Zomertijd
Nog een goede week, dan gaat de zomertijd weer in. De klok gaat een uur vooruit en het blijft ’s avonds langer licht. “De dagen worden langer,” zeggen we, hoewel dat natuurlijk feitelijk niet zo is.
Een dag houdt gewoon vierentwintig uur.
Heerlijk, die lange avonden. Je kunt ’s avonds nog van alles gaan doen. We weten met die ‘extra’ uurtjes wel raad.
Toch staan we er niet bij stil dat God juist de nacht als een zegen heeft gegeven. Het wordt niet voor niets donker. De nacht zegt ons: ‘Tijd om te stoppen met hollen en draven. Tijd om tot jezelf te komen. Tijd voor God.’
Lees maar eens in de Psalmen hoe daar over de nacht wordt gesproken. Bij nacht onderwijzen mij mijn nieren (Psalm 16); Gij hebt mijn hart beproefd,des nachts bezocht (Psalm 17); Des nachts ben ik Uw Naam gedachtig geweest (Psalm 119). Zomaar drie voorbeelden van de vele. En hoewel de Bijbel ook over de nacht spreekt als het tijdstip waarop dingen gebeuren die het daglicht niet kunnen verdragen, wordt het toch duidelijk waarom God de nacht maakte: voor rust en bezinning.
In onze tijd is het donker geen reden meer om te stoppen met werken. Bij kunstlicht kunnen we gewoon doorgaan. De meeste christenen zijn tegen een 24-uurs economie, maar ook in de kerk weten we onze dagen goed te vullen. ‘Werken zolang het dag is’ – of langer – klinkt heel ijverig. Of het ook altijd een goede ijver is…? Wat betekent hard werken als we geen tijd maken om stil te zijn en naar Gods Woord te luisteren? Die tijd is in alle opzichten het nuttigste van allemaal.
Het wordt weer zomertijd. Heerlijk, die lange dagen. Maar laten we de boodschap van de nacht niet vergeten!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2011
Daniel | 36 Pagina's