste duisternis plaats heeft. Bij de ware bidder gaat het erom dat hij alle dingen voor de tijd in Gods gunst en onder Zijn zegen mag ontvangen. Hij begeert liever een eenvoudige maaltijd onder Gods zegen dan veel rijkdom die van de Heere afvoert. Wat begeer jij? Alleen de zegen van de Heere maakt – zelfs in armoede –waarlijk blij en rijk!

Ons
In het hele gebed staat niet één keer het woordje ‘ik’ of ‘mij.’ Ook hier zegt de door de Heere geleerde bidder: ‘ons’. Van nature is het altijd ‘ik’. Dat is onze val. ‘Ik’ wilde als God zijn. En alles draait altijd weer om ‘ik.’ Ik ben een hater van God en mijn naaste. Zelfs Simson, na het ontvangen van genade, zong na zijn overwinning: Ik heb duizend man geslagen.
Hoe leert de Heere Zijn kinderen nu bidden, ook als het gaat over alles wat nodig is voor de tijd? Door de liefde Gods die in hun hart is uitgestort bidden ze, in ware wederliefde, om de tijdelijke dingen, niet alleen voor zichzelf, maar ook voor hun naaste. Hoe bid jij? Alleen voor jezelf of mag je een lastdrager zijn voor de lichamelijke nood en zielennood van je naaste?

Heden
Dat is een moeilijk woord in het gebed. Wij zijn altijd maar bezig voor morgen en volgende week. We hebben wat een plannen en idealen voor de toekomst. Leven bij de dag en alles van de Heere verwachten, dat willen we niet.
En nu leert de Heere Zijn kinderen om niet bezorgd te zijn voor de dag van morgen, maar om dagelijks alles van Hem te verwachten. Het strekt tot Gods eer om zo elke dag kinderlijk afhankelijk te beginnen.
De Heere ziet Zijn volk zo graag elke dag aan Zijn voeten.
In dat licht wil ik ook wijzen op het inenten tegen allerlei kinderziekten en het verzekeringen op allerlei gebied. Leg dat inenten, dat verzekeren en het gebruiken van allerlei middelen die ons behoeden moeten, eens naast dat afhankelijke woord ‘heden.’ Kan dat samengaan? Op de Heere vertrouwen en mij toch op allerlei manier indekken en verzekeren? David zong met zijn hart: Welzalig hij die op U bouwt en zich geheel aan U vertrouwt. Leerden we dat al nazingen met het hart?

Ons
Dit woord is misschien wat onduidelijk. We hebben net gezien dat de bidder niets verdient. En nu bidt hij toch om te mogen ontvangen: ons, mijn brood. Heeft hij er dan toch recht op?
Let op wie er hier bidt. Hier is een kind van de Heeren aan het woord.
En voor dat kind heeft Christus als de hongerende en dorstende Borg alles – ook voor dit tijdelijke leven – verdient. En nu mag hier een kind des Heeren eenvoudig vragen om dat wat de Heere voor hem verdiend heeft. Zoals een kind aan tafel na het bidden een boterham krijgt waarvoor zijn vader gewerkt heeft, zo mag hier een kind des Heeren ootmoedig vragen om datgene dat voor hem verdiend is. Dan mag hij zeggen: ‘ons’ brood.
En je begrijpt: als een kind des Heeren mag overdenken wat het Christus gekost heeft om ook voor hem het aardse bezit te verwerven, dan zal hij daar niet in overdaad naar grijpen, maar er altijd eerbiedig om vragen en er als een eerlijke rentmeester mee omgaan.

Dagelijks
Dit komt overeen met het woord ‘heden’ en wijst nog een keer op het afhankelijk leven dat de Heere aangenaam is en van Zijn kinderen vraagt.

Brood
Dat is het laatste woord en houdt eigenlijk alles in wat nodig is voor dit tijdelijk, maatschappelijk leven.
En nu leert de Heere in deze bede om daar kinderlijk, afhankelijk om te vragen. Heb jij door wederbarende genade ook zo’n afhankelijk leven, elke dag opnieuw?
Tot slot vergeet niet: Zoek eerst het koninkrijk Gods! Haast je en spoed je om je levenswil!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2011

Daniel | 36 Pagina's

Geef ons heden ons dagelijks brood

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2011

Daniel | 36 Pagina's