Protest tegen bespotten van God
Mr. Van der Wilt: We mogen wel meer verontwaardigd zijn
Het kan niet grof genoeg. Op internet en in allerlei kranten wordt God bespot, gelovigen beledigd en de Bijbel zwart gemaakt. Godslastering is nu nog verboden, maar de politieke meerderheid wil daarvan af. De jonge advocaat Harmen van der Wilt deed er onderzoek naar.
Wat heb je gevonden in je onderzoek?
“Iedere jurist die er grondig onderzoek naar gedaan heeft, heeft geconcludeerd dat artikel 147 wel bestaansrecht heeft. Ook blijkt uit het onderzoek dat niet zozeer de vrijheid van meningsuiting maar de vrijheid van godsdienst onder druk staat. Kwetsende aanvallen op gelovigen en de God van gelovigen nemen toe. Deze aanvallen gaan soms heel ver. Nu moeten we niet te veel verwachten van zo’n artikel in het Wetboek van Strafrecht, maar het is onwenselijk om het juist nu te Protest tegen bespotten van Mr. Van der Wilt: We mogen wel meer verontwaardigd zijn schrappen. Er kan wel een signaal vanuit gaan. Het bezwaar tegen het artikel, zoals van Boris van der Ham van D66, is dat godslastering niet iets is voor het strafrecht. Het is iets wat je in het openbaar debat moet bespreken. Ga de discussie aan, zegt men dan in kranten, op tv en op internet. Maar in dit debat brengt een niet-religieuze meerderheid te vaak de eigen intolerante opvattingen in zo grof mogelijke bewoordingen naar voren Op die manier wordt de vrijheid van meningsuiting te veel opgerekt. Daarom moet juist de minderheid, die godsdienstige gevoelens heeft, beschermd worden.”
Maar er is toch discussie over godslastering?
“De meeste tegenstanders van het verbod blijken helemaal niet geïnteresseerd in juridische of principiële argumenten. Als je die argumenten naar voren brengt, gaan ze er niet op in of krijg je een ontwijkend antwoord. Artikel 147 gaat over het beschermen van de orde en het tegengaan van onrust in de samenleving. Dat hoort in de wet. Omdat het woordje God dan in de wet voorkomt, moet het artikel weg. PvdA-woordvoerder Heerts zei bijvoorbeeld: ‘Dat verbod moet eruit, is het niet linksom, dan wel rechtsom.’ In de Tweede Kamer hing een juichstemming toen het voorstel om het artikel te schrappen was aangenomen. Die vijandige houding is soms echt stuitend.”
Wat laat je onderzoek zien over onze samenleving?
“Het aantal kwetsende en haatzaaiende uitspraken neemt toe. Vooral op internet. Zoals bijvoorbeeld een columnist als Nico Dijkshoorn. Wat is het probleem van een ‘slapende bepaling’, zoals artikel 147? Het is een artikel dat al jaren helaas niet meer toegepast wordt. Vanwaar die kruistocht? Ik denk dat men af wil van alles wat met religie te maken heeft. Het is ook voorzegd in de Bijbel dat godslastering toeneemt in het laatste der dagen. In Openbaring wordt meerdere keren gesproken over godslastering, bijvoorbeeld in Openbaring 13. Dus het hoeft ons niet te verbazen.”
Hoe moeten we op godslastering reageren?
“Als het gaat om kritiek op christenen als groep, dan moeten we niet te lange tenen hebben. Ik denk dat de Bijbel een andere houding voorschrijft: keer je andere wang toe. In de wereld zult gij verdrukking hebben. Als je God belijdt in het openbaar kun je op weinig sympathie rekenen. Je moet niet zomaar een strafrechtelijke procedure willen beginnen. Het werkt vaak beter om één-op-één de ander aan het denken te zetten door te getuigen en te overtuigen. Als gaat om het lasteren van Gods Naam, dan moeten we wel in actie komen. Ik denk dat God dat van ons vraagt. Als Gods Naam op grove wijze wordt gelasterd, door Hem te bespotten, dan moeten we protesteren. Als laatste redmiddel kunnen we dan naar de rechter gaan. Ik vind dat we wel wat meer verontwaardigd mogen zijn. Er lijkt een zekere lauwheid te zijn. Zo van: dat is nu eenmaal zo en we kunnen er als minderheid toch niet veel aan doen. We moeten niet denken dat het veel oplevert, maar ik denk dat het onze plicht is om op zijn tijd in actie te komen.”
Wat kun je dan doen?
“Gewoon een mailtje sturen als je het ergens niet mee eens bent: waarom zegt u dit? Ik hoor eigenlijk weinig dat mensen echt verontwaardigd zijn, omdat iets godslasterlijk is. Als iedereen dat nu eens af en toe deed… Of bijvoorbeeld een artikel of een korte reactie sturen naar een niet-christelijke krant. Als we alleen in onze eigen bladen schrijven, laten we het debat over aan de niet-christelijke meerderheid in ons land.”
---
Artikel 147
Wetboek van Strafrecht
“Vrij vertaald staat hier dat als je op een smalende wijze een andermans God lastert en daardoor de godsdienstige gevoelens van gelovigen kwetst, je strafbaar bent. Smalend heeft in de geschiedenis van de rechtspraak de betekenis gekregen dat de verdachte willens en wetens de bedoeling moet hebben gehad om te lasteren. De dader zou bij wijze van spreken moeten toegeven: ja, dit heb ik gedaan om bewust te kwetsen. Dat is bijna nooit aan te tonen. Het gaat in artikel 147 niet om de bescherming van God, maar om de bescherming van mensen die gekwetst worden in hun godsdienstige gevoelens. Dit verbod heeft als doel om de openbare orde te beschermen. Mensen zouden zo gekwetst kunnen worden dat het tot maatschappelijk onrust leidt. Ook is het bedoeld om de vrijheid van godsdienst te beschermen.”
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 januari 2011
Daniel | 36 Pagina's