Leeswijzer
Eerbiedig
Hoe vaak bidden wij het Onze Vader?
Hopelijk heel vaak. De kerkvader Cyprianus motiveert dit prachtig: “Laten we bidden zoals God ons heeft geleerd.
God iets vragen met Zijn eigen woorden, Christus’ gebed laten opgaan naar Zijn oren: dat is een gebed dat Hij graag hoort, waarmee Hij vertrouwd is. Laat de Vader de woorden herkennen van Zijn eigen Zoon wanneer wij onze bede uitspreken.”
Twee boekjes van Tertullianus (ong. 160-230) en Cyprianus (ong. 200-258) zijn in het Nederlands vertaald. Verwacht geen gangbare uitleg van het Onze Vader, maar wel een heel verrassende. Zo zegt Tertullianus: “Als wij zeggen: Uw wil geschiede wensen wij onszelf iets goeds, alleen al doordat er in Gods wil niets slechts zit.” Tertullianus is heel fel en beknopt. Cyprianus bespreekt het gebed veel rustiger, met heel veel passende Bijbelcitaten.
Tertullianus en Cyprianus geven ook allerlei praktische aanbevelingen. Zo krijgen we een beeld over hoe in de vroege kerk werd gebeden. Staand, met de handen omhoog, het gebed afsluitend met ‘alleluja’ of met het gezamenlijk uitspreken van een psalm. En na het gebed een ‘vredeskus’.
Het gebed moest eerbiedig zijn. Daarom moesten alle meisjes en vrouwen een hoofddoek op. Overigens bidden ook de dieren, zegt Tertullianus. “Vogels die opvliegen gaan omhoog naar de hemel en spreiden bij wijze van handen het kruis van hun vleugels en zeggen iets wat lijkt op een gebed.”
Tertullianus en Cyprianus, Onze Vader, Vertaald en toegelicht door Vincent Hunink, ingeleid door Paul van Geest (Kampen: Kok 2010) ISBN 9789043518543; 127 blz.; € 11,50.
---
Origineel boekje
“Aan een schooljongen werd de vraag gesteld wat God voor iemand is. Zijn antwoord was dat, voor zover hij het kon zeggen, God zo iemand was die altijd loopt rond te gluren of er ook mensen zijn die plezier hebben en dan probeert daar een eind aan te maken.” De Britse schrijver C.S. Lewis was bang dat veel mensen dachten dat God zo was. De christelijke moraal is alleen maar vervelend. Daarom legt hij in Christelijk leven uit dat de Bijbel juist goede morele voorschriften geeft. Lewis bespreekt de vier klassieke, algemene deugden: voorzichtigheid, matigheid, rechtvaardigheid en dapperheid. En vervolgens ook de drie christelijke – ‘theologale’ – deugden: geloof, hoop en liefde.
Christelijk leven is een origineel boekje over christelijke moraal, met aansprekende voorbeelden.
Onkuisheid wordt bijvoorbeeld besproken door seksueel verlangen met eten te vergelijken. “Van je eten genieten is niets om je voor te schamen, maar het zou alleszins beschamend zijn als de mensen hun tijd doorbrachten met kwijlend en smakkend naar plaatjes van voedsel te kijken.” Dit voorbeeld laat direct zien dat seksueel verlangen snel ‘scheef groeit’ en dat daarom kuisheid zo belangrijk is.
We moeten proberen om deugdzaam te leven, maar dat lukt niet uit onszelf. Daarom zijn geloof, hoop en liefde nodig. Je vindt geen rust buiten God. Volgens Lewis heeft de mens een verlangen dat alleen God kan vervullen. “Schepselen komen niet met verlangens ter wereld zonder dat daarvoor bevrediging bestaat. Een baby ervaart honger; en kijk, er bestaat voedsel. Een klein eendje wil zwemmen; en kijk, er bestaat water.” Zo is er ook vervulling van dit verlangen mogelijk. Om Christus wil, uit genade.
C.S. Lewis, Christelijk leven (Kampen: Kok 2010) ISBN 9789043513562; 78 blz.; € 11,50.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2011
Daniel | 36 Pagina's