Jodenhaat groeit
Kerken voelden zich schuldig na de moord op zes miljoen Joden
Natuurlijk werden Joodse onderduikers in de oorlog geholpen. Dat staat in alle spannende boeken over de Tweede Wereldoorlog. Nou ja, er waren natuurlijk wel NSB’ers, maar zeker christenen staken de handen uit de mouwen. En iedere ‘echte’ refo is pro-Israël. Toch?
Wie in ‘Yad Vashem’, het Holocaustherdenkingscentrum in Jeruzalem, rondloopt, ziet opvallend veel Nederlandse namen. En een chef van de Duitse geheime politie Gestapo heeft tijdens de Tweede Wereldoorlog eens gezegd dat de gereformeerde kerken de grootste verzetsorganisatie van Nederland waren.
Maar lang niet iedere Nederlander was een Jodenvriend. In 1938 sloot de Nederlandse regering de grens voor Joodse immigranten. Ook al was toen al lang duidelijk dat Joden in Duitsland hun leven niet zeker waren, hier waren ze niet welkom.
Vervolgd
En de kerken? In tegenstelling tot wat de Gestapo-chef beweerde, waren verzetsdaden vooral individuele acties. De kerken reageerde nauwelijks en organiseerde zich al helemaal niet tegen de Nazi’s en voor de joden. Ook
ds. G.H. Kersten, de stichter van de SGP, maakte zich in 1938 sterk voor het sluiten van de Nederlandse grenzen.
Dat christenen kort voor de Tweede Wereldoorlog niet veel van Joden moesten hebben, was niets nieuws.
Want christenen moesten in de loop van de geschiedenis sowieso niet zoveel van Joden hebben. Integendeel. Aanvankelijk leek het erop dat het Jodendom het christendom zou uitroeien. De farizeeër Saulus zou bijvoorbeeld de zaakjes in Damascus wel eens even recht zetten. In de boeien en naar Jeruzalem met die christenen!
De Heere had echter andere plannen. Paulus werd één van de verspreiders van de Goede Boodschap. En terwijl het christendom in de eerste eeuwen groeide en zelfs enige tijd invloedrijk was in het Romeinse rijk, werd de positie van de Joden steeds benauwder. Weggejaagd uit Palestina, verstrooid, en vervolgd. Ook door christenen.
Vervloekt
Kerkvaders van de Vroege Kerk spraken alles behalve positief over Joden. Augustinus (354-430) noemde de Joodse religie bijvoorbeeld ‘achterhaald’. Hij stelde dat het Joodse volk door God verworpen was, en dat daarvoor in de plaats de kerk gekomen was.
Chrysostomos (349-407) ging nog een stapje verder. Hij beweerde dat Gods vergeving niet voor Joden kon gelden, en dat het zelfs een christenplicht was om Joden te haten.
Duizend jaar later deed Luther (1483-1546) ook een duit in het zakje. Hij noemde Joden “vervloekt” en “het niet waard de buitenkant van de Bijbel te zien.” “Een christen heeft naast de duivel geen giftiger, bitterder vijand dan een Jood,” schreef de reformator. Nu staat Luther erom bekend dat hij geen blad voor de mond nam, maar het gaat wel heel ver om op te roepen tot de “verwoesting van Joodse huizen en synagogen” en “verplichte slavenarbeid voor Joden”.
Zo’n vijfhonderd jaar later, in 1948, klonken Luther’s uitspraken bij de Neurenberger processen, waar belangrijke Nazi’s werden berecht. In navolging van hun leider Adolf Hitler haalden Nazi’s de reformator aan om hun standpunt te verdedigen. Zij hadden alleen maar uitgevoerd wat de kerk leerde...
Eigen schuld?
Waar kwam deze Jodenhaat – of antisemitisme – onder christenen vandaan? Zoals bij iedere theologische dwaling in de kerkgeschiedenis, werd ook dit idee verdedigd op grond van de Bijbel. Waren het niet de Joden geweest, die ontkenden dat Jezus de Christus en de Zoon van God was? Die de Messias onschuldig ter dood lieten veroordelen, en riepen: Zijn bloed kome over ons en over onze kinderen (Mattheüs 27: 25)? En had niet de Heere Jezus Zelf de Joden ‘kinderen van de duivel’ genoemd (Johannes 8: 44)? Zo werd het lijden van de Joden door de eeuwen heen gezien als een straf van God. Die straf hadden ze over zichzelf afgeroepen door Jezus te verwerpen.
Maar na de Tweede Wereldoorlog en de massamoord op zes miljoen Joden veranderde de houding van veel christenen. Al snel werd duidelijk welke gruwelen het Joodse volk waren aangedaan. De kerken voelden zich schuldig en veel christenen steunden dan ook de Joodse staat, die in 1948 gesticht werd. Een volk dat zo vreselijk vervolgd was, verdiende immers een eigen staat in het Beloofde Land.
Kibboets
Ook veranderden de theologische gedachten over het volk Israël. Er kwam meer aandacht voor Bijbelse hoofdstukken zoals Jesaja 43. Werd daarin niet voorspeld dat de Joden naar Palestina zouden terugkeren (vers 5 en 6)? In het Nieuwe Testament werd Gods evangelieboodschap uitgebreid tot de hele wereld, maar de Joden hielden wel een bijzondere plaats in Zijn heilsplan.
Ook praktisch kwam er uit de christelijke hoek veel steun voor het Joodse volk. Veel christelijke jongeren gingen in een kibboets meehelpen met de opbouw van het land.
Er ontstonden allerlei christelijke organisaties die Israël en de joden hielpen. En de hedendaagse SG P neemt een heel ander standpunt in dan vroeger.
Hedendaagse Jodenhaat
De laatste jaren verandert er iets in de houding van veel Nederlanders ten opzichte van Israël. Het CIDI , een instituut dat onder andere de ontwikkeling van de Jodenhaat in ons land bijhoudt, meldde in 2009 dat het aantal gemelde antisemitisme incidenten met 55 procent gestegen was ten opzichte van 2008.
Voor 2010 zijn de definitieve cijfers nog niet bekend, maar de trend lijkt zich door te zetten. Het Simon Wiesenthal Center meldde al dat in 2010 het aantal incidenten in Europa het hoogst was sinds de Tweede Wereldoorlog. En voormalig VVD-minister Bolkestein waarschuwde in december, dat er voor Joden weinig toekomst lijkt te zijn in Nederland.
Deze anti-Joodse gevoelens worden vooral gevoed door de het conflict tussen Joden en Palestijnen. In de eerste jaren na de oprichting van de staat Israël werden de Joden gezien als het kleine volkje dat met man en macht moest knokken om niet door de machtige Arabische landen in de Middellandse Zee te worden gejaagd. Nu komt Israël vaak in het nieuws als de onderdrukker van de Palestijnen.
De negatieve aandacht voor Israël wakkert vooral onder moslims het smeulende antisemitische vuurtje aan. In de geschiedenis zijn de Joden namelijk niet alleen door christenen verdrukt, maar ook door de volgelingen van Mohammed.
Veel hedendaagse moslims zien de Palestijnen als hun broeders. Deze broeders hebben recht op het land Israël, zo vinden ze. En dat “legitimeert” hun Jodenhaat.
Menswaardig
Maar ook onder christenen is het niet langer vanzelfsprekend om achter Israël te staan. Natuurlijk, er is nog altijd veel sympathie voor Joden, en Israël – het land van de Bijbel – doet menig hart sneller kloppen. Maar in het politieke conflict tussen Joden en Palestijnen nemen christenen minder makkelijk stelling in.
Misschien was die vanzelfsprekendheid ook wel onterecht. Geen enkel volk mag een ander volk verdrukken. Ook Palestijnen verdienen een menswaardig bestaan. Ook zij zijn mensen met een ziel.
Aan de andere kant: het aantal aanslagen is sinds de bouw van de muur tussen Joodse en Palestijnse gebieden sterk gedaald – volgens sommigen met wel 90 procent.
Er is geen makkelijke oplossing voor het Joods-Palestijnse conflict.
Veel Israëli’s erkennen zelf dat hun regering fouten maakt in de strijd tegen het terrorisme vanuit de Palestijnse gebieden. Maar het conflict tussen Joden en Palestijnen mag niet je houding ten opzichte van de Joden gaan bepalen. Want de Israëlische regering is niet hetzelfde als het Joodse volk, waarover de Bijbel spreekt.
Anders gezegd: de huidige politieke staat Israël hoeft niet de definitieve vervulling te zijn van Gods beloften voor het Joodse volk. Voor de toekomst van de kinderen van Abraham heeft de Bijbel veel grotere beloften. Daarom mag je bidden voor de vervulling van Gods eigen Woord.
---
In de actie ‘Wordt vervolgd’ wordt ook aandacht gegeven aan het werk onder het Joodse volk. Dat is bijzonder, zegt ds. C.J. Meeuse. Hij is voorzitter van het Deputaatschap voor Israël.
“Binnen onze gemeenten kwam in 1992 de aandacht voor Israël op wondere wijze van verschillende zijden. In de Particuliere Zuid was, mede door toedoen van ds. Zijderveld en ds. Van Stuijvenberg aandacht voor het Joodse volk. Het werd als een punt voor behandeling op de tafel van de Generale Synode gelegd. In de Particuliere Synode Zuid-West was het gelijktijdig aan de orde. Daarnaast vroeg ds. Boogaard er aandacht voor. Ook het zendingsdeputaatschap bracht het als een vraag naar de Generale Synode. Opmerkelijk dat het gelijktijdig zo breed leefde in onze gemeenten. In de begintijd van ons kerkverband vroeg ons kerkrecht veel aandacht; daarna de Theologische School. Toen verschillende zaken geordend waren, kwam er aandacht voor het zendingswerk. Het kon niet anders dan dat er bij die aandacht voor de zending ook aandacht kwam voor evangelieverkondiging onder het Joodse volk.
Door de actie ‘Wordt vervolgd’ worden jongeren ook betrokken bij de noodzaak en de plicht om het Joodse volk hun Messias te verkondigen. Ik hoop dat jongeren het ervaren zoals het deputaatschap het ervaart: Wat een voorrecht om hiervoor gebruikt te worden.”
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 januari 2011
Daniel | 40 Pagina's